Uitvoeringsregeling Wob Financiën

De Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Financiën,
Gezien de Aanwijzingen inzake openbaarheid van bestuur en de daarbij behorende modelregeling (Stcrt. 1992, 84), zoals gewijzigd bij het besluit van de Minister-President van 23 januari 1998 (Stcrt. 1998, 28);

Hoofdstuk

I

Algemeen

Definities

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
de wet:

de Wet openbaarheid van bestuur (Stb. 1991, 703);

b.
de Minister:

de Minister van Financiën;

c.
informatiepunt:

een persoon of een plaats binnen het Ministerie en binnen de daaronder ressorterende instellingen, diensten of bedrijven, bij wie onderscheidenlijk waar informatie kan worden verkregen;

d.
gemachtigd ambtenaar:

een ambtenaar die door de Minister tot het beslissen over verzoeken om informatie is gemachtigd;

Centrale Directie Voorlichting:

de Centrale Directie Voorlichting van het Ministerie van Financiën;

f.
Centrale Directie Wetgeving, Juridische en Bestuurlijke Zaken:

de Centrale Directie Wetgeving, Juridische en Bestuurlijke Zaken van het Ministerie van Financiën;

g.
organisatieonderdelen van de Belastingdienst:

de organisatieonderdelen, bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003, en vermeld in het register bedoeld in paragraaf 2 van de onderhavige regeling;

Register

Artikel

2

Hoofdstuk

II

Bevoegdheden met betrekking tot verzoeken om informatie, andere dan die berust bij de Belastingdienst

Informatiepunt

Artikel

3

Het informatiepunt met betrekking tot verzoeken om informatie, andere dan die berust bij de Belastingdienst, is de Centrale Directie Voorlichting.

Gemachtigd ambtenaar

Artikel

4

Vaststelling van nadere regels

Artikel

5

Hoofdstuk

III

Bevoegdheden met betrekking tot verzoeken om informatie die berust bij de Belastingdienst

Informatiepunten

Artikel

6

Gemachtigde ambtenaren

Artikel

7

Indien een verzoek, als bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op de toepassing van bepalingen uit verdragen dan wel andere internationale regelingen op het gebied van de internationale wederzijdse bijstand bij de heffing en invordering van belastingen en douanerechten, wordt het voorgelegd aan het Directoraat-Generaal Belastingdienst.

Vaststelling van nadere regels

Artikel

8

Hoofdstuk

IV

Wijze van behandeling van informatieverzoeken

Algemeen

Behandelende instantie

Artikel

9

Doorgeleiding van informatieverzoeken naar de gemachtigde ambtenaar

Artikel

10

De informatiepunten en de andere behandelende ambtenaren bedoeld in artikel 9, tweede lid, leiden een verzoek om informatie door naar de desbetreffende gemachtigde ambtenaar indien zij:

  • a.

    van oordeel zijn dat het verzoek op grond van de bij of krachtens de wet gestelde regels niet of niet geheel kan worden ingewilligd, en op grond van artikel 5 van de Wet openbaarheid van bestuur een schriftelijke beslissing moet worden genomen;

  • b.

    weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden dat de geldende voorschriften ruimte laten voor verschillende uitleg over de vraag of een verzoek om informatie al dan niet behoort te worden ingewilligd;

  • c.

    weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden dat inwilliging of afwijzing van een verzoek om informatie belangrijke politieke, bestuurlijke of maatschappelijke gevolgen kan hebben.

Voorlegging van informatieverzoeken aan de Minister

Artikel

11

De gemachtigde ambtenaar legt een verzoek om informatie aan de Minister dan wel de Staatssecretaris voor, indien inwilliging of afwijzing daarvan belangrijke politieke, bestuurlijke of maatschappelijke gevolgen kan hebben. Over de afdoening van een verzoek van dien aard wordt overleg gepleegd met de Minister-President, de Minister van Algemene Zaken.

Overleg met andere Ministeries

Artikel

12

Aanvullende bepalingen voor de Belastingdienst

Samenwerking binnen de Belastingdienst

Artikel

13

Doorzending van stukken door de Belastingdienst aan het Ministerie

Artikel

14

Hoofdstuk

V

Informatie uit eigen beweging over adviezen

Artikel

16

De openbaarmaking van adviezen van niet-ambtelijke adviescommissies en het doen van mededeling daarvan in de Staatscourant geschieden door de zorg van de Secretaris-Generaal. Deze wordt daarbij ondersteund door de Centrale Directie Voorlichting.

Artikel

17

Adviezen, nota’s en rapporten die gezien hun omvang daarvoor in aanmerking komen, worden eventueel voorzien van een tevens voor openbaarmaking bestemde samenvatting.

Hoofdstuk

VI

Slotbepalingen

Artikel

18

De regeling van 20 mei 1992, Stcrt. 99, en de Regeling Wob-mandaat Belasting-dienst van 21 december 1993, Stcrt. 247, worden ingetrokken.

Artikel

19

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1999.

Artikel

20

Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling Wob Financiën.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en afschrift daarvan zal worden gezonden aan de Minister-President, de Minister van Algemene Zaken.

’s-Gravenhage
De Minister van FinanciënG.Zalm
De Staatssecretaris van Financiën, W.Vermeend