Nieuwe Regeling stimuleringssubsidies 1 voor beeldend kunstenaars, vormgevers, beoefenaars van de bouwkunst en bemiddelaars

Regeling Stimuleringssubsidies 1

De Stichting fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst,

Besluit:

Hoofdstuk

I

Definities

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    het fonds: de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • b.

    het bestuur: het bestuur van de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • c.

    bevoegd adviesorgaan: de commissie stimuleringssubsidies, een subcommissie, een werkgroep of een speciale werkgroep, zoals bedoeld in het huishoudelijk reglement;

  • d.

    beeldende kunstenaar: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de beeldende kunsten en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • teken-, schilder- en grafische kunsten;

    • beeldhouwkunst;

    • niet-traditionele vormen van beeldende kunst;

    • fotografie;

    • audiovisuele en nieuwe media;

    • beeldende kunst-toepassingen;

    • kunst in de openbare ruimte

    • ambachtelijke kunsten.

  • e.

    vrije vormgever: die vormgever wier voornaamste werkzaamheden bestaan uit het produceren van vrij werk.

  • f.

    vormgever: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de vormgeving en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • keramiek

    • textiel;

    • glas;

    • sieraden;

    • mode;

    • grafische vormgeving;

    • meubels;

    • industriële vormgeving;

    • illustraties;

    • strips;

    • animatie;

    • theatervormgeving;

    • accessoires;

    • modefotografie.

  • g.

    beoefenaar van de bouwkunst: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de architectuur en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • stedenbouw;

    • architectuur;

    • interieur-architectuur;

    • tuin- en landschapsarchitectuur;

    • architectuurfotografie.

  • h.

    bemiddelaar: degene die professioneel werkzaam is zoals een curator, criticus, theoreticus of beschouwer, op het gebied van de beeldende kunsten, vormgeving of architectuur.

  • i.

    kunstenaar: beeldend kunstenaar, (vrije) vormgever of beoefenaar van de bouwkunst

  • j.

    startstipendium: een bijdrage aan het inkomen van een kunstenaar die aan het begin van zijn professionele loopbaan staat. Deze bijdrage wordt verleend voor twaalf maanden en heeft tot doel de aanvang van de professionele en artistieke ontwikkeling van de kunstenaar te bevorderen;

  • k.

    basisstipendium: een bijdrage aan het inkomen van een beeldend kunstenaar of vrije vormgever ter bevordering van de artistieke ontwikkeling.

  • l.

    standaard bijdrage werkbudget: een aan een kunstenaar of bemiddelaar verleende vaste bijdrage in de kosten van de uitvoering van een artistiek werkplan, dat hetzij in de tijd begrensd is, hetzij leidt tot een concreet resultaat of beide.

  • m.

    flexibele bijdrage werkbudget: een aan een kunstenaar of bemiddelaar verleende bijdrage in de kosten van de uitvoering van een artistiek werkplan, dat hetzij in de tijd begrensd is, hetzij leidt tot een concreet resultaat of beide.

  • n.

    bijdrage werkbudget: een standaard of flexibele bijdrage werkbudget;

  • o.

    studiebeurs: een aan een kunstenaar of bemiddelaar verleende bijdrage in de kosten van uitvoering van een gemotiveerd plan voor het volgen van een cursus of studie of andere door derden georganiseerde activiteiten ter verdieping of uitbreiding van diens professionele kennis;

  • p.

    praktijksubsidie: een bijdrage aan het inkomen van een vormgever of beoefenaar van de bouwkunst als tegemoetkoming in de reguliere kosten, die in verband met de beroepspraktijk moeten worden gemaakt.

  • q.

    subsidie: startstipendium, basisstipendium, bijdrage werkbudget, studiebeurs, dan wel praktijksubsidie.

  • r.

    belastbaar inkomen: het belastbaar inkomen bedoeld in de Wet op de inkomstenbelasting 2001 met inbegrip van het inkomensbestanddeel van de aangevraagde subsidie.

