Artikel
I
Wijzigt de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
Een besluit op grond van de artikelen 21, 24, 29, 88, 98, 100, 101 of 104 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, zoals deze artikelen luidden voor de inwerkingtreding van deze wet, alsmede een besluit op bezwaar tegen een dergelijk besluit, genomen voor de inwerkingtreding van deze wet, geldt als een besluit van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
In procedures en rechtsgedingen als bedoeld in de hoofdstukken 6, 7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht betreffende besluiten van een door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen ambtenaar op grond van de hoofdstukken II, VIII en IX van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van deze wet, treedt Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit op als partij.
Wijzigt de Veewet.
Wijzigt de Landbouwwet.
Wijzigt de Wet op de economische delicten.
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.