Regeling van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, houdende voorschriften inzake de beleidsvoorbereiding en de verantwoording van waterschappen (Regeling beleidsvoorbereiding en verantwoording waterschappen)

Regeling beleidsvoorbereiding en verantwoording waterschappen

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Economische Zaken;

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

§

2

Specificatie van de paragraaf betreffende het EMU-saldo

Artikel

2

§

3

Bijzondere voorschriften ten aanzien van de kostendragers, kosten- en opbrengstsoorten en balansposten

Artikel

3

Onder de in artikel 4.24, eerste lid, van het Besluit, genoemde kostendragers wordt verstaan:

§

4

Voorschriften ten aanzien van de uitvoeringsinformatie

Artikel

5

Voor de toepassing van de artikelen 8, tot en met 13 wordt verstaan onder:

  • a.

    immateriële vaste activa: activa die niet stoffelijk zijn en evenmin als financiële vaste activa kunnen worden aangemerkt;

  • b.

    materiële vaste activa: kapitaaluitgaven aan onderhanden werken en werken in exploitatie waar tegenover bezittingen staan die niet als financiële vaste activa kunnen worden aangemerkt;

  • c.

    financiële vaste activa: aan derden beschikbaar gestelde financiële middelen met een oorspronkelijke looptijd van één jaar en langer;

  • d.

    uitzettingen: beleggingen met een looptijd korter dan één jaar;

  • e.

    kortlopende vorderingen: vorderingen van het waterschap op en beschikbaar gestelde financiële middelen aan derden met een looptijd korter dan één jaar;

  • f.

    overlopende activa: vooruitbetaalde kosten die ten laste van toekomstige begrotingsjaren komen en nog te ontvangen bedragen inzake baten die ten gunste van voorgaande perioden zijn verantwoord;

  • g.

    algemene reserves: eigen kapitaal en andere delen van het eigen vermogen waaraan door het betreffende algemeen bestuur van het waterschap geen voorafgaande, specifieke bestemming is gegeven;

  • h.

    vaste schulden: schulden van het waterschap met een oorspronkelijke looptijd van één jaar of langer;

  • i.

    netto-vlottende schulden: vorderingen van derden op het waterschap met een looptijd korter dan één jaar, en

  • j.

    overlopende passiva: verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend jaar tot betaling komen.

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

In de staat van vaste schulden, bedoeld in artikel 4.71, eerste lid, onderdeel g, en artikel 4.72, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit worden de vaste schulden onderscheiden volgens de indeling van artikel 4.56, eerste lid, van het Besluit en worden van deze schulden de volgende gegevens vermeld:

  • a.

    restant boekwaarde aan het begin van het begrotingsjaar;

  • b.

    de mutaties in het begrotingsjaar, te onderscheiden in:

    • 1°.

      vermeerderingen;

    • 2°.

      verminderingen als gevolg van gewone aflossingen, en

    • 3°.

      verminderingen als gevolg van extra aflossingen;

  • c.

    restant boekwaarde aan het einde van het begrotingsjaar;

  • d.

    de aflossingsverplichting in het volgende begrotingsjaar, en

  • e.

    de gemiddelde rentevoet en resterende looptijd, die beide als gewogen gemiddelde worden berekend.

§

5

Bijzondere voorschriften ten aanzien van de informatieverstrekking aan derden

Artikel

12

Artikel

13

Artikel

14

§

6

Slotbepalingen

Artikel

15

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beleidsvoorbereiding en verantwoording waterschappen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, J.C.Huizinga-Heringa

Bijlage

1

OPBOUW EMU-SALDO (bedragen × € 1000,–)

1

EMU-exploitatiesaldo:

...............

2

Invloed investeringen (zie staat van vaste activa):

-/-

bruto-investeringsuitgaven

-/-

...............

+

investeringssubsidies

+

...............

+

verkoop van materiële en immateriële vaste activa

+

...............

+

afschrijvingen

+

...............

3

Invloed voorzieningen (zie staat van voorzieningen)

+

Toevoegingen aan voorzieningen t.l.v. exploitatie

+

...............

-/-

onttrekkingen aan voorzieningen t.b.v. exploitatie

-/-

...............

-/-

onttrekkingen rechtstreeks uit voorzieningen

-/-

...............

4

Deelnemingen en aandelen:

-/-

boekwinst

-/-

...............

+

boekverlies

+

...............

EMU-SALDO

...............

Bijlage

2

Onderdeel A

Kostensoorten

Wat betreft de kostensoorten luidt de indeling als volgt:

1 Rente en afschrijvingen

1.1

Externe rentelasten

1.2

Interne rentelasten

1.3

Afschrijvingen van activa

1.4

Afschrijvingen van boekverliezen

2 Personeelslasten

2.1

Salarissen huidig personeel en bestuurders

2.2

Sociale premies

2.3

Rechtstreekse uitkeringen huidig personeel en bestuur

2.4

Overige personeelslasten

2.5

Personeel van derden

2.6

Uitkeringen voormalig personeel en bestuurders

3 Goederen en diensten van derden

3.1

Duurzame gebruiksgoederen

3.2

Overige gebruiksgoederen en verbruiksgoederen

3.3

Energie

3.4

Huren en rechten

3.5

Leasebetalingen operational lease

3.6

Pachten en erfpachten

3.7

Verzekeringen

3.8

Belastingen

3.9

Onderhoud door derden

3.10

Overige diensten door derden

4 Bijdragen aan derden

4.1

Bijdragen aan bedrijven

4.2

Bijdragen aan overheden

4.3

Bijdragen aan overigen

5 Toevoegingen voorzieningen/

onvoorzien

5.1

Toevoegingen aan voorzieningen

5.2

Onvoorzien

Onderdeel B

Opbrengstsoorten

Wat betreft de opbrengstsoorten luidt de indeling als volgt:

1 Financiële baten

1.1

Externe rentebaten

1.2

Interne rentebaten

1.3

Dividenden en bonusuitkeringen

2 Personeelsbaten

2.1

Baten in verband met salarissen en sociale lasten

2.2

Uitlening van personeel

3 Goederen en diensten aan derden

3.1

Verkoop van grond

3.2

Verkoop van duurzame goederen

3.3

Verkoop van overige goederen

3.4

Opbrengst uit grond en water

3.5

Huuropbrengst uit overige eigendommen

3.6

Diensten voor derden

4 Bijdragen van derden

4.1

Bijdragen van overheden

4.2

Bijdragen van overigen

5 Waterschapsbelastingen

5.1

Opbrengst watersysteem- en wegenheffing gebouwd

5.2

Opbrengst watersysteem- en wegenheffing ingezetenen

5.3

Opbrengst watersysteem- en wegenheffing ongebouwd

5.4

Opbrengst watersysteem- en wegenheffing natuur

5.5

Opbrengst verontreinigingsheffing

5.6

Opbrengst zuiveringsheffing bedrijven

5.7

Opbrengst zuiveringsheffing huishoudens

6 Interne verrekeningen

6.1

Onttrekkingen aan voorzieningen

6.2

Geactiveerde lasten