Hoofdstuk

II

Doel

Artikel

2

Ingevolge de doelstelling van de stichting, volgens de bepalingen vastgesteld in dit reglement, kan het bestuur op aanvraag stimuleringssubsidies aan kunstenaars en bemiddelaars verstrekken. Dit indien hun artistieke prestaties naar het oordeel van het bestuur, gehoord hebbende het bevoegd adviesorgaan, van belang zijn of bij een beginnend kunstenaar naar verwachting van belang zullen worden voor de hedendaagse beeldende kunsten, vormgeving of bouwkunst in Nederland. Afhankelijk van de aangevraagde subsidiesoort maakt het cultureel ondernemerschap in meerdere of mindere mate deel uit van de artistieke prestaties.

Hoofdstuk

III

Algemene werkingssfeer

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Aan de verstrekking van de subsidie kan het bestuur nadere voorwaarden verbinden terzake van de uitvoering van het plan, de presentatie van de resultaten, de verslaglegging en de afrekening van de subsidie.

Artikel

7

Geen subsidie kan worden verstrekt aan rechtspersonen, aan leden van het bestuur noch aan leden en plaatsvervangende leden van het bevoegd adviesorgaan.

Artikel

8

Subsidie kan slechts worden verstrekt voorzover de daartoe bestemde middelen van het Fonds toereikend zijn.

Hoofdstuk

IV

De subsidies

A

Startstipendium

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

B

Basisstipendium

Artikel

12

Artikel

13

Bij het basisstipendium wordt verstaan onder:

  • 1.

    Verlening: een beslissing van het bestuur, gehoord het bevoegd adviesorgaan, waarbij voor de aanvrager het recht ontstaat om, onder in deze regeling aangegeven voorwaarden, door middel van verstrekkingen gebruik te maken van een basissubsidie.

  • 2.

    Verstrekking: een op schriftelijk verzoek van de aanvrager uitbetaald deel van een basisstipendium.

  • 3.

    Periode: de tijd waarvoor op basis van een verlening een of meerdere verstrekkingen, al dan niet aansluitend, plaatsvinden.

  • 4.

    Restantbedrag: het bedrag dat nog resteert van het toegekende basissubsidie, na aftrek van reeds opgenomen verstrekkingen.

Artikel

14

Verlening

Artikel

15

Verstrekking

Artikel

16

Artikel

17

Artikel

18

Inhoudelijke toetsing

C

Bijdrage werkbudget

Artikel

19

Artikel

20

Standaardbijdrage werkbudget

Artikel

21

Flexibele bijdrage werkbudget

Artikel

22

Inhoudelijke beoordeling

D

Studiebeurs

Artikel

23

Artikel

24

E

Praktijksubsidie

Artikel

25

Artikel

26

Inhoudelijke beoordeling

Bij de beoordeling van een aanvraag voor een praktijksubsidie dient het bevoegd adviesorgaan te beoordelen of de artistieke prestaties van de aanvrager van belang zijn voor de hedendaagse vormgeving of bouwkunst.

In het oordeel over de artistieke prestaties wordt de kwaliteit van het werk en het cultureel ondernemerschap betrokken.

Hoofdstuk

V

Aanvraagprocedure

Artikel

27

Het bestuur maakt tenminste eenmaal per jaar informatie openbaar over de mogelijkheden tot het verkrijgen van een subsidie. Het bestuur vermeldt daarbij de voorwaarden, waaraan een aanvraag voor subsidie dient te voldoen.

Artikel

28

Artikel

29

Hoofdstuk

VI

Formele toetsing

Artikel

30

Hoofdstuk

VII

Beslissing

Artikel

31

Hoofdstuk

VIII

Bevoorschotting

Artikel

32

Hoofdstuk

IX

Verslaglegging en financiële verantwoording

Artikel

33

Hoofdstuk

X

Bezwaar

Artikel

34

Tegen een beslissing op grond van artikel 30, 31 en 32 is bezwaar mogelijk op grond van het huishoudelijk reglement.

Hoofdstuk

XI

Slot- en overgangsbepalingen

Artikel

34*

In gevallen waarin de wet, de statuten of dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.

Artikel

36

Het bestuur kan, gehoord het bevoegd adviesorgaan, gemotiveerd van dit reglement afwijken.

Artikel

37

Artikel

38

Deze regeling kan worden aangehaald als de Regeling Stimuleringssubsidies 1 en treedt op 1 januari 2009 in werking.

Deze regeling zal worden gepubliceerd in de Staatscourant.

De Stichting fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst