Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 5 december 2011, nr. IENM/BSK-2011/159456 houdende vaststelling van de organisatie van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan de secretaris-generaal en de diensthoofden (Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012)

Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen organisatie en mandaat

Artikel

1

: Begripsbepalingen

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    bewindspersoon: minister of staatssecretaris;

  • b.

    dienst: een onderdeel van het ministerie, genoemd in artikel 2, tweede lid;

  • c.

    diensthoofd: degene die overeenkomstig dit besluit, dan wel overeenkomstig overige wet- en regelgeving, is belast met de leiding van een dienst;

  • d.

    dienstonderdeel: een onderdeel van een dienst;

  • e.

    dienstonderdeelhoofd: degene die overeenkomstig dit besluit, dan wel overeenkomstig overige wet- en regelgeving, is belast met de leiding van een dienstonderdeel;

  • f.

    functionaris: degene die als ambtenaar is aangesteld bij het ministerie, of degene die krachtens overeenkomst naar burgerlijk recht werkzaam is bij het ministerie;

  • g.

    minister: de Minister van Infrastructuur en Milieu;

  • h.

    ministerie: het Ministerie van Infrastructuur en Milieu;

  • i.

    secretaris van adviesorgaan: secretaris of algemeen secretaris van een adviesorgaan, genoemd in artikel 2, derde lid;

  • j.

    secretaris-generaal: de secretaris-generaal van Infrastructuur en Milieu; en

  • k.

    staatssecretaris: de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu.

Hoofdstuk

2

Organisatie

§

2.1

Hoofdstructuur

Artikel

2

: Onderdelen ministerie

§

2.2

Secretaris-generaal

Artikel

3

: Taken secretaris-generaal

§

2.3

Organisatie diensten

Artikel

4

: Directoraat-generaal Bereikbaarheid

Artikel

5

: Directoraat-generaal Milieu en Internationaal

Artikel

6

: Directoraat-generaal Ruimte en Water

Artikel

7

: Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken

Artikel

8

: Directie Bestuursondersteuning

Artikel

9

: Directie Communicatie

Artikel

10

: Directie Participatie

Artikel

11

: Departementale Auditdienst

Vervallen

Artikel

12

: Hoofddirectie Financiën, Management en Control

Artikel

13

Directie Integrale Bedrijfsvoering IenM

Artikel

14

: Directie Concern Informatievoorziening

Vervallen

Artikel

15

: Directie Kennis, Innovatie en Strategie

Artikel

16

: Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid

Artikel

17

: Planbureau voor de Leefomgeving

Artikel

18

: Stafbureau deltacommissaris

Artikel

19

: Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

Artikel

20

: Directie Nederlandse emissieautoriteit

Artikel

20a

Directie Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming

§

2.4

Organisatie secretariaten adviesorganen

Artikel

21

: Secretariaten van adviesorganen

Hoofdstuk

3

Mandaat

§

3.1

Mandaat secretaris-generaal

Artikel

22

: Mandaat aan en ondermandaat door secretaris-generaal

§

3.2

Mandaat diensthoofden

Artikel

23

: Mandaat aan en ondermandaat door diensthoofden

§

3.3

Mandaat secretarissen adviesorganen

Artikel

24

: Mandaat secretarissen adviesorganen

Aan de secretarissen van de adviesorganen van het ministerie wordt mandaat verleend voor alle bevoegdheden die behoren bij de uitoefening van de taken van hun secretariaat genoemd in artikel 21, derde lid, dan wel in overige wet- en regelgeving, waaronder mede begrepen de bedrijfsvoering van het secretariaat, een en ander tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald en onverminderd de artikelen 26 tot en met 28.

§

3.4

Ondertekeningsmandaat

Artikel

25

: Ondertekeningsmandaat

Hoofdstuk

4

Overige bepalingen mandaat, volmacht en machtiging

Artikel

26

: Voorbehouden bevoegdheden bewindspersoon

Artikel

27

: Voorbehouden bevoegdheden secretaris-generaal

Aan de secretaris-generaal zijn de volgende bevoegdheden voorbehouden:

  • a.

    het doen van de mededeling, bedoeld in artikel 9:36, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, dat een aanbeveling van de Nationale ombudsman niet wordt opgevolgd; en

  • b.

    bevoegdheden betreffende de hoofdlijnen van de ambtelijke rechtspositie, voor zover het dienstonderdeelhoofden betreft die rechtstreeks ressorteren onder de diensthoofden.

Artikel

28

: Beperkingen mandaatverlening aan diensthoofden en secretarissen van adviesorganen

Artikel

29

: Mandaat en ondermandaat beslissen op bezwaar

Artikel

30

: Volmacht en machtiging

Tenzij anders is bepaald, omvat de verlening van mandaat of ondermandaat mede de verlening van:

  • a.

    volmacht tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen; en

  • b.

    machtiging om in naam van de bewindspersoon handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel

31

: Kaders uitoefening bevoegdheden

Artikel

32

: Informatieplicht

Artikel

33

: Register

De directeur Bestuursondersteuning houdt een register bij waarin de volgende besluiten zijn opgenomen:

  • a.

    dit besluit;

  • b.

    alle krachtens dit besluit genomen besluiten waarbij mandaat, volmacht of machtiging wordt verleend;

  • c.

    alle door de bewindspersoon genomen besluiten waarbij mandaat, volmacht of machtiging wordt verleend aan niet-ondergeschikten;

  • d.

    alle besluiten waarbij onderdelen van het ministerie worden ingesteld; en

  • e.

    alle besluiten tot wijziging of intrekking van de onder a tot en met d genoemde besluiten.

Artikel

34

: Wijze van ondertekening

Hoofdstuk

5

Slotbepalingen

Artikel

35

: Intrekking oude besluiten

Artikel

37

: Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.

Artikel

38

: Titel

Dit besluit wordt aangehaald als: Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Minister van Infrastructuur en Milieu,M.H.Schultz van Haegen