Wet van 1 december 2011 tot wijziging van de Waterwet en de Wet Infrastructuurfonds in verband met de bescherming tegen overstromingen en de zorg voor de zoetwatervoorziening in relatie tot verwachte klimaatveranderingen (Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening)

Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de verwachte klimaatveranderingen grote opgaven op het gebied van waterveiligheid en zoetwatervoorziening met zich meebrengen. Dat het daarom wenselijk is aanvullende regels te stellen voor de realisatie van maatregelen ter bescherming tegen overstromingen en met het oog op de zorg voor de zoetwatervoorziening op de korte en de langere termijn;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Vervallen

Artikel

II

Vervallen

Artikel

III

Artikel

IV

Het bij of krachtens de Wet Infrastructuurfonds bepaalde, zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II van deze wet, blijft van toepassing op subsidieaanvragen en -verstrekkingen gedaan voor genoemd tijdstip.

Artikel

V

Onze Minister van Infrastructuur en Milieu zendt uiterlijk tien jaren na inwerkingtreding van artikel III van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en effecten van artikel III van deze wet in de praktijk. Bij het verslag betrekt Onze Minister de bevindingen van de deltacommissaris met betrekking tot het bepaalde in artikel III.

Artikel

VI

Vervallen

Artikel

VII

Deze wet wordt aangehaald als: Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, J. J. Atsma
De Minister van Veiligheid en Justitie, I. W. Opstelten