Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering

Hoofdstuk

1

Algemeen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel

2

Leerlinggebonden budget en toelaatbaarheid

Een leerling komt in aanmerking voor een leerlinggebonden budget en is toelaatbaar tot een van de onderwijssoorten in cluster 2 of 3, dan wel tot cluster 4, in de zin van artikel 28c, eerste lid, van de wet indien wordt voldaan aan de criteria, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 11.

Hoofdstuk

2

Indicatiecriteria

Paragraaf

1

Cluster 2

Artikel

3

Indicatiecriteria dove kinderen

Artikel

4

Indicatiecriteria slechthorende kinderen

Artikel

5

Indicatiecriteria kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden

Artikel

6

Indicatiecriteria meervoudig gehandicapte kinderen cluster 2

Paragraaf

2

Cluster 3

Artikel

7

Indicatiecriteria zeer moeilijk lerende kinderen

Artikel

8

Indicatiecriteria lichamelijk gehandicapte kinderen

Een leerling is toelaatbaar tot het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs aan lichamelijk gehandicapte kinderen, onverminderd artikel 10, indien:

  • 1.

    Op basis van medisch en psychodiagnostisch onderzoek is vastgesteld een of meer stoornissen in structuur of in functie die gepaard gaan met stoornissen in de motorische functies en die leiden tot een ernstige belemmering om aan onderwijs deel te nemen;

  • 2.

    Sprake is van een ernstige structurele beperking in de onderwijsparticipatie die blijkt uit:

  • 3.

    De zorg vanuit het regulier onderwijs, bedoeld in artikel 13, onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning, bedoeld in artikel 13, deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.

Artikel

9

Indicatiecriteria langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap

Een leerling is toelaatbaar tot het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs aan langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap indien:

  • 1.

    Op basis van psychodiagnostisch en medisch onderzoek is vastgesteld:

    • a.

      een chronische somatische stoornis;

    • b.

      een chronische centrale of chronische perifere neurologische stoornis of

    • c.

      een chronische psychosomatische stoornis; die niet in hoofdzaak leiden tot een stoornis in motorische functies maar wel leiden tot een ernstige belemmering om aan onderwijs deel te nemen;

  • 2.

    Sprake is van een ernstige structurele beperking in de onderwijsparticipatie die blijkt uit:

  • 3.

    De zorg vanuit het regulier onderwijs als bedoeld in artikel 13 onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning, bedoeld in artikel 13 deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.

Artikel

10

Indicatiecriteria meervoudig gehandicapte kinderen cluster 3

Paragraaf

3

Cluster 4

Artikel

11

Indicatiecriteria cluster 4

Paragraaf

4

Overige bepalingen

Artikel

12

Beperkingen in de onderwijsparticipatie

Artikel

13

Zorg binnen regulier onderwijs en ondersteuning uit de zorgsector

Artikel

14

Samengaan van handicaps

Artikel

15

Beredeneerde afwijking

Artikel

16

Voorschriften voor het vaststellen van stoornis en beperking

Paragraaf

5

Herindicatie

Artikel

17

Herindicatie

Hoofdstuk

2A

Modelformulier en benodigde gegevens bij aanmelding

Artikel

19

Gegevens en verklaringen

Hoofdstuk

3

Slotbepalingen

Artikel

20

Bekendmaking

Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Gele Katern, voor wat betreft het model aanmeldingsformulier ook op www.cfi.nl en op www.lcti.nl en voor wat betreft de hoofdstukken 1, 2 en 3, onder gelijktijdige overlegging aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Van de bekendmaking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

Artikel

21

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt niet eerder in werking dan nadat vier weken zijn verstreken na het overleggen aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal en gedurende die termijn niet door of namens de Kamer de wens tot overleg over de regeling te kennen wordt gegeven dan wel met de Tweede Kamer overleg is gevoerd.

Artikel

23

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering.

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschap, M.J.A. van derHoeven

Bijlage

A

Aanmeldingsformulier

Aanmelding voor speciaal onderwijs of leerlinggebonden financiering

(voor eerste indicatie en voor herindicatie)

AANMELDINGSFORMULIER VOOR OUDERS

BESTEMD VOOR DE COMMISSIE VOOR DE INDICATIESTELLING VAN HET

REGIONAAL EXPERTISECENTRUM

Versie maart 2005

Wat zijn de gegevens van het kind dat wordt aangemeld?

Wat is de achternaam van het kind?

Wat zijn de voornamen van het kind?

Hoe wordt het kind thuis genoemd?

Is het kind een jongen of een meisje?

Wanneer is het kind geboren?

Wat is de woonplaats en de postcode van het kind?

Als het kind (nog) niet naar school gaat, waar is het dan overdag?

Als het kind op school zit, welke school is dat?

In welke groep of leerjaar zit het kind nu?

