Besluit van 26 januari 2009, houdende nadere regeling van de rechtspositie van de vice-president van de Raad van State, de staatsraden, de president en overige leden van de Algemene Rekenkamer, alsmede van de Nationale ombudsman en de substituut-ombudsmannen (Besluit rechtspositie Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale ombudsman)

Besluit rechtspositie Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale ombudsman

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 18 december 2008, 2008-00000558625, directie Constitutionele Zaken en Wetgeving,
De Raad van State gehoord (advies van 7 januari 2009, nr. W04.08.0567/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 15 januari 2009, nr. 2009-0000011628;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

Artikel

2

Aan de vice-president van de Raad van State, de president van de Algemene Rekenkamer, de Nationale ombudsman, de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de leden van de Raad van State en de staatsraden, de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer en de substituut-ombudsmannen worden informatie- en communicatievoorzieningen en lectuur, daarbij inbegrepen de hiervoor benodigde aansluitingen en abonnementen, ter beschikking gesteld voor de duur van de vervulling van hun ambt.

Artikel

3

Artikel

3a

De vice-president van de Raad van State en de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, de leden van de Raad van State en de staatsraden, de president en de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer, de Nationale ombudsman en de substituut-ombudsmannen hebben recht op de vergoeding van gemaakte kosten voor verlies, diefstal of beschadiging van voor de dienstreis meegenomen noodzakelijke bagage tot ten hoogste het bedrag dat voor ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst is overeengekomen.

Artikel

4

Artikel

5

Aan de vice-president van de Raad van State, de president van de Algemene Rekenkamer, de Nationale ombudsman, de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de leden van de Raad van State en de staatsraden, de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer en de substituut-ombudsmannen worden de overige voorzieningen ter beschikking gesteld die noodzakelijk zijn voor het vervullen van hun ambt.

Artikel

6

Artikel

7

De vice-president van de Raad van State, de president van de Algemene Rekenkamer, de Nationale ombudsman, de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de leden van de Raad van State en de staatsraden, de overige leden in gewone dienst van de Algemene Rekenkamer en de substituut-ombudsmannen ontvangen een vergoeding voor de door hen gemaakte kosten van voorzieningen die niet voor hun eigen rekening komen en die aantoonbaar door hen zijn aangewend voor de vervulling van hun ambt.

Artikel

8

Artikel

9

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties treft voor de Nationale ombudsman en de substituut-ombudsmannen een voorziening voor bedrijfsgeneeskundige zorg.

Artikel

10

Wijzigt het Reisbesluit buitenland.

Artikel

11

De volgende besluiten worden ingetrokken:

Artikel

11a

Vervallen

Artikel

12

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, met dien verstande dat:

Artikel

13

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit rechtspositie Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale ombudsman.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, G. terHorst
De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin