Artikel
I
Wijzigt de Wet op het financieel toezicht.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet op het financieel toezicht.
Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 2 en het Burgerlijk Wetboek Boek 7.
Wijzigt de Wet inzake de geldtransactiekantoren.
Wijzigt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
Wijzigt de Wet op de economische delicten.
De Wet grensoverschrijdende betaaldiensten wordt ingetrokken.
Wijzigt de Wet handhaving consumentenbescherming.
Wijzigt de Sanctiewet 1977.
Op rechtspersonen die geen kredietinstelling zijn in de zin van artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht en die aantoonbaar in overeenstemming met die wet voor 25 december 2007 betaaldiensten verleenden, is het verbod, bedoeld in artikel 2:3a, eerste lid, van die wet tot 30 april 2011 niet van toepassing.
Het eerste lid laat onverlet dat de in het eerste lid bedoelde rechtspersonen een vergunning als bedoeld in artikel 2:3a van de Wet op het financieel toezicht kunnen aanvragen.
Onverminderd het eerste lid is het verbod, bedoeld in artikel 2:3a, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht niet van toepassing op financiële ondernemingen die voor 25 december 2007 overeenkomstig die wet betalingsverrichtingen uitvoerden en die voldoen aan de voorwaarden van artikel 24, eerste lid, eerste alinea, onderdeel e, van de richtlijn nr. 2006/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14 juni 2006 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (PbEU L 77).
Een in het derde lid bedoelde onderneming stelt de Nederlandsche Bank voor 25 december 2009 van deze werkzaamheden in kennis en toont daarbij aan dat wordt voldaan aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels.
Indien de Nederlandsche Bank ervan overtuigd is dat aan de in het vierde lid bedoelde regels is voldaan, wordt de financiële onderneming ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 1:107 van de Wet op het financieel toezicht.
In afwijking van artikel 537 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek kunnen een betaler en zijn betaaldienstverlener tot 1 januari 2012 een termijn van ten hoogste drie werkdagen overeenkomen. Deze termijn kan voor betalingstransacties die op papier worden geïnitieerd, met nogmaals een werkdag worden verlengd.
Wijzigt deze wet.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 november 2009. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 november 2009, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.