Regeling beschikbare middelen verstrekkingen en vergoedingen Zfw 2003

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluit:

Hoofdstuk

I

Algemene bepaling

Artikel

1

Hoofdstuk

II

De vaststelling van de beschikbare middelen, van het macro-verstrekkingenbudget en van de onderverdeling daarvan in macro-deelbudgetten

Artikel

2

Artikel

3

Het macro-verstrekkingenbudget is onderverdeeld in de volgende macro-deelbudgetten:

  • a.

    het macro-deelbudget variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp ad € 5.810.000.000;

  • b.

    het macro-deelbudget vaste kosten van ziekenhuisverpleging ad € 3.022.600.000;

  • c.

    het macro-deelbudget kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen ad € 6.184.400.000.

Hoofdstuk

III

De verdeling van de macro-deelbudgetten en de vaststelling van het budget van en de uitkering aan een ziekenfonds

§

1

De verdeling van de macro-deelbudgetten

Artikel

4

Het College zorgverzekeringen verdeelt de in artikel 3 genoemde macro-deelbudgetten elk volgens de artikelen 5 tot en met 9 in deelbudgetten voor ieder ziekenfonds.

Artikel

5

Het College zorgverzekeringen verdeelt het macro-deelbudget variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp aan de hand van de verzekerdenaantallen naar leeftijd, geslacht, FKG's, verzekeringsgrond en regio. Het College zorgverzekeringen kent aan de genoemde criteria gewichten toe.

Artikel

6

Het College zorgverzekeringen verdeelt het macro-deelbudget vaste kosten van ziekenhuisverpleging op basis van de totale kosten van ziekenhuisverpleging, met uitzondering van de kosten van specialisten in loondienst, in het jaar 2001 per verzekerde per ziekenfonds.

Artikel

7

Het College zorgverzekeringen verdeelt het macro-deelbudget kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen aan de hand van de verzekerdenaantallen naar leeftijd, geslacht, FKG's, verzekeringsgrond en regio. Het College zorgverzekeringen kent aan de genoemde criteria gewichten toe.

Artikel

8

Bij de toepassing van de artikelen 5 tot en met 7 laat het College zorgverzekeringen bij de bepaling van het aantal ingeschreven verzekerden de inschrijving buiten beschouwing van verzekerden van wie de totale kosten van verstrekkingen en vergoedingen door het College zorgverzekeringen ingevolge artikel 18, eerste lid, onder a en b, ten laste van de Algemene Kas worden vergoed naar het werkelijke bedrag van die kosten. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing op inschrijvingen met terugwerkende kracht, voorzover het betreft de periode waarover die inschrijvingen terugwerken.

Artikel

9

§

2

De vaststelling van het budget van en de uitkering aan een ziekenfonds

Artikel

10

Hoofdstuk

IV

De herberekening van het budget van een ziekenfonds, de vaststelling van het herberekende budget en de nadere vaststelling van de uitkering aan een ziekenfonds

§

1

Uitgangspunten met betrekking tot de herberekening van het budget van een ziekenfonds

Artikel

11

§

2

De herberekening van het budget van een ziekenfonds per deelbudget

Artikel

12

Artikel

13

Artikel

14

Het College zorgverzekeringen past op het deelbudget kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen de hogekostenverevening toe, overeenkomstig artikel 15.

Artikel

15

Het College zorgverzekeringen past de hogekostenverevening, bedoeld in de artikelen 12, zesde lid, en 14, als volgt toe:

  • a.

    90% van de som van de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp van individuele verzekerden en de kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen van individuele verzekerden, voor zover deze kosten tezamen het bedrag van € 7.500 per verzekerde op jaarbasis overschrijden, wordt ten laste van een pool gebracht;

  • b.

    de ten laste van de pool te brengen kosten worden per verzekerde gesplitst in enerzijds variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp en anderzijds kosten van overige verstrekkingen en vergoedingen naar rato van de totalen van die beide kostensoorten van die verzekerde;

  • c.

    vervolgens worden de uitkomsten per kostensoort per ziekenfonds gesommeerd;

  • d.

    aan de ingevolge onderdeel c gesommeerde variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp wordt 50% van de ingevolge artikel 11, vijfde lid, als variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp aangemerkte kosten van het ziekenfonds toegevoegd;

  • e.

    voorts berekent het College zorgverzekeringen voor elk der beide kostensoorten het percentage dat voortvloeit uit de verhouding tussen de som van de ten laste van de pool gebrachte kosten van alle ziekenfondsen tezamen en de som van de herberekende deelbudgetten van alle ziekenfondsen tezamen, en past dat toe per deelbudget van een ziekenfonds;

  • f.

    de uitkomsten van onderdeel e worden ten gunste van de pool gebracht;

  • g.

    op basis van de uitkomsten van onderdeel c, na toepassing van onderdeel d en van onderdeel f, worden de genoemde deelbudgetten herberekend.

§

3

De vaststelling van het herberekende budget en de nadere vaststelling van de uitkering aan een ziekenfonds

Artikel

16

Hoofdstuk

V

Nadere bepaling met betrekking tot de hoofdstukken III en IV

Artikel

17

Waar het College zorgverzekeringen bij de vaststelling en de nadere vaststelling van het budget van het ziekenfonds gebruik maakt van historische gegevens, kan hij, indien die gegevens niet beschikbaar zijn, uitgaan van een andere basis.

Hoofdstuk

VI

Overige uitkeringen aan een ziekenfonds

Artikel

18

Artikel

19

Het College zorgverzekeringen kan ten laste van de Algemene Kas een uitkering verstrekken in verband met een substantieel of structureel verschil tussen kosten en budget dat rechtstreeks verband houdt met hogere kosten van verzekerden als gevolg van een naar het oordeel van het College zorgverzekeringen bijzondere geografische situatie of zeer uitzonderlijke omstandigheid.

Artikel 18, tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk

VII

Slotbepalingen

Artikel

20

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt, indien de dagtekening van de Staatscourant waarin de regeling is geplaatst, is gelegen na 22 oktober 2002 terug tot en met 24 oktober 2002.

Artikel

21

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beschikbare middelen verstrekkingen en vergoedingen Zfw 2003.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, A.J. deGeus