Artikel
1
Deze verordening verstaat onder:
|
a. |
productschap |
: |
Productschap Akkerbouw; |
|
b. |
bestuur |
: |
bestuur van het productschap; |
|
c. |
dagelijks bestuur |
: |
dagelijks bestuur van het productschap; |
|
d. |
voorzitter |
: |
voorzitter van het productschap; |
|
e. |
secretaris |
: |
secretaris van het productschap; |
|
f. |
commissie |
: |
Commissie Teeltaangelegenheden; |
|
g. |
ondernemer |
: |
de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het product schap is ingesteld; |
|
h. |
NAK |
: |
Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen, gevestigd te Emmeloord; |
|
i. |
keuringsdienst |
: |
NAK dan wel een tot het afgeven van certificaten of verklaringen van goedkeuring bevoegde dienst of instelling van een andere E.U.-lidstaat of van een derde land, waar het teeltmateriaal op grond van artikel 15 van Richtlijn nr. 66/403/EEG van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van pootaardappelen (PbEG no. 125) is erkend of toegelaten; |
|
j. |
aardappelen |
: |
planten van de soort Solanum Tuberosum; |
|
k. |
pootaardappelen |
: |
aardappelen, kennelijk bestemd voor wederuitplant; |
|
l. |
keuringsdienst |
: |
pootaardappelen voor eigen gebruik: pootaardappelen, afkomstig van en bestemd voor de teelt binnen de eigen/dezelfde onderneming; |
|
m. |
perceel |
: |
een ononderbroken oppervlakte grond, in eigendom of in gebruik bij een onderneming, waarop één soort gewas geteeld wordt; |
|
n. |
eigen/dezelfde onderneming |
: |
1. het geheel van de percelen voor de zetmeelaardappelteelt dat de ondernemer in het in de bijlage onder B aangewezen gebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert, 2. het geheel van de percelen voor de consumptieaardappelteelt dat de ondernemer op Nederlands grondgebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert; |
|
o. |
zetmeelaardappelteelt |
: |
1. aardappelteelt waarvan de geoogste knollen bestemd zijn om te worden verwerkt tot aardappelzetmeel met GN-code 11081300, 2. aardappelteelt waarvan de geoogste knollen bestemd zijn om te worden gebruikt als uitgangsmateriaal voor de onder 1 bedoelde teelt, met uitzondering van aardappelen die door de ondernemer bij de NAK zijn aangegeven. |