Besluit van de Minister van Justitie van 8 november 2006, nr. 5452159/06/CBK, houdende de aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de UWV (Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar UWV 2007)
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar UWV 2007
De Minister van Justitie,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
Artikel
2
Maximaal 200 ambtenaren, werkzaam bij het UWV en belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel
3
De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein V Werk, Inkomen en Zorg van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld.
Artikel
4
1
Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie van het arrondissementsparket te Amsterdam.
2
Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Amsterdam-Amstelland.
De directeur van het directoraat Fraude Preventie en Opsporing van het UWV brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand, aan de Minister van Justitie verslag uit over:
a.
het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij het UWV;
b.
de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c.
de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen voor dat examen zijn geslaagd.
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 8 november 2006, nr. 5452159/06/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Artikel
10
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2007 en vervalt met ingang van 1 januari 2012.
Artikel
11
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar UWV 2007.
Dit besluit wordt in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad geplaatst.
Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze:
Hoofd Afdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken, R.R.Joesoef Djamil