Naar wie moeten wij de post sturen over de aanmelding?

Ouder / verzorger 1

Ja / nee

naam en voorletters

straat en huisnummer

postcode en plaats

land

(telefoonnummer)

Ouder / verzorger 2

Ja / nee

naam en voorletters

straat en huisnummer

postcode en plaats

land

(telefoonnummer)

Voogd / ander

Ja / nee

naam en voorletters

straat en huisnummer

postcode en plaats

land

(telefoonnummer)

Waarom heeft het kind speciale hulp nodig op school?

Wat zijn de problemen?

Welke hulp heeft het kind al gekregen?

Is het kind al eerder aangemeld voor een indicatie?

Ja / nee

Zo ja: bij welke Commissie voor de Indicatiestelling?

Zo ja, gaat het om een herindicatie?

Wie doet de aanmelding en wanneer?

Datum aanmelding

Naam ouder 1 / voogd(es)

Handtekening ouder 1 / voogd(es)

Heeft ouder 1 / voogd(es) alleen het ouderlijk gezag over de leerling?

Ja / nee

Tekent ouder 1 / voogd(es) ook namens de andere ouder die ook het ouderlijk gezag over de leerling heeft?

Ja / nee

Als beide ouders tekenen:

Naam ouder 2 / voogd(es)

Handtekening ouder 2 / voogd(es)

De commissie voor de indicatiestelling heeft meer gegevens nodig om een beslissing te kunnen nemen. In bijlage 1 vindt u een overzicht.

Wilt u aankruisen van welke school het kind hulp nodig heeft?

Wilt u ook aankruisen welke gegevens u heeft en deze meesturen?

Bijlage 1

School voor

Noodzakelijke informatie

Dove kinderen (DV)

  • audiologisch onderzoek,

  • soms ook logopedisch en psychodiagnostisch onderzoek

Kinderen die doof zijn en een verstandelijke handicap hebben (DV-MG)

  • audiologisch en psychodiagnostisch onderzoek

  • soms ook logopedisch onderzoek

Slechthorende kinderen (SH)

  • audiologisch onderzoek

  • soms ook logopedisch of psychodiagnostisch onderzoek

  • onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

Kinderen die slechthorend zijn en een verstandelijke handicap hebben (SH-MG)

  • audiologisch en psychodiagnostisch onderzoek

  • soms ook logopedisch onderzoek

Kinderen met ernstige spraak en / of taalmoeilijkheden (ESM)

  • logopedisch en psychodiagnostisch onderzoek

  • soms ook audiologisch onderzoek

  • soms ook informatie over bijkomende stoornissen en beperkingen

  • onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

Kinderen met een verstandelijke handicap / die zeer moeilijk lerend zijn (ZMLK)

  • psychodiagnostisch onderzoek (gericht op intelligentie en soms sociale redzaamheid)

  • soms ook onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

  • of een medische verklaring dat er sprake is van het syndroom van Down

Kinderen met een zeer ernstige of diepe verstandelijke handicap (ZMLK-MG)

  • psychodiagnostisch onderzoek (gericht op intelligentie en zelfredzaamheid)

  • soms ook informatie over bijkomende (gedrags)stoornissen en beperkingen

Langdurig zieke kinderen (LZK)

  • medisch en psychodiagnostisch onderzoek (geen IQ-test noodzakelijk)

  • onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

  • effect van handelingsplannen van zorgverleners of gegevens over zelfredzaamheid

Lichamelijk gehandicapte kinderen (LG)

  • medisch en psychodiagnostisch onderzoek (geen IQ-test noodzakelijk)

  • onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

  • effect van handelingsplannen van zorgverleners of gegevens over zelfredzaamheid

Kinderen met een lichamelijke en een verstandelijke handicap (LG-MG)

  • medisch en psychodiagnostisch onderzoek (gericht op intelligentie)

  • gegevens over het verzuim (in onderwijskundig rapport of gegevens zorgverleners)

  • of gegevens over zelfredzaamheid

Kinderen met psychiatrische problemen en / of ernstige gedragsproblemen (cluster 4)

  • Psychodiagnostisch en/of psychiatrisch onderzoek

  • soms onderzoekgegevens van het maatschappelijk werk

  • gegevens uit de jeugdzorg en/of kinderpsychiatrie over de hulpverlening

  • onderwijskundig rapport (als de leerling naar school gaat) en eventueel gegevens uit de zorgsector

Kinderen met een stoornis uit het autisme spectrum

(Van welk cluster heeft het kind hulp nodig?)

voornamelijk taal- en communicatieproblemen: cluster 2

voornamelijk zeer vertraagde ontwikkeling: cluster 3

voornamelijk taalproblemen in combinatie met motorische problemen: cluster 3

voornamelijk gedrags- en communicatieproblemen: cluster 4