Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting

Hoofdstuk

I

Algemene bepalingen

Artikel

2

Uitbreiding partnerbegrip

Van een eindiging van de gezamenlijke huishouding tegen de wil van de betrokkenen in de zin van artikel 1a, achtste lid, van de wet is sprake bij:

  • a.

    opname in een verpleeghuis ten gevolge van dwingende medische redenen;

  • b.

    opname in een verzorgingshuis ten gevolge van dwingende medische redenen of ouderdom.

Hoofdstuk

II

Vrijstellingen

Artikel

4

Aangewezen mogendheid

Als mogendheid als bedoeld in artikel 32, eerste lid, onder 8°, onderdeel e, van de wet wordt aangewezen elke mogendheid waarmee in de relatie met Nederland voor de heffing van inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, schenk- en erfbelasting zonder beperkingen of voorbehouden de uitwisseling is geregeld van gegevens, inlichtingen en gegevensdragers.

Artikel

5

Schenking ter zake van de verwerving van een eigen woning

Een vrijstelling als bedoeld in artikel 33, onder 5°, van de wet voor een schenking ter zake van de verwerving van een eigen woning, wordt slechts verleend indien:

  • a.

    de schenking is gedaan onder de opschortende voorwaarde dat de begunstigde een eigen woning heeft verworven als bedoeld in artikel 3.111 van de Wet inkomstenbelasting 2001;

  • b.

    van de schenking een notariële akte is opgemaakt, waarin is opgenomen dat het geschonken bedrag bestemd is voor de verwerving van een eigen woning als bedoeld in onderdeel a, en

  • c.

    desgevraagd met schriftelijke bescheiden wordt aangetoond dat het bedrag van de schenking daadwerkelijk door de schenker is betaald en door de begunstigde is aangewend voor de verwerving van de in onderdeel a bedoelde woning.

Artikel

6

Schenking voor de betaling van kosten van een studie of de opleiding voor een beroep

Hoofdstuk

III

Bedrijfsopvolging

Artikel

7

Hetgeen tot een objectieve onderneming wordt gerekend

Artikel

8

In het kader van een bedrijfsoverdracht uitgegeven preferente aandelen

Artikel

9

Bezitsperiode voor het overlijden, onderscheidenlijk voor de schenking

Artikel

10

Voortzettingsperiode

Hoofdstuk

IV

Bijzondere bepalingen

Artikel

11

Uitbreiding aangifteplicht

De in artikel 73 van de wet bedoelde aangifte wordt ingediend bij de inspecteur en houdt in:

  • a.

    de naam, voornamen, laatste woonplaats en de dagtekening van het overlijden van de erflater;

  • b.

    een omschrijving van de goederen of bewijsstukken, de rechtsverhouding krachtens welke de aangever deze onder zich heeft, en de aanwijzing van hun bestemming.

Artikel

12

Opgave verzekeraar en uitvoerder derdebeding

Hoofdstuk

V

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

14

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2010.

Artikel

15

Citeertitel

Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën, J.C. deJager