Regeling van de Minister voor Wonen, Wijken en Integratie van 30 maart 2010, nr. BJZ2010008985, Directie Bestuurlijke en Juridische Zaken, houdende de stimulering van inburgering op de werkvloer (Tijdelijke stimuleringsregeling inburgering op de werkvloer)
Tijdelijke stimuleringsregeling inburgering op de werkvloer
degene jegens wie een ander krachtens arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke aanstelling gehouden is tot het verrichten van arbeid, of
2°.
degene in wiens opdracht een zelfstandige zonder personeel arbeid verricht;
f.
werknemer: de ander, bedoeld in onderdeel e, onder 1°.
Artikel
2
Deze regeling heeft tot doel de deelname van werknemers en zelfstandigen zonder personeel aan een duale inburgeringsvoorziening met werk of een taalkennisvoorziening te bevorderen.
Artikel
3
De minister kan subsidie verstrekken aan een werkgever voor activiteiten die de werkgever verricht voor en gedurende de deelname van zijn werknemer of de in zijn opdracht werkende zelfstandige zonder personeel aan de duale inburgeringsvoorziening met werk of de taalkennisvoorziening.
Artikel
4
De subsidie, bedoeld in artikel 3, bedraagt € 1.000,– per werknemer of zelfstandige zonder personeel tot een maximum van € 25.000,– per aanvrager.
Artikel
5
Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2010 € 7 miljoen.
Artikel
6
1
De aanvraag tot subsidievaststelling wordt door de werkgever ingediend bij het agentschap.
2
De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een bij het agentschap verkrijgbaar formulier.
3
Bij de aanvraag worden in ieder geval de volgende gegevens overgelegd:
a.
de naam en het adres van de aanvrager en het nummer waaronder de aanvrager is geregistreerd bij de kamer van koophandel en fabrieken;
b.
de naam, het adres, de geboortedatum en het burgerservicenummer van de werknemer of de zelfstandige zonder personeel op wie de aanvraag betrekking heeft;
c.
een omschrijving van de door de aanvrager te verrichten activiteiten die strekken tot:
1°.
het bevorderen van een duale inburgeringsvoorziening met werk, of
2°.
het bevorderen van een taalkennisvoorziening;
d.
een verklaring ondertekend door de aanvrager waaruit blijkt dat de werknemer of de zelfstandige zonder personeel op wie de aanvraag betrekking heeft op grond van een arbeidsovereenkomst, een publieke aanstelling of een opdracht gehouden is arbeid te verrichten voor de aanvrager ten minste gedurende de periode waarbinnen de duale inburgeringsvoorziening met werk of de taalkennisvoorziening wordt uitgevoerd;
schriftelijke toestemming van de werknemer of zelfstandige zonder personeel op wie de aanvraag betrekking heeft om bij de aanvraag de gegevens, bedoeld in onderdeel b, te verstrekken en de bescheiden, bedoeld in de onderdelen d en e, over te leggen.
4
Indien de werkgever zich voor de aanvraag tot subsidievaststelling laat vertegenwoordigen door een gemachtigde, legt de gemachtigde een schriftelijke machtiging bij die aanvraag over.
Artikel
7
1
Op de aanvragen tot subsidievaststelling wordt beslist in volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat, indien de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld als datum van ontvangst van de aanvraag geldt.
2
Indien toekenning van aanvragen die op dezelfde datum zijn binnengekomen, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond, wordt, in afwijking van het eerste lid, met betrekking tot die aanvragen de volgorde van ontvangst door loting vastgesteld.
3
Een aanvraag tot subsidievaststelling kan worden ingediend tot en met 31 oktober 2010.
Artikel
8
De minister beslist binnen zes weken op de aanvraag, bedoeld in artikel 6. De minister kan deze termijn verlengen met ten hoogste zes weken.
Artikel
9
1
Indien wordt voldaan aan de eisen gesteld bij of krachtens de ‘Verordening van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 15 december 2006 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de minimis-steun’ (PbEU 2006, L 379) dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving, legt de aanvrager bij de aanvraag tot subsidievaststelling een verklaring omtrent de minimis-steun over.
