Beleidsregels van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 10 november 2004, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/KO/2004/71131, tot uitvoering van de Wet kinderopvang op het terrein van de kwaliteit van de kinderopvang (Beleidsregels kwaliteit kinderopvang)

Beleidsregels kwaliteit kinderopvang

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Besluit:

Paragraaf

1

Algemeen

Artikel

1

Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    wet: Wet kinderopvang;

  • b.

    dagopvang: kinderopvang, verzorgd door een kindercentrum voor kinderen tot de leeftijd waarop zij het basisonderwijs volgen;

  • c.

    buitenschoolse opvang: kinderopvang, verzorgd door een kindercentrum voor kinderen in de leeftijd dat zij naar het basisonderwijs kunnen gaan, waarbij opvang wordt geboden voor of na de dagelijkse schooltijd, evenals gedurende vrije dagen of middagen en in de schoolvakanties;

  • d.

    groep: een eenheid die bestaat uit een aantal kinderen met een of meer beroepskrachten;

  • e.

    stamgroep: een vaste groep kinderen in een passend ingerichte vaste groepsruimte;

  • f.

    risico-inventarisatie: de risico-inventarisatie, bedoeld in artikel 51 van de wet;

  • g.

    vraagouder: ouder die kinderopvang vraagt die geboden wordt door een gastouder;

  • h.

    innovatieve gastouderopvang: kinderopvang op grond van artikel 1 van het Tijdelijk besluit innovatieve kinderopvang.

Paragraaf

2

Kwaliteit kindercentra

Artikel

2

Pedagogisch beleidsplan

Artikel

3

Dagopvang

Artikel

4

Buitenschoolse opvang

Artikel

5

Verblijfruimten voor kinderen

Artikel

6

Slaapruimten voor kinderen

Een kindercentrum, waar dagopvang wordt geboden, beschikt voor kinderen tot de leeftijd van 1,5 jaar over op het aantal kinderen afgestemde afzonderlijke slaapruimte.

Artikel

7

Buitenspeelterrein

Artikel

8

Inhoud risico-inventarisatie

Artikel

9

Beroepskwalificatie personeel

Artikel

10

Verklaring omtrent het gedrag

Paragraaf

3

Kwaliteit gastouderbureaus en gastouderopvang

Artikel

11

Pedagogisch beleidsplan

Artikel

12

Risico-inventarisatie

Artikel

13

Huisbezoeken

Elke houder draagt zorg voor ten minste één huisbezoek per jaar in de woning waar gastouderopvang plaatsvindt door personen werkzaam bij het gastouderbureau. Indien door tussenkomst van een gastouderbureau innovatieve gastouderopvang plaatsvindt, is de eerste volzin van toepassing, met dien verstande dat voor ‘de woning waar gastouderopvang plaatsvindt’ wordt gelezen ‘het woonadres van de gastouder of vraagouder waar innovatieve gastouderopvang plaatsvindt’.

Artikel

14

Beroepskwalificatie personeel

Op personen werkzaam bij een gastouderbureau die belast zijn met het totstandbrengen en begeleiden van gastouderopvang is artikel 9, eerste lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel

15

Verklaring omtrent het gedrag

Personen werkzaam bij een gastouderbureau als bedoeld in de artikelen 56, derde lid, en 90, derde lid, van de wet zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet justitiële documentatie of afgegeven volgens de Wet op de justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag, voor zover zij als houder, als bestuurder, als hoofd gastouderbureau of als bemiddelingsmedewerker werkzaam krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Paragraaf

4

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

16

Overgangsbepalingen

Artikel

17

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dag van dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en geldt voor kalenderjaren die aanvangen op of na 1 januari 2005.

Artikel

18

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Beleidsregels kwaliteit kinderopvang.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,A.J. de Geus