Besluit van de Minister van Justitie d.d. 1 mei 2007, nr. 5481554/07/CBK, houdende de aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de Voedsel en Waren Autoriteit (Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar VWA 2007)

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar VWA 2007

Artikel

2

Maximaal 400 personen werkzaam bij de Voedsel en Waren Autoriteit en belast met de opsporing van strafbare feiten zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel

3

De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu en Welzijn, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.

De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.

De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld.

Artikel

4

Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het Functioneel Parket.

Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Haaglanden.

Artikel

5

De Inspecteur-generaal Voedsel en Waren Autoriteit brengt jaarlijks vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand aan de Minister van Justitie verslag uit over:

  • a.

    het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij de Voedsel en Waren Autoriteit;

  • b.

    de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;

  • c.

    de stand van zaken met betrekking tot opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd.

Artikel

7

De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 1 mei 2007, nr. 5481554/07/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.

Artikel

8

Dit besluit treedt in werking met ingang van 8 juli 2007 en vervalt met ingang van 8 juli 2012.

Artikel

9

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar VWA 2007.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze:
hoofd Afdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken, L.A.M.Gielen