Artikel
1
Begripsbepalingen
1
Deze regeling vindt haar grondslag in artikel 6.10 van de Wet ruimtelijke ordening en de artikelen 6.3.1.5, eerste lid, 6.3.2.1, vierde lid, 6.3.4.1, vierde lid, en 6.3.5.1 van het Besluit ruimtelijke ordening.
2
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
a.
INTERREG IV: doelstelling 3 Europese Territoriale Samenwerking, die beoogt de samenwerking tussen regio’s over de landsgrenzen heen te versterken en daarmee de economische concurrentiekracht en de territoriale samenhang van de betreffende regio’s te vergroten als gedefinieerd in artikel 6, tweede en derde lid van de verordening (EG) nr. 1080/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2006 betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en tot intrekking van verordening (EG) nr. 1783/1999, (PBEG L 210);
-
b.
project: een planmatige activiteit in het kader van de INTERREG IVB programma’s Noordzee of Noordwest Europa of INTERREG IVC Interregionaal;
-
c.
projectvoorstel: voorstel met betrekking tot een project zoals dat is vastgelegd in het INTERREG IVB of IVC programma subsidieaanvraagformulier, Application Form;
-
d.
activiteiten: planmatige activiteiten uitgevoerd door de aanvrager van subsidie op grond van deze regeling vallend onder het project voor INTERREG IVB of IVC programma die het vigerend Nationaal Ruimtelijk Beleid zoals verwoord in de Nota Ruimte bevorderen;
-
e.
Nota Ruimte: de visie van het kabinet op de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland en de ruimtelijke bijdrage aan een sterke economie, een veilige en leefbare samenleving en een aantrekkelijk land.
-
f.
Lead Partner: trekker van een project;
-
g.
partner: deelnemer aan een project; en
-
h.
prioriteit: thema als gedefinieerd in het Operational Programme van het INTERREG IVB of IVC programma.