2
De verklaring omtrent de minimis-steun, bedoeld in het eerste lid, wordt opgesteld overeenkomstig het in de bijlage bij deze regeling opgenomen model.
3
De subsidievaststelling wordt geweigerd indien de werkgever een onderneming in Europeesrechtelijke zin is en niet is voldaan aan de eisen gesteld bij of krachtens de ‘Verordening van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 15 december 2006 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de minimissteun’ (PbEU 2006, L 379), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving.
Artikel
10
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 februari 2011.
Artikel
11
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling inburgering op de werkvloer.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage
De Minister voor Wonen, Wijken en Integratie, E. vanMiddelkoop
Bijlage
Modelverklaring de minimis-steun
Verklaring in het kader van het verlenen van de-minimis steunbedragen als bedoeld in de de-minimis verordening (PbEU 2006, L 379).
Aanbevolen wordt om voor het invullen van deze verklaring eerst de toelichting in de bijlage bij de modelverklaring te lezen.
Deze verklaring bestaat uit twee pagina’s. De bijlage bestaat uit drie pagina’s. Aanbevolen wordt om zorgvuldig te controleren of alle pagina’s aanwezig zijn.
Verklaring
Hierbij verklaart ondergetekende, dat aan de hierna genoemde onderneming, evenals aan het eventuele gehele moederconcern waartoe de onderneming behoort,
○
geen de-minimissteun is verleend.
–
Over de periode van het huidige belastingjaar en de twee voorgaande belastingjaren heeft uw onderneming niet eerder de-minimissteun ontvangen.
○
wel de-minimissteun is verleend maar voor andere kosten dan die waarvoor u nu steun vraagt.
–
Over de periode van het huidige belastingjaar en de twee voorgaande belastingjaren heeft uw onderneming eerder de-minimissteun ontvangen voor andere kosten tot een totaal bedrag van € ......
Indien deze optie op u van toepassing is dient u een kopie waaruit het verlenen van de steun blijkt mee te sturen.
○
wel de-minimissteun is verleend voor dezelfde kosten als die waarvoor u nu steun vraagt.
–
Over de periode van het huidige belastingjaar en de twee voorgaande belastingjaren heeft uw onderneming eerder de-minimissteun ontvangen voor dezelfde kosten tot een totaal bedrag van € ......
Indien deze optie op u van toepassing is dient u een kopie waaruit het verlenen van de steun blijkt mee te sturen.
○
eerder andere steun is verleend voor dezelfde kosten als die waarvoor u nu steun vraagt.
–
Voor dezelfde in aanmerking komende kosten is reeds staatssteun verleend tot een totaal bedrag van € ......
Deze staatssteun is verleend op grond van een vrijstellingsverordening, kaderregeling, beschikking of besluit van de Europese Commissie op ..........
Indien deze optie op u van toepassing is dient u een kopie waaruit het verlenen van de steun blijkt mee te sturen.
Aldus volledig en naar waarheid ingevuld door:
.....
(Bedrijfsnaam)
.....
(Inschrijfnummer KvK)
.....
(Naam functionaris en functie)
.....
(Adres onderneming)
.....
(Postcode en plaatsnaam)
.....
(datum) .....
(Handtekening)
Toelichting verklaring de-minimissteun
Deze toelichting dient als hulpmiddel bij het invullen van de de-minimisverklaring. Aan de toelichting kunnen geen rechten worden ontleend. De ‘Verordening betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de-minimissteun’ (PbEU 2006, L 379) is bepalend1Voor de sector van de primaire productie van landbouwproducten is Verordening. 1535/2007 van de Commissie van 20 december 2007 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op de-minimissteun in de landbouwproductiesector bepalend. Voor de sector visserij is het de-minimisplafond vastgesteld bij Verordening 875/2007 van 24 juli 2007 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op de-minimissteun in de visserijsector en tot wijziging van Verordening 1860/2004. .
1
De de-minimisverordening en staatssteun
Wanneer overheden2Een overheidsinstantie kan zowel de centrale overheid, de provincie, de gemeente of een waterschap betreffen. steun aan ondernemingen3Een onderneming in Europeesrechtelijke zin is een eenheid die een economische activiteit uitoefent. Een economische activiteit is het aanbieden van goederen en diensten op de markt. De rechtsvorm van deze eenheid of de wijze waarop zij wordt gefinancierd is hierbij niet van belang. Daarbij kunnen zowel privaatrechtelijke als publiekrechtelijke rechtspersonen een onderneming vormen. Dat er geen winstoogmerk is (zoals bij een stichting) is niet relevant. willen verlenen kan deze steun ervoor zorgen dat de concurrentieverhoudingen worden verstoord. Omdat dit ongunstig kan zijn voor het handelsverkeer stelt het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU) beperkingen aan de mogelijkheden om steun te geven (artikel 107 en 108 VWEU).
In de de-minimisverordening heeft de Europese Commissie verklaard dat steunmaatregelen (zoals subsidieverlening) tot een bepaalde drempel het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig beïnvloeden en de mededinging niet vervalsen en daarom niet beschouwd worden als staatssteun in de zin van het VWEU. Deze drempel is gesteld op een bedrag van € 200.000,– (€ 100.000,– voor ondernemingen in de sector wegvervoer). Voor de visserijsector geldt een drempel van € 30.000,–. Voor de landbouwproductiesector is de drempel gesteld op € 7.500,–. Dit bedrag geldt per onderneming over een periode van drie belastingjaren. Steun die genoemde drempelbedragen niet overschrijdt, wordt aangemerkt als ‘de-minimissteun’.
Deze verklaring is nodig voor de overheden om na te gaan of bij de steunverlening aan uw onderneming aan de eisen van de de-minimisverordening is voldaan. Door middel van deze verklaring geeft u aan dat met de huidige subsidieverlening aan uw onderneming de steundrempels niet worden overschreden.
2
Op wie is de regeling van toepassing
De de-minimisverordening kan gebruikt worden voor kleine, middelgrote of grote ondernemingen in alle sectoren in heel Nederland. De de-minimisverordening mag echter niet worden toegepast indien de steun in één van de volgende sectoren valt:
–
Steun aan ondernemingen die in moeilijkheden verkeren
–
Steun aan ondernemingen die actief zijn in de visserijsector
–
Steun aan ondernemingen die actief zijn in de kolenindustrie
–
Steun aan ondernemingen die landbouwproducten produceren.4Voor bedrijven die actief zijn op het gebied van verwerking en afzet van landbouwproducten geldt de de-minimisregeling alleen als:–de steun niet is vastgesteld op basis van de prijs of hoeveelheid van de landbouwproducten die van primaire producenten worden gekocht of die door de betrokken ondernemer op de markt worden gebracht of–wanneer de steun afhankelijk wordt gesteld van de verplichting deze steun geheel of ten dele aan primaire producenten door te geven.
–
Exportsteun of steun waarbij binnenlandse producten worden bevoordeeld ten opzichte van ingevoerde producten
–
Steun aan ondernemingen voor de aanschaf van vrachtwagens.
3
Toelichting bij de verklaring
Het formulier heeft betrekking op vier situaties:
–
uw onderneming, evenals het gehele eventuele moederconcern, heeft gedurende het huidige en de twee voorafgaande belastingjaren in het geheel geen de-minimissteun ontvangen,
–
uw onderneming, evenals het gehele eventuele moederconcern, heeft gedurende het lopende en de twee voorafgaande belastingjaren de-minimissteun ontvangen voor andere kosten dan waarvoor u op dit moment steun vraagt. Opgeteld bij het bedrag van de huidige subsidieverlening wordt echter het bedrag van € 200.000,– niet overschreden (respectievelijk € 100.000,–/ € 30.000,–/ € 7.500,–),
–
uw onderneming, evenals het gehele eventuele moederconcern, heeft gedurende het lopende en de twee voorafgaande belastingjaren de-minimissteun ontvangen voor dezelfde kosten als waarvoor u op dit moment steun vraagt, of
–
uw onderneming, evenals het gehele eventuele moederconcern, heeft voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige subsidie andere vormen van staatssteun ontvangen.
