Regeling van de Minister van Justitie en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 27 februari 2007, nr. 5471313/07, tot instelling van een centrale deskundigencommissie voor de beoordeling van gemelde gevallen van late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij pasgeborenen (Regeling centrale deskundigencommissie late zwangerschapsafbreking in een categorie 2-geval en levensbeëindiging bij pasgeborenen)

Regeling centrale deskundigencommissie late zwangerschapsafbreking in een categorie 2-geval en levensbeëindiging bij pasgeborenen

De Minister van Justitie en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluiten:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    commissie: de in artikel 2 genoemde commissie;

  • b.

    categorie 2-geval: ongeborene bij wie sprake is van aandoeningen die tot ernstige en niet te herstellen functiestoornissen leiden maar bij wie naar redelijke verwachting een beperkte kans op overleven bestaat;

  • c.

    de Minister: de Minister van Justitie;

  • d.

    de Staatssecretaris: de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Artikel

2

Er is een centrale deskundigencommissie die tot taak heeft het doen van voorstellen aan het College van procureurs-generaal voor de beoordeling van gemelde gevallen van late zwangerschapsafbreking in de categorie 2-gevallen of levensbeëindiging bij pasgeborenen, als bedoeld in de artikelen 1 en 2 van het Besluit van 17 december 1993, houdende vaststelling van een formulier, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Wet op de lijkbezorging (Stb. 688).

Artikel

3

De commissie beoordeelt de zorgvuldigheid van het handelen van de arts die een late zwangerschapsafbreking in een categorie 2-geval dan wel de levensbeëindiging bij een pasgeborene heeft uitgevoerd en informeert het College van procureurs-generaal over haar oordeel.

Artikel

4

Artikel

5

De voorzitter en de leden van een commissie alsmede de plaatsvervangende leden ontvangen vacatiegeld overeenkomstig het Vacatiegeldenbesluit 1988 (Stb. 1988, 205) alsmede een vergoeding voor de reis- en verblijfkosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenland (Stb. 1993, 144), voor zover niet uit anderen hoofde een vergoeding voor deze kosten wordt verleend uit ’s Rijks kas.

Artikel

6

De commissie stelt een reglement vast, waarin in ieder geval wordt geregeld:

  • a.

    de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden uitvoert;

  • b.

    de wijze waarop en de termijn waarbinnen de commissie de arts die de late zwangerschapsafbreking in een categorie 2-geval of de levensbeëindiging heeft uitgevoerd, over haar oordeel informeert;

  • c.

    de wijze waarop en de termijn waarbinnen de commissie het College van procureurs-generaal over haar oordeel informeert;

  • d.

    de gevallen waarin de arts wordt gehoord;

  • e.

    de wijze waarop de commissie verslag doet van haar werkzaamheden.

Artikel

8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling centrale deskundigencommissie late zwangerschapsafbreking in een categorie 2-geval en levensbeëindiging bij pasgeborenen.

De Minister van Justitie, E.M.H.Hirsch Ballin
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.Bussemaker