Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 17 december 2004, nr. WJZ 4081091, houdende regels inzake de verstrekking van subsidies ten behoeve van de aanpak van bedrijflocaties waarop ernstige criminaliteit plaatsvindt (Subsidieregeling aanpak urgente bedrijfslocaties)

Subsidieregeling aanpak urgente bedrijfslocaties

De Staatssecretaris van Economische Zaken,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    project: een samenhangend geheel van activiteiten die tot doel hebben ernstige criminaliteit op een bedrijfslocatie met een kwart in drie jaar terug te dringen, in samenwerking met de ondernemers die op de betreffende bedrijfslocatie gevestigd zijn;

  • b.

    bedrijfslocatie: een bedrijventerrein of een winkelgebied.

Artikel

2

Artikel

3

Als projectkosten worden uitsluitend de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het project toe te rekenen, gemaakte en betaalde kosten in aanmerking genomen:

  • a.

    kosten die door opdrachtnemers aan de subsidieontvanger in rekening worden gebracht;

  • b.

    kosten van materialen, aangeschafte machines en apparatuur.

Artikel

4

§

2

Aanvraag en beslissing op de aanvraag

Artikel

5

Artikel

6

Binnen dertien weken na de laatste dag van de bij of krachtens artikel 4, eerste lid, vastgestelde periode, geeft de minister een beschikking omtrent in die periode ontvangen aanvragen om subsidie.

Artikel

7

De minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:

  • a.

    de aanvraag niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;

  • b.

    de bedrijfslocatie voorzien is van het Keurmerk Veilig Ondernemen;

  • c.

    niet blijkt dat op de bedrijfslocatie sprake is van ernstige criminaliteit;

  • d.

    hij de projectkosten raamt op minder dan € 25.000;

  • e.

    hij het onaannemelijk acht, dat het project binnen drie jaar kan worden voltooid;

  • f.

    gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren;

  • g.

    aannemelijk is, dat het project ook zonder subsidie zonder belangrijke vertraging zou worden uitgevoerd;

  • h.

    onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;

  • i.

    onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren.

Artikel

8

§

3

Verplichtingen van de subsidie-ontvanger

Artikel

9

De subsidie-ontvanger voert het project uit overeenkomstig het projectplan waarop de subsidieverlening betrekking heeft en voltooit het uiterlijk op het bij de verlening bepaalde tijdstip, behoudens voorafgaande schriftelijke ontheffing van de minister voor het vertragen, het essentieel wijzigen of het stopzetten van het project.

Artikel

10

Artikel

11

De subsidie-ontvanger brengt bij een aanvraag als bedoeld in artikel 13, eerste lid, aan de minister schriftelijk verslag uit omtrent de uitvoering van het project, met inbegrip van een vergelijking van die uitvoering met het projectplan en de bij de subsidieverlening vermelde raming van de projectkosten.

§

4

Voorschotten

Artikel

12

Artikel

13

Artikel

14

De minister kan afwijzend beschikken op een aanvraag om een voorschot, indien de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan ingevolge de subsidieverlening voor hem geldende verplichtingen.

§

5

Subsidievaststelling

Artikel

15

Artikel

16

De minister geeft de beschikking tot subsidievaststelling binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag daartoe dan wel nadat de voor het indienen ervan geldende termijn is verstreken.

§

6

Slotbepalingen

Artikel

17

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

18

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling aanpak urgente bedrijfslocaties.

Deze regeling wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij het Ministerie van Economische Zaken, Bezuidenhoutseweg 30, te Den Haag.

Den Haag
De Staatssecretaris van Economische Zaken, C.E.G. vanGennip

Bijlage

1

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Economische Zaken, te Den Haag.

Bijlage

2

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Economische Zaken, te Den Haag.

Bijlage

3

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Economische Zaken, te Den Haag.