Een onderneming wordt als ‘zelfstandig’ beschouwd indien deze niet voor 25% of meer van het kapitaal of van de stemrechten in handen is van één onderneming of van verscheidene verbonden ondernemingen gezamenlijk.5Zie ook de Aanbeveling van de Europese Commissie van 6 mei 2003 PbEU L 124 van 20 mei 2003. Als uw onderneming niet als een zelfstandige onderneming kan worden aangemerkt dan dient voor de bepaling van de hoeveelheid ontvangen steun ook rekening te worden gehouden met de steun verstrekt aan het gehele moederconcern waartoe uw onderneming behoort.
Wat zijn andere vormen van steun
Mogelijk heeft uw onderneming voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige de-minimissteun reeds andere steun ontvangen. Hierbij kan gedacht worden aan steun die door de Europese Commissie is goedgekeurd of binnen het toepassingsgebied van een groepsvrijstellingsverordening valt.
Het totaalbedrag van deze staatssteun en de andere ontvangen staatssteun mag de maxima niet overschrijden die op basis van het relevante besluit van de Europese Commissie of groepsvrijstellingsverordening zijn toegestaan.
Als u twijfelt of bepaalde steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheid of uitvoeringsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen.
4
Invullen
Vul de vragen in die van toepassing zijn. Vul alle bedragen in euro’s in. Rond de bedragen af op hele euro’s.
Het is niet relevant in welke vorm of voor welk doel de steun is verleend. Evenmin is van belang of de steun wel of niet daadwerkelijk is uitbetaald. Alle bedragen die dienen te worden gebruikt bij het invullen van de verklaring, zijn brutobedragen vóór aftrek van belastingen. Behalve om subsidieverlening kan het daarbij gaan om leningen tegen gunstige voorwaarden, de verkoop van grond tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, vrijstellingen, verlagingen of kwijtschelding van directe of indirecte belastingen, garant- of borgstelling etcetera. Het gaat daarbij niet alleen om steun die u hebt ontvangen van het Rijk, maar ook om steun die u heeft ontvangen van andere overheidsinstanties. Europese subsidies dienen ook te worden meegerekend.
Het tijdstip waarop de steun aan uw onderneming wordt geacht verleend te zijn is het tijdstip waarop uw onderneming een wettelijke aanspraak op de steun verwerft. Dit betekent concreet de datum waarop voor uw onderneming de juridische aanspraak op het voordeel is ontstaan, zoals de beschikking tot subsidievaststelling of het aangaan van een lening of borgstelling).
5
Het bewaren van gegevens
De Europese Commissie kan onrechtmatige steun nog gedurende tien jaar na de verlening terugvorderen. De mogelijkheid bestaat dan ook dat de Europese Commissie naderhand bij (de) Nederland(se overheidsinstantie) nog informatie opvraagt over hoe de steun is besteed om na te kunnen gaan of er wellicht sprake is van onrechtmatige steun. De overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen kan – indien zij zelf niet over die informatie beschikt – in een dergelijk geval aan u vragen om documenten waarmee kan worden aangetoond dat de steun besteed is aan die activiteiten waarvoor deze is verleend. Het gaat daarbij dan om documenten die u op grond van de algemene administratie- en bewaarverplichting voor ondernemers moet bewaren.6Artikel 2:10, lid 1, BW (rechtspersonen) en artikel 3:15i BW (ondernemingen en vrije beroepsbeoefenaren).
Let op!
Het is belangrijk om zorgvuldig na te gaan of in uw geval de steundrempel niet wordt overschreden. Immers bij overschrijding van de drempel kan geen beroep meer worden gedaan op de de-minimis verordening. Handelen in strijd met de staatssteunregels uit het VWEU kan in het ergste geval leiden tot terugvordering van de verleende steun!
Uiteraard vult u alléén de rubriek(en) in die op uw situatie van toepassing is/zijn. Vergeet u vooral niet om de bijlage(n) bij te sluiten!