Instellingsbesluit Centrale Directie Personeelsmanagement Verkeer en Waterstaat

Instellingsbesluit Centrale Directie Personeelsmanagement Verkeer en Waterstaat

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

Er is een Centrale Directie Personeelsmanagement Verkeer en Waterstaat.

Artikel

2

De Centrale Directie Personeelsmanagement Verkeer en Waterstaat bestaat uit de volgende onderdelen:

  • a.

    het Programma Effectief Organiseren;

  • b.

    het Programma Goed Werkgeverschap;

  • c.

    het Programma Professionele V&W'er;

  • d.

    het Bureau Directeur;

  • e.

    het Bureau Personele Bedrijfsvoering en Toezicht.

Artikel

3

De Centrale Directie Personeelsmanagement heeft de volgende taken:

  • a.

    het ontwikkelen en het vernieuwen van het HRM-beleid in relatie tot de behoefte van het primaire proces en de maatschappelijke ontwikkelingen;

  • b.

    het adviseren van de secretaris-generaal Verkeer en Waterstaat, de plaatsvervangend secretaris-generaal Verkeer en Waterstaat en de bestuursraad over het HRM-beleid;

  • c.

    het verzorgen van de communicatie over en het bereiken van draagvlak voor de verschillende inhoudelijke V&W-brede P&O-thema's en het doen vaststellen van V&W-brede HRM-beleidskaders;

  • d.

    het adviseren van de departementsleiding inzake ontwikkelingen met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden, waaronder de nieuwe CAO;

  • e.

    het communiceren van het arbeidsvoorwaardenbeleid naar de medewerkers van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;

  • f.

    het zorgdragen voor effectieve monitoring en control van de V&W-brede HRM-beleidskaders.

Artikel

4

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juni 2003.

Dit besluit wordt in de Staatscourant geplaatst en zal in afschrift worden verzonden aan de Algemene Rekenkamer, de secretaris-generaal Verkeer en Waterstaat, de plaatsvervangend secretaris-generaal Verkeer en Waterstaat, de diensthoofden en de in dit besluit genoemde functionarissen.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, K.M.H. Peijs