Besluit van de Minister van Justitie van 27 februari 2007, nr. 5471254/07/CBK, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren van politie bij het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond (Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Rotterdam-Rijnmond 2007)

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Rotterdam-Rijnmond 2007

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar van politie bedoeld in artikel 2.

Artikel

2

De ambtenaren van politie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, van de Politiewet 1993, van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond, belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar van politie.

Artikel

3

Artikel

4

Op grond van dit besluit kunnen maximaal 1350 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

De korpschef van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond brengt jaarlijks, voor 1 april, over het jaar daaraan voorafgaand aan de toezichthouder en de Minister van Justitie verslag uit over:

  • a.

    het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

  • b.

    de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichtte activiteiten;

  • c.

    de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd;

  • d.

    het aantal klachten dat tegen buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend en de aard van die klachten.

Artikel

9

De op naam gestelde individuele akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden van de bij het regionaal politiekorps Rotterdam-Rijnmond in dienst zijnde buitengewoon opsporingsambtenaren, afgegeven op grond van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Rotterdam-Rijnmond 2002, worden voor de duur van hun geldigheid of tot daarover nader zal zijn beslist, geacht te zijn akten en overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van het onderhavige besluit.

Artikel

10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de 1 maart 2007 en vervalt met ingang van 1 maart 2012.

Artikel

11

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Rotterdam-Rijnmond 2007.

Dit besluit zal (met de toelichting) in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze:
de wnd. hoofd Afdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken, H.C.L.Vreugdenhil