Artikel
I
Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Wijzigt de Woningwet.
Wijzigt de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing.
Wijzigt de onteigeningswet.
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
Ten aanzien van het nemen van besluiten op een aanvraag om:
vrijstelling ingevolge artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening,
aanlegvergunning,
bouwvergunning of
een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 77, eerste lid, onder 2°, van de onteigeningswet,
die is ingediend voor de datum van inwerkingtreding van de desbetreffende bepalingen van deze wet, blijft het recht zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing tot het tijdstip waarop het betrokken besluit onherroepelijk is geworden.
Ten aanzien van ambtshalve te nemen besluiten krachtens de Wet op de Ruimtelijke Ordening waarvan het ontwerp ter inzage is gelegd voor de datum van inwerkingtreding van de desbetreffende bepalingen van deze wet, blijft het recht zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing.
Ten aanzien van de mogelijkheid om bezwaar te maken of beroep in te stellen ingevolge artikel 2a, tiende lid, 4a, zevende lid, 9, tweede lid, of 36e, vierde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, zoals die bepalingen luidden voor de inwerkingtreding van deze wet, tegen een besluit dat voor die datum is bekendgemaakt, blijft het recht zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing.
Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wijzigingen in de praktijk.
De tekst van de Wet op de Ruimtelijke Ordening wordt in het Staatsblad geplaatst. Voor de plaatsing past Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer de aanduiding van de provinciale bestuursorganen aan aan die van de Provinciewet.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.