Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Zaanstreek-Waterland 2000

De Minister van Justitie,
Handelende in overeenstemming met de Ministers die het aangaat,
Gelezen het verzoek van de regiopolitie Zaanstreek-Waterland, Unit Ondersteunende Taken, d.d. 29 september 2000 en het daaropvolgende advies van de hoofdofficier van justitie te Haarlem dd. 18 oktober 2000;

Besluit:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 2.

Artikel

2

De ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 3, 1e lid, onder b, van de Politiewet 1993, werkzaam als medewerker centrale opvang bij de regiopolitie Zaanstreek-Waterland zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie van de staatscourant waarin het is geplaatst en vervalt 5 jaar na de datum van inwerkingtreding.

Artikel

8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Zaanstreek-Waterland 2000.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst en het Algemeen Politieblad.

Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze,
het hoofd van de afdeling Individuele Beleidsbeslissingen, wnd., H.Gerritse