Artikel
1
In deze verordening wordt verstaan onder Raad: Sociaal-Economische Raad.
Besluit:
In deze verordening wordt verstaan onder Raad: Sociaal-Economische Raad.
Indien een besluit van de Bestuurskamer niet unaniem is, wordt dat besluit genomen bij meerderheid van stemmen, waarbij binnen elk der geledingen de sternverhoudingen gelden zoals die voortvloeien uit de ledentallen in de Raad.
De Bestuurskamer wordt belast met de voorbereiding van door de Raad uit te brengen adviezen die de taken van de Raad als bestuursorgaan betreffen.
De Bestuurskamer is gemachtigd namens de Raad van advies te dienen:
over onderwerpen samenhangend met het tweede hoofdstuk van de Wet op de bedrijfsorganisatie;
over verzoeken om ontheffing als bedoeld in de artikelen 63d, tweede lid, 156 en 266 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Dergelijke adviezen van de Bestuurskamer worden voorbereid door de Subcommissie Ontheffingen Structuurwet.
De taken en bevoegdheden die op grond van de hieronder genoemde bepalingen uit de Wet op de bedrijfsorganisatie zijn toegekend aan de Raad worden, voorzover zij niet dienen te worden uitgeoefend bij verordening, gedelegeerd aan de Bestuurskamer:
De taken en bevoegdheden die op grond van de artikelen 5, 37, 38, 43 en 46 van de Wet op de ondernemingsraden zijn toegekend aan de Raad, worden gedelegeerd aan de Bestuurskamer.
De taken en bevoegdheden die op grond van de artikelen 10 en 11 van de Wet op de kamers van koophandel en fabrieken 1997 zijn toegekend aan de Raad, worden gedelegeerd aan de Bestuurskamer.
De taken en bevoegdheden die op grond van de Wet assurantiebemiddelingsbedrijf zijn toegekend aan de Raad worden, voorzover zij niet dienen te worden uitgeoefend bij verordening, gedelegeerd aan de Bestuurskamer.
De taken en bevoegdheden die in de artikelen 7, tweede lid, en 15 van de Vestigingswet Bedrijven 1954 zijn toegekend aan de Raad, worden gedelegeerd aan de Bestuurskamer.
De bevoegdheid tot het verlenen van goedkeuring aan besluiten als genoemd in artikel 46 van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 wordt gedelegeerd aan de Bestuurskamer.
Het Besluit instelling Bestuurskamer wordt ingetrokken.
De Delegatieverordening Bestuurskamer wordt ingetrokken.
Artikel 2 van het Algemeen machtigingsbesluit adviezen wordt ingetrokken.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst.
Deze verordening wordt aangehaald als: Instellingsverordening Bestuurskamer.