Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw van d.d. 11 november 2008, houdende regels omtrent de reiniging van verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen (Verordening PT reiniging verpakkingen gewasbeschermingsmiddelen 2009)

Verordening PT reiniging verpakkingen gewasbeschermingsmiddelen 2009

Het bestuur van het Productschap Tuinbouw,
gehoord de Commissie voor bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen d.d. 30 september 2008;
gehoord de Commissie voor hovenierswerkzaamheden d.d. 2 oktober 2008;
gehoord de Commissie voor boomkwekerijproducten d.d. 9 oktober 2008;
gehoord de Commissie voor bloemkwekerijproducten d.d. 13 oktober 2008;
gehoord de Commissie voor groenten en fruit d.d. 28 oktober 2008.

Besluit:

§

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

§

2

Verplichtingen en verbodsbepalingen

Artikel

2

Artikel

3

§

3

Overige bepalingen

Artikel

4

Artikel

5

Het bepaalde bij of krachtens deze verordening, waarbij aan ondernemers verplichtingen worden opgelegd, is mede bindend voor andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig in ondernemingen, waarvoor het productschap is ingesteld, plegen te worden verricht.

Artikel

6

Indien de waarde van de goederen, met betrekking tot welke een overtreding is begaan, of de waarde van het wederrechtelijk genoten voordeel dat geheel of gedeeltelijk door middel van de overtreding is verkregen, hoger is dan € 135,-, kan een geldboete worden opgelegd van ten hoogste € 11.250,-.

§

4

Slotbepalingen

Artikel

8

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT reiniging verpakkingen gewasbeschermingsmiddelen 2009.

Zoetermeer
A. Bruggeman vice-voorzitter
J.M. Gerritsen secretaris

Bijlage

behorende bij de Verordening PT reiniging verpakkingen gewasbeschermingsmiddelen 2009

A. Voorschriften terzake van apparatuur en methode als bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid

  • 1.

    Mobiele apparatuur:

    • a.

      De spuitapparatuur, waarmede de gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast, dient te zijn voorzien van een spoeltrechter met spoelkop op of nabij de vloeistoftank, alsmede van een (demontabel) spanframe (open houder);

    • b.

      De spoeltrechter dient een diameter te hebben van tenminste 400 mm, ingeval deze rond van vorm is, c.q. dient zijden te hebben van tenminste 400 mm, ingeval deze rechthoekig van vorm is. De onderuitloop hiervan eindigt in de vloeistoftank of in de aanzuigleiding van de spuitpomp.

      Bij een gecombineerd gebruik van de spoeltrechter als vultrechter moet de doorlaat van de trechteruitloop een opening hebben van tenminste 40 mm, teneinde de afstort van het spuitpoeder probleemloos te kunnen verwerken.

    • c.

      De spoelkop van de spoelinstallatie dient tenminste 35 boringen te bevatten, zodanig verdeeld over de omtrek van de spoelkop, dat een totale spreidingshoek van 240° of meer wordt bereikt. Bij een waterdruk op de leiding voor de spoelkop van 5 bar. dient ca. 25 liter water per minuut door de boringen gelijkmatig verdeeld over de omtrek van de spoelkop te kunnen worden verspoten.

      De spoelkop is ongeveer centraal geplaatst in de spoeltrechter.

      De diameter van de spoelkop mag niet groter zijn dan 35 mm. De aanvoerleiding naar de spoelkop mag geen grotere buitendiameter hebben dan 16 mm. De aanvoerleiding naar de spoelkop dient te worden voorzien van een hand- of voetbediende afsluiter. De pompdruk ter plaatse van de spoelkop dient minimaal 3 bar. en maximaal 5 bar. te zijn.

  • 2.

    Centrale vulplaats:

    Ingeval voor het vullen van mobiele spuitapparatuur permanent gebruik gemaakt wordt van een centrale vulplaats, behoeft de mobiele spuitapparatuur niet te voldoen aan de in het eerste lid gestelde eisen, mits de centrale vulapparatuur voldoet aan die eisen en mits de mobiele spuitapparatuur uitsluitend met behulp van deze centrale vulapparatuur wordt gevuld.

  • 3.

    Typegoedkeuring:

    • a.

      apparatuur, die afwijkt van de hiervoor in het eerste lid gestelde eisen, dient te voldoen aan de specificaties die tijdens een typegoedkeuring zijn vastgesteld;

    • b.

      de typegoedkeuring zal uitsluitend worden verleend indien is vastgesteld dat de afwijkende apparatuur tenminste dezelfde goede werking heeft als de apparatuur die voldoet aan de hiervoor in het eerste lid gestelde eisen;

    • c.

      typegoedkeuring zal uitsluitend kunnen worden verleend door het IMAG te Wageningen.

4.

methode:

a.

verpakkingen, bestaande uit zakken, dienen te worden gespoeld met gebruikmaking van het spanframe dat is geplaatst om de opstekende spoelkop;

b.

andere verpakkingen dienen tijdens het spoelen met de opening naar beneden gericht te worden geplaatst over de opstekende spoelkop;

c.

er dient te worden gespoeld met schoon water, onvermengd met gewasbeschermingsmiddelen.

Bij een spoeldruk van 3 tot 5 bar. dient tenminste 30 seconden te worden gespoeld.

Het spoelwater mag uitsluitend in de vloeistoftank terechtkomen.

B. Voorschriften terzake van de methode bedoeld in artikel 2, vierde lid

De verpakking dient enkele malen te worden omgespoeld met schoon leidingwater, waarna het spoelwater in de vloeistoftank van de spuitapparatuur dient te worden gedeponeerd.