Besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 9 juli 2009, Nr. HO&S/CBV/193583, tot instelling van de commissie Taskforce Zeeland (Instellingsbesluit Taskforce Zeeland)
Instellingsbesluit Taskforce Zeeland
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Besluit:
Artikel
1
Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a.
minister: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
De commissie komt met adviezen over hoe de lokale onderwijspartijen, bedrijfsleven en lokale overheden gezamenlijk bestuurlijk en organisatorisch kunnen bijdragen aan een kwalitatief en kwantitatief voldoende en duurzaam onderwijsaanbod in de Zeeuwse regio en Zuidwest Nederland. Onderwijskwaliteit, toegankelijkheid/deelname mogelijkheden, doelmatigheid en de financiële bedrijfsvoering blijven hierbij voor langere termijn duurzaam op orde. Creatieve allianties binnen en buiten de provinciale grenzen zijn hierbij nadrukkelijk aan de orde.
3
De commissie komt met het oog daarop tot een goed onderbouwd inzicht in de sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen voor het VMBO/MBO, HO en WO in de regio, en hanteert hierbij ook de strategische documenten die vanuit de lokale partijen voorhanden zijn.
4
Geeft advies over de wijze waarop de lokale partijen kunnen komen tot de gewenste situatie.
5
Geeft een tijdpad en kostenraming t.a.v. de implementatie van de gewenste situatie.
6
Komt met een voorstel voor de realisering van de geschetste visie en wie daar als kartrekken kan acteren.
7
Komt met een voorstel hoe de lokale partijen duurzaam gecommitteerd worden en ook blijven bij de verwezenlijking van de aanbevelingen en adviezen.
Artikel
3
Instellingsduur
De commissie wordt ingesteld met ingang van heden en wordt uiterlijk opgeheven per 1 maart 2010.
Artikel
4
Informatieplicht
De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen.
Artikel
5
Leden
1
Tot leden van de commissie worden benoemd:
Mr. E. d’Hondt, voorzitter
Prof. dr. V. Frissen
drs. E.P.J. Lemkes-Straver
Ir. H. de Goeij
2
De commissie draagt zorg voor een eigen ondersteuning.
3
Ambtenaren van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Provincie Zeeland zijn toehoorder bij de commissie.
4
De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.
Artikel
6
Werkwijze
1
De commissie stelt haar eigen werkwijze vast binnen de kaders van dit instellingsbesluit.
2
De commissie of een deel van de commissie overlegt periodiek met de opdrachtgever en vertegenwoordigers van OCW.
Artikel
7
Rapportage
De commissie brengt uiterlijk 15 november 2009 een rapport uit met adviezen waaruit de lokale (onderwijs)bestuurders kunnen putten om hun bestuurlijke verantwoordelijkheid om er voor te zorgen dat er voldoende kwalitatief onderwijs in de regio is, gestand te doen
De vergoeding per vergadering van de voorzitter van de commissie bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding per vergadering die aan de andere leden van de commissie is toegekend.
De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:
a.
de kosten voor vergaderingen;
b.
de kosten voor het inschakelen van externe deskundigen;
c.
de kosten voor publicatie van de notitie.
Artikel
10
Verantwoording
De commissie biedt de minister een rapport aan waaruit blijkt dat zij aan haar taak zoals genoemd in artikel 2 heeft voldaan.
Artikel
11
Geheimhouding
Een ieder die betrokken is geweest bij de werkzaamheden van de commissie en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij deze werkzaamheden de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.
Artikel
12
Openbaarmaking
De notitie die door de commissie wordt vervaardigd wordt niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister en de Commissaris van de Koningin van Zeeland uitgebracht.
Artikel
13
Intellectuele eigendom
De leden van de commissie werken mee aan het tot stand komen van een overeenkomst indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is om te komen tot het kosteloos overdragen aan de minister van rechten met betrekking tot intellectueel eigendom.
Artikel
14
Archiefbescheiden
De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie Hoger Onderwijs en Studiefinanciering van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Artikel
15
Inwerkingtreding
1
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
2
Dit besluit vervalt met ingang van 1 maart 2010.
Artikel
16
Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Taskforce Zeeland.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H.A.Plasterk