Wet overeenkomsten langs elektronische weg BES

Hoofdstuk

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    certificaat: een bevestiging, afkomstig van een derde, gericht aan de ontvanger van langs elektronische weg verzonden informatie, dat die informatie van een bepaalde natuurlijke persoon of rechtspersoon afkomstig is;

  • b.

    certificatiedienstverlener: de natuurlijke of rechtspersoon die certificaten afgeeft of andere diensten in verband met elektronische handtekeningen verleent;

  • c.

    commerciële communicatie: alle vormen van aanbieden en aanprijzen van zaken, diensten, bedrijven en personen, waaronder reclame en direct marketing, langs elektronische weg vanuit of gericht op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, direct of indirect gericht op het tot stand brengen van overeenkomsten;

  • d.

    cryptografie: technieken voor het versleutelen van elektronisch opgeslagen gegevens met het oogmerk dat die gegevens slechts door bepaalde personen te ontsleutelen zijn;

  • e.

    dienstenaanbieder: de natuurlijke of rechtspersoon die diensten aanbiedt strekkende tot het faciliteren van informatie langs elektronische weg;

  • f.

    informatie: alle vormen van data, tekst, beeld, geluid, codes, computerprogramma’s, software en databestanden;

  • g.

    langs elektronische weg: het overbrengen of opslaan van gegevens, die daartoe worden omgezet in reeksen elektronische, radio-elektrische, elektromagnetische of optische signalen;

  • h.

    minister: de Minister van Justitie;

  • i.

    persoonsgegevens: gegevens betreffende een bepaalde natuurlijke of rechtspersoon, daaronder zowel begrepen informatie die de identiteit bepaalt, met inbegrip van adresgegevens, telefoonnummer, faxnummer en elektronisch postadres, alsook bijzonderheden met betrekking tot die persoon zoals koopgedrag en preferenties.

  • j.

    elektronische handtekening: elektronische gegevens die zijn vastgehecht aan of logisch geassocieerd zijn met andere elektronische gegevens en die worden gebruikt als middel voor authentificatie.

Hoofdstuk

2

Commerciële communicatie

Artikel

2

Artikel

3

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen:

  • a.

    categorieën van commerciële communicatie worden aangewezen die zijn verboden;

  • b.

    categorieën van personen worden aangewezen tot wie het verboden is commerciële communicatie te richten;

  • c.

    soorten overeenkomsten worden aangewezen die:

    • niet langs elektronische weg of niet met behulp van een of meer met name genoemde elektronische technieken mogen worden gesloten, dan wel

    • ook langs niet-elektronische weg toegankelijk moeten blijven;

  • d.

    in het kader van commerciële communicatie verplichte mededelingen worden voorgeschreven;

  • e.

    nadere regels worden gesteld ten aanzien van de inhoud en aard van de commerciële communicatie, de aard of omvang van elektronische handel en de doelgroep.

Artikel

4

Hoofdstuk

3

Aanbieder van commerciële communicatie

Artikel

5

Hoofdstuk

4

Overeenkomsten langs elektronische weg

Artikel

6

Hoofdstuk

5

Elektronische handtekening

Artikel

7

Hoofdstuk

6

Aansprakelijkheid

§

1

Aansprakelijkheid dienstenaanbieders

Artikel

8

§

2

Aansprakelijkheid certificatiedienstverleners

Artikel

9

Hoofdstuk

7

Bescherming vertrouwelijkheid en privacy

Artikel

10

Artikel

11

Hoofdstuk

8

Cryptografie

Artikel

12

Hoofdstuk

9

Buitengerechtelijke geschillenbeslechting

Artikel

13

Hoofdstuk

10

Toezicht en opsporing

§

1

Toezicht

Artikel

14

Artikel

15

Bij de uitoefening van hun taak dragen de toezichthouders een door de Minister te verstrekken legitimatiebewijs bij zich.

  • a.

    Desgevraagd tonen zij hun legitimatiebewijs aanstonds.

  • b.

    Het legitimatiebewijs bevat een foto van de toezichthouder en vermeldt in ieder geval diens naam en hoedanigheid.

  • c.

    Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van taakuitoefening van de toezichthouders.

§

2

Opsporing

Artikel

16

Hoofdstuk

11

Bestuursdwang

Artikel

17

De Minister is bevoegd tot het doen wegnemen, ontruimen, beletten, in de vorige toestand herstellen of verrichten van hetgeen in strijd met de in deze wet en de daarop berustende bepalingen is of wordt gedaan, gehouden of nagelaten.

Artikel

18

Artikel

19

Artikel

20

Artikel

22

Om aan een beslissing van bestuursdwang uitvoering te geven, komen de ambtenaren of personen die daartoe door de Minister zijn aangewezen, de bevoegdheden toe, genoemd in artikel 14, tweede en derde lid. Artikel 14, vierde lid, is van toepassing.

Artikel

23

Tot de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang behoort het verzegelen van gebouwen, terreinen en hetgeen zich daarin of daarop bevindt.

Artikel

24

Artikel

25

§

2

Last onder dwangsom

Artikel

26

Artikel

28

Artikel

29

Hoofdstuk

12

Aanwijzingen

Artikel

30

De Minister kan, wanneer de uitvoering van deze wet en de daarop berustende bepalingen dat vordert, aan een aanbieder van commerciële communicatie of dienstenaanbieder een of meer aanwijzingen geven.

Hoofdstuk

13

Strafbepalingen

Artikel

31

Artikel

32

Hoofdstuk

14

Slotbepalingen

Artikel

33

Eenieder die betrokken is bij de uitvoering van deze wet en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij de uitvoering van deze wet de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

Artikel

34

[Vervallen]

Artikel

35

Deze wet wordt aangehaald als: Wet overeenkomsten langs elektronische weg BES.