Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar bedoeld in artikel 2.
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar bedoeld in artikel 2.
De personen, werkzaam in de functie van milieu-opsporingsambtenaar in dienst van Dienst Stadstoezicht Amsterdam, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten die vallen binnen het domein II Milieu en Welzijn, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar.
De buitengewoon opsporingsambtenaar kan de in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 omschreven bevoegdheden uitoefenen en daarbij gebruikmaken van handboeien.
Op grond van dit besluit kunnen maximaal 40 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd.
De directeur van Dienst Stadstoezicht Amsterdam brengt jaarlijks, voor 1 april, over het jaar daaraan voorafgaand aan de Minister van Justitie verslag uit over:
het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was binnen de dienst;
de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd.
Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld in artikel 5 van dit besluit, alsmede aan het Ministerie van Justitie, dienst Justis, afd. IBB/BOA, Postbus 20300, 2500 EH Den Haag.
Het besluit buitengewoon opsporingsambtenaar reinigingsagenten van de Dienst Stadstoezicht Amsterdam 2000, nr. 5071250/DBZ/00, wordt ingetrokken.
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 18 oktober 2005, nr. 5381111/Justis/05, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 31 december 2005 en vervalt met ingang van 31 december 2010.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar milieu-opsporingsambtenaren van de Dienst Stadstoezicht Amsterdam 2005.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.