Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken van 21 februari 2011, nr. DJZ/BR/1044-10, houdende beperkende maatregelen ten aanzien van Ivoorkust (Sanctieregeling Ivoorkust 2011)
Sanctieregeling Ivoorkust 2011
Besluit:
Artikel
2
Artikel
3
1
Het is verboden om paramilitaire uitrusting en wapens, munitie, militaire voertuigen, militaire uitrusting en goederen, alsmede militaire technologie, aangewezen in de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012, dan wel onderdelen daarvan, te verkopen, te leveren, over te dragen of uit te voeren aan personen, entiteiten of lichamen in Ivoorkust of voor gebruik in Ivoorkust.
2
Het eerste lid is niet van toepassing, met vooraf verleende ontheffing van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, op:
-
a.
de bevoorrading uitsluitend bestemd voor ondersteuning van en gebruikmaking door de operatie van de Verenigde Naties in Ivoorkust en de Franse troepen die de operatie steunen;
-
b.
de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van niet-dodelijke militaire uitrusting die uitsluitend is bedoeld voor humanitair of beschermend gebruik, waaronder dergelijke uitrusting bestemd voor crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie, de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie en de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (ECOWAS), met vooraf verleende goedkeuring door het comité van de Veiligheidsraad, ingesteld bij punt 14 van Resolutie 1572 (2004) van de VN-Veiligheidsraad;
-
c.
de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van niet-dodelijke militaire uitrusting die uitsluitend is bedoeld om de Ivoriaanse veiligheidstroepen in staat te stellen om passend en evenredig geweld te gebruiken bij de handhaving van de openbare orde, met vooraf verleende goedkeuring door het comité van de Veiligheidsraad, ingesteld bij punt 14 van Resolutie 1572 (2004) van de VN-Veiligheidsraad;
-
d.
de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van beschermende kledingstukken, met inbegrip van scherfwerende vesten en militaire helmen, die voor louter persoonlijk gebruik door personeel van de Verenigde Naties, de Europese Unie, de Gemeenschap of haar lidstaten, vertegenwoordigers van de media of medewerkers van humanitaire organisaties en ontwikkelingswerkers en aanverwant personeel tijdelijk naar Ivoorkust worden uitgevoerd;
-
d.
de verkoop of levering van goederen die tijdelijk naar Ivoorkust worden overgebracht of uitgevoerd voor de troepen van een staat die overeenkomstig het internationale recht actie onderneemt uitsluitend en direct gericht op het faciliteren van de evacuatie van zijn onderdanen en personen voor wie hij in Ivoorkust consulair verantwoordelijk is, indien dat vooraf ter kennis van het comité, bedoeld in onderdeel b, is gebracht;
-
e.
de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van wapens en aanverwant materieel uitsluitend bestemd ter ondersteuning van de hervorming van de veiligheidssector in Ivoorkust, ingevolge een formeel verzoek van de Ivoriaanse regering met vooraf verleende goedkeuring van het comité, bedoeld in onderdeel b.
Artikel
4
1
De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 4 bis, eerste en tweede lid, van Verordening (EG) nr. 174/2005 is de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie voor zover het betreft de verkoop, de levering of uitvoer van niet-dodelijke uitrusting als bedoeld in bijlage I van voornoemde verordening.
2
De bevoegde autoriteit, bedoeld in de artikelen 3 en 4 van de Verordening (EU) nr. 560/2005 is de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van economische middelen en de Minister van Financiën voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van bevroren tegoeden.
Artikel
5
De Sanctieregeling Ivoorkust 2005 wordt ingetrokken.
Artikel
6
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel
7
Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Ivoorkust 2011.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.