Beleidsregels van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 5 december 2012, Directie Kinderopvang, nr. KO/ 2012/16947, houdende werkwijze toezichthouder kinderopvang en peuterspeelzalen (Beleidsregels werkwijze toezichthouder kinderopvang en peuterspeelzalen 2013)

Beleidsregel werkwijze toezichthouder kinderopvang

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Besluit:

Paragraaf

1

Algemeen

Artikel

1

Definities

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    wet: Wet kinderopvang;

  • b.

    toezichthouder: toezichthouder, bedoeld in artikel 1. 61 van de wet;

  • c.

    inspectierapport: inspectierapport, bedoeld in artikel 1.63 van de wet;

  • d.

    risicomodel: het door GGD GHOR Nederland ontwikkelde risicomodel voor toezicht;

  • e.

    risicoprofiel: inschatting van de mate waarin:

    • in het kindercentrum op verantwoorde wijze kinderopvang geboden wordt en blijft worden;

    • door tussenkomst van het gastouderbureau op verantwoorde wijze gastouderopvang geboden wordt en blijft worden;

  • f.

    vestiging: een vestiging als bedoeld in artikel 1, onder j, van de Handelsregisterwet 2007, van een gastouderbureau of waar buitenschoolse opvang of dagopvang plaatsvindt.

Paragraaf

2

Onderzoek toezichthouder kindercentrum en gastouderbureau

Artikel

2

Onderzoek voor registratie

Artikel

3

Onderzoek na registratie

Artikel

4

Vervolgonderzoek na registratie

Artikel

4a

Jaarlijks onderzoek

Artikel

4aa

Pilot groene inspectieactiviteit

Vervallen

Artikel

4b

Incidenteel onderzoek

Artikel

4c

Nader onderzoek

Paragraaf

3

Onderzoek voorziening voor gastouderopvang

Artikel

4d

Onderzoek voor registratie

Artikel

4e

Jaarlijks en nader onderzoek

Artikel

4f

Incidenteel onderzoek

Paragraaf

4

Overige bepalingen

Artikel

5

Signaleren niet-geregistreerde activiteiten

Indien naar het oordeel van de toezichthouder sprake is van niet-geregistreerde kinderopvang in een kindercentrum, niet-geregistreerde activiteiten van een gastouderbureau of niet-geregistreerde gastouderopvang die door tussenkomst van een gastouderbureau plaatsvindt, dan informeert de toezichthouder het college waar de niet-geregistreerde kinderopvang of de niet-geregistreerde gastouderopvang voorkomt dan wel het niet-geregistreerde gastouderbureau opereert.

Artikel

6

Procedure inspectierapport

Artikel

7

Model en inhoud inspectierapport

Artikel

8

Rapportage overmacht drie-uursregeling en vaste gezichtencriterium

Artikel

10

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2013.

Artikel

11

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel werkwijze toezichthouder kinderopvang.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,L.F.Asscher.