Verordening van het Hoofdbedrijfschap Ambachten van 9 november 2005 houdende regels terzake van de door het hoofdbedrijfschap aan de ondernemers die het natuursteenbedrijf uitoefenen op te leggen bestemmingsheffing voor het jaar 2006 (Verordening bestemmingsheffing natuursteenbedrijf 2006)

Verordening bestemmingsheffing natuursteenbedrijf 2006

Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Ambachten;
Gehoord de Commissie natuursteenbedrijf;

Besluit:

§

1

Begripsbepaling en toepassingsgebied

Artikel

1

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    de voorzitter: de voorzitter van het Hoofdbedrijfschap Ambachten;

  • b.

    de ondernemer: degene die een onderneming drijft, dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven;

  • c.

    de omzet: omzet behaald met de onderneming op de Nederlandse markt exclusief BTW;

  • d.

    het hoofdbedrijfschap: het Hoofdbedrijfschap Ambachten;

  • e.

    werkende: alle personen die in de onderneming werkzaam zijn, hetzij in dienstbetrekking, hetzij niet in dienstbetrekking en betrokken zijn bij zowel direct productieve werkzaamheden als niet-direct productieve werkzaamheden;

  • f.

    bestemmingsheffing: heffing die is gebaseerd op artikel 9, tweede lid, van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Ambachten.

Artikel

2

§

2

De heffingen

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

§

3

De vaststelling en oplegging van de heffing

Artikel

6

Artikel

7

De voorzitter stelt de heffingen vast op basis van de ingevolge artikel 6 vastgestelde grondslag.

§

4

De betaling van de heffing

Artikel

9

§

5

Vermindering van heffing

Artikel

10

Artikel

11

Indien er sprake is van zodanige omstandigheden dat betaling van de volledige heffing of betaling van welk bedrag dan ook in redelijkheid niet kan worden verlangd, kan de voorzitter op aanvraag van de ondernemer het heffingsbedrag verminderen.

Artikel

12

Artikel

13

Indien door het verstrekken van onjuiste of onvoldoende gegevens ten onrechte vermindering op grond van artikel 10 en 11 is verleend, trekt de voorzitter zijn beschikking op de aanvraag om vermindering in.

§

6

Overige bepalingen

Artikel

14

De bevoegdheid om de heffingen als bedoeld in artikel 3 en 4 op te leggen alsmede de bevoegdheid om de overige krachtens deze verordening te nemen besluiten te nemen, met uitzondering van het besluit voortvloeiende uit artikel 5, zesde lid, is gedelegeerd aan de voorzitter.

Artikel

15

Artikel

16

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel

17

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffing natuursteenbedrijf 2006.

Den Haag
P. Kalle voorzitter
J.W. Nelson secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 16 januari 2006 en door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij beschikking van 16 januari 2006, nr. AV/CAM/2006/2125.