Artikel
1
1
In deze verordening en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:
-
a.
verordening (EG) 852/2004: verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake levensmiddelenhygiëne (PbEU L 139 en L 226, zoals eventueel later gewijzigd);
-
b.
verordening (EG) 853/2004: verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijk oorsprong (PbEU L 139 en L 226, zoals eventueel later gewijzigd);
-
c.
verordening (EG) 854/2004: verordening (EG) nr. 854/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke voorschriften voor de organisatie van de officiële controles van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong (PbEU L 139 en L 226, zoals eventueel later gewijzigd);
2
De vastgelegde definities in de verordeningen, bedoeld in het eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
3
Voor de doeleinden van deze verordening zijn daarnaast de volgende definities van toepassing:
|
a. |
Besluit van 3 juni 2003, houdende instelling van een productschap voor ondernemingen op het gebied van de visserij, de be- en verwerking van vis en de handel in vis en visproducten (Staatsblad 2003, 253); |
|
|
b. |
productschap: |
het Productschap Vis, als bedoeld in artikel 3 van het Instellingsbesluit Productschap Vis; |
|
c. |
bestuur: |
het bestuur van het productschap; |
|
d. |
voorzitter: |
de voorzitter van het productschap; |
|
e. |
verwatergebied: |
een productiegebied klasse A in zee, in een lagune of in een estuarium dat duidelijk is afgebakend en is aangegeven door boeien, palen of andere verankerde materialen en dat uitsluitend is bestemd voor de verwatering van levende tweekleppige weekdieren en is opgenomen in de lijst van erkende Nederlandse verwatergebieden in Bijlage III bij artikel 4 van de Verordening productiegebieden levende tweekleppige weekdieren 2006; |
|
f. |
basislijn: |
(nul-meter) lijn van de Nederlandse kust is de lijn die voorkomt op de meest recente grootschalige kaart van de Noordzee van de Dienst der Hydrografie en voortvloeit uit de Wet grenzen Nederlandse territoriale zee 1985; |
|
g. |
12-mijlszone: |
de maritieme grens (12 zeemijlen zeewaarts vanaf de basislijn) die voorkomt op de meest recente uitgave van de middelgroot- en grootschalige kaarten van de Noordzee van de Dienst der Hydrografie; te brengen in oppervlaktewateren; |
|
h. |
Nederlands Continentaal Plat (NCP): |
de grenzen van de exclusieve economische zone van Nederland, welke samenvallen met de grens van de territoriale zee van Nederland (12-mijlszone) en de grenzen van het aan Nederland toekomende gedeelte van het continentaal plat, als bedoeld in het Besluit grenzen Nederlandse exclusieve economische zone (Besluit van 13 maart 2000, Stb. 167); |
|
i. |
tweekleppige weekdieren: |
plaatkieuwige weekdieren behorende tot de Bivalvia, vroeger ook wel aangeduid als de Lamellibranchiata of de Pelecypoda; |
|
j. |
manteldieren: |
ongewervelde zeedieren behorende tot de Tunicata zoals Zakpijpen (Ascidiacea), Mantelvisjes (Appendiculiaria) en Salpen (Thalicacea); |
|
k. |
stekelhuidigen: |
stekelige ongewervelde zeedieren behorende tot de Echinodermata zoals Zeekomkommers, Zee-egels, Zeeappels en Zeesterren; |
|
l. |
mariene buik-potigen: |
weekdieren behorende tot de Gastropoda zoals Alikruiken, Wulken en Noordhoorns; |
|
m. |
partij: |
een groep of reeks identificeerbare producten die onder nagenoeg identieke omstandigheden via een bepaald proces zijn verkregen en binnen een bepaalde productieperiode op een bepaalde plaats zijn geproduceerd; |
|
n. |
verhandelen: |
het te koop aanbieden, uitstallen, verkopen, afleveren, voorhanden of in voorraad hebben van een partij tweekleppige weekdieren, manteldieren, stekelhuidigen of mariene buikpotigen; |
|
o. |
tarra: |
alles wat niet tot de tweekleppige weekdieren, manteldieren, stekelhuidigen of mariene buikpotigen behoort zoals losse schelpen, zeesterren, slikmosselen, slippers, pokken, kluiten modder, stenen, afval, dode of kapotte weekdieren en ongeschikt is voor verhandeling voor menselijke consumptie, alsmede alles wat vrijkomt of overblijft bij het schonen, bewerken of verwerken van de ontvangen partij tweekleppige weekdieren; |
4
De bepalingen in deze verordening voor tweekleppige weekdieren zijn van overeenkomstige toepassing op alle manteldieren, stekelhuidigen en mariene buikpotigen.
5
In hetgeen bij of krachtens formele wetgeving, zoals de Visserijwet 1963, de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet of de Warenwet, en Europese verordeningen is of wordt voorzien, wordt niet voorzien bij of krachtens deze verordening.