Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen;
het bevoegd gezag van één of meer scholen of instellingen waarop de Wet op het primair onderwijs of de Wet op de expertisecentra van toepassing is of het bevoegd gezag van één of meer scholen voor voortgezet onderwijs met declaratiebekostiging;
de gemeente die op basis van artikel 173, eerste lid van de Wet op het primair onderwijs, artikel 159, eerste lid van de Wet op de expertisecentra dan wel artikel 274, eerste lid van de Wet op het voortgezet onderwijs een specifieke uitkering ontvangt voor het onderwijs in allochtone levende talen;
een leraar die in het bezit is van een bevoegdheid tot het geven van onderwijs in een allochtone levende taal als cultuureducatie (buiten schooltijd) en niet in het bezit is van één van de aangewezen diploma’s, waarmee wordt aangetoond dat hij de Nederlandse taal in voldoende mate beheerst;
een set van activiteiten ten behoeve van een oalt-leraar, gericht op het vinden van en het zich kwalificeren voor een betrekking, niet zijnde een betrekking als onderwijsgevende, binnen of buiten het onderwijs.