Artikel
1
De bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 3 van het Besluit Rijnvaartpolitiereglement 1995 zijn:
-
1.
De Minister van Verkeer en Waterstaat in de artikelen:
-
1.22, eerste lid, alleen voor wat betreft de in het derde lid bedoelde aangelegenheden;
-
-
2.
Het college van gedeputeerde staten van de provincie, waarin de inrichting voor het ontvangen van afval is gelegen, dan wel de beheerder van een havenontvangstinrichting in de artikelen:
-
3.
De Commissie van Deskundigen, bedoeld in artikel 2.01 van het Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995, in de artikelen:
-
4.
De hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Oost-Nederland, Zuid-Holland, Utrecht en Limburg, ieder voorzover het zijn ambtsgebied betreft, in de artikelen:
-
1.19;
-
1.20;
-
1.22, eerste lid, alleen voor wat betreft de in het tweede lid bedoelde aangelegenheden;
-
1.23;
-
3.28;
-
11.02, tweede en derde lid, onderdelen 3.4c, 3.5d en e, 3.6 en 3.7;
-
12.01, eerste lid, onderdeel h, tweede, vierde en zesde lid;
-
14.12, zesde lid, de onderdelen b en c, en zevende lid, onderdeel a;
-
5.
voor artikel 1.21, eerste lid: de hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat in wiens regio een bijzonder transport aanvangt, voor het totale gedeelte van de bij het rijk in beheer zijnde vaarweg of vaarwegen waarop dat bijzonder transport zal varen.
-
6.
De ambtenaren belast met de handhaving van het Rijnvaartpolitiereglement 1995 in de artikelen: