Beleidsregel ontheffing gerelateerde voertuigdocumenten

§

1

Algemeen

Artikel

1

Definities

Voor de toepassing van deze beleidsregel worden de begripsbepalingen van de Regeling voertuigen overgenomen.

Voorts wordt verstaan onder:

  • a.

    ballasttrekker: een voertuig van de categorie N waarbij uit het kentekenbewijs blijkt dat het voertuig is ingericht voor trekker en vrachtwagen, en waarbij het voertuig minimaal is voorzien van 3 assen, waarvan ten minste 2 assen aangedreven;

  • b.

    buitenlands voertuig: voertuig waarbij het kenteken van het trekkend motorrijtuig dan wel het getrokken voertuig door een andere staat dan Nederland is afgegeven;

  • c.

    compenserend asstel: een asstel dat zodanig is geconstrueerd, dat de aslasten een compenserend gedrag vertonen ten opzichte van elkaar;

  • d.

    dieplader: een open voertuig van de categorie O3 of O4, waarvan het grotendeels verlaagde laadvlak zich op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte dan wel lager dan de assen boven het wegdek bevindt, maar niet hoger dan 0,70 m, gemeten van wegdek tot bovenkant laadvlak, uitsluitend of hoofdzakelijk ontworpen, gebouwd of gebruikt voor het vervoer van ondeelbare lading;

  • e.

    getrokken werktuig: voertuig van de categorie O4 ingericht voor het uitvoeren van in hoofdzaak andere werkzaamheden dan het vervoer van goederen of personen, en niet zijnde ingericht voor kermis- of circusdoeleinden;

  • f.

    modulair voertuig: een voertuig dat bestaat uit koppelbare en uitwisselbare modules, waarmee verschillende voertuigconfiguraties kunnen worden samengesteld, en waarmee alleen met een geldige ontheffing gebruik van de openbare weg mag worden gemaakt;

  • g.

    ontheffingsattest: een document waar op de technische waarden voor een voertuig van de categorie N wordt vermeld ten behoeve van het aanvragen en gebruik van ontheffingen;

  • h.

    SERT: document waar op technische waarden voor 1 of uit meerdere delen samengestelde voertuigen van de categorie O worden vermeld ten behoeve van het aanvragen en gebruik van ontheffingen;

  • i.

    Principeakkoord: Een document dat wordt afgegeven nadat een beoordeling en onderzoek is uitgevoerd en voorwaardelijk is voor de afgifte van een kenteken als bedoeld in artikel 48, tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994, en een ontheffing als bedoeld in artikel 149a, tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994.

Artikel

3

Soorten ontheffing gerelateerde documenten

§

2

Aanvragen ontheffing gerelateerde documenten

Artikel

4

Aanvragen van de ontheffing gerelateerde documenten

Artikel

5

Wijze van indienen van de aanvraag

Indiening van aanvragen kan uitsluitend schriftelijk plaatsvinden.

Artikel

6

Intrekken van de aanvraag

Een aanvraag kan uitsluitend schriftelijk door de indiener worden ingetrokken.

Artikel

7

Modellen

De in artikel 3 opgenomen documenten worden afgegeven volgens een door de RDW vastgesteld model, opgenomen in bijlage A.

§

3

Beoordeling aanvragen principeakkoord

Artikel

8

Waarvoor een principeakkoord kan worden afgegeven

Artikel

9

Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder a en b

Artikel

10

Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder c

Artikel

11

Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder d

Artikel

12

Keuringen en onderzoeken

Artikel

13

Wijze van beoordeling getrokken voertuig

Artikel

14

Wijze van beoordeling getrokken werktuig

§

4

Beoordeling aanvragen ontheffingsattesten

Artikel

16

Overlegging documenten ontheffingsattesten

Indien een aanvraag ontheffingsattest wordt ingediend moeten de volgende documenten worden overgelegd:

  • 1.

    een volledig ingevulde en ondertekende zwaar transport verklaring van de fabrikant / importeur die ten minste de volgende gegevens bevat:

    • a.

      typegoedkeuringsgegevens voertuig categorie N;

    • b.

      kenteken / VIN voertuig categorie N;

    • c.

      garantie van de maximale technische aslasten, maximum totaal gewicht en maximum samenstel van het voertuig;

    • d.

      gegevens van de koppeling en de bevestiging daarvan;

    • e.

      aandrijfconfiguratie.

  • 2.

    Een remcertificaat waarbij rekening is gehouden met de gegarandeerde aslasten van het voertuig zoals opgenomen in de zwaar transportverklaring;

  • 3.

    Een verklaring wegrijhulpinrichting conform richtlijn 97/27/EG, indien van toepassing.

Artikel

17

Wijze van beoordeling trekker

Artikel

18

Wijze van beoordeling voor een bedrijfswagen, niet zijnde een trekker

Artikel

19

Wijze van beoordeling voor een bedrijfswagen uitgevoerd als ballasttrekker

§

5

SERT documenten

Artikel

20

Soorten SERT documenten

SERT documenten kunnen uitsluitend door voertuigfabrikanten worden aangevraagd voor:

  • a.

    verhogen van de op het kentekenbewijs vermelde aslasten;

  • b.

    aantonen van de draaiproefeisen als bedoeld in bijlage B;

  • c.

    het vastleggen van configuraties van modulair samengestelde voertuigen;

  • d.

    een combinatie van het bepaalde onder a, b of c.

Artikel

21

Over te leggen documenten artikel 20, onder a

Indien een SERT document wordt aangevraagd voor het verhogen van de op het kentekenbewijs vermelde aslasten moeten bij de aanvraag de volgende documenten worden overgelegd:

  • a.

    een door de fabrikant volledig ingevuld aanvraagformulier, en

  • b.

    een goedgekeurd remschema of remberekening volgens ECE reglement R13 of richtlijn 71/320/EEG, zoals deze gold ten tijde van de datum eerste toelating van het voertuig, zoals vermeld op het Nederlandse kentekenbewijs dan wel het door een andere EU-lidstaat afgegeven kentekenbewijs.

Artikel

22

Wijze van beoordeling artikel 20, onder a

Artikel

23

Over te leggen documenten artikel 20, onder b

Artikel

25

Over te leggen documenten artikel 20, onder c

Artikel

26

Wijze van beoordeling artikel 20, onder c

Artikel

27

Aanvulling reeds afgegeven SERT document

Indien op een reeds afgegeven SERT document voor modulaire voertuigen een aanvulling wordt gevraagd moet de aanvrager overleggen:

  • a.

    een door de fabrikant volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier, en

  • b.

    een afschrift van het eerder afgegeven SERT document.

§

6

Slotbepalingen

Artikel

27

Overgangsrecht

De voor de inwerkingtreding van deze beleidsregel afgegeven principe akkoorden, ontheffingsattesten en SERT documenten behouden hun geldigheid.

Artikel

28

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 maart 2013.

Artikel

29

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel ontheffing gerelateerde voertuigdocumenten.

Deze beleidsregel zal met bijlagen en toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De directie van de RDW,
Namens deze:
J.G. Hakkenberg, Algemeen Directeur.

Bijlage

A

Modellen documenten zoals bedoeld in artikel 7

  • A1.

    Model Principe akkoord

  • A2.

    Model ontheffingsattest

  • A3.

    Model SERT document

A1

Model Principe akkoord

Aanvraag principeakkoord ten behoeve van aanvraag ZZ kenteken

(zoals geregeld in de beleidsregel ontheffing gerelateerde documenten)

VT – afdeling Productbeoordeling

Postbus 777,2700 AT Zoetermeer,

Fax: +31 (0)79 3458034

E-mail principeakkoord@rdw.nl

Documenten die u moet meesturen met de aanvraag

Constructietekening buitenwettelijk voertuig met de in punt 3 aangeleverde gegevens.

Bij getrokken werktuigen exact is aangegeven waar de breedte van het voertuig meer dan 2,55 m.

Bij import een afgegeven buitenlands kenteken.

document van de registrerende autoriteiten waaruit de afmetingen van het voertuig blijkt, indien deze gegevens niet op het buitenlandse kentekenbewijs staan vermeld.

Documentatie met massa’s en afmetingen van de in punt 4 genoemde soort lading.

Document met de in punt 5 aangeleverde gegevens.

Aanvraag betreft

Nieuw

Import

Wijziging voertuig

(aankruisen wat van toepassing is)

1. Gegevens aanvrager

Naam

Adres

Postcode

Woonplaats

Contactpersoon

2. Tenaamstelling voertuig

Naam

Adres

Postcode

Woonplaats

Contactpersoon

3. Gegevens voertuig

Oplegger

Aanhangwagen

(aankruisen wat van toepassing is)

Voertuigidentificatienummer (VIN)

Kenteken (bij wijziging of importeren)

Lengte voertuig

Afstand hart koppeling tot achterzijde voertuig: (min/ max)

Afstand hart koppeling tot 1e as (min/ max)

Breedte

Maximum totaal gewicht

Afstand assen (min /max)

Aslasten (getrokken werktuig)

Leeggewicht (getrokken werktuig)

4. Gegevens lading

5. Gegevens trekkend voertuig(en)

Kenteken

Afstand voorzijde voertuig tot hart koppeling

Aantal assen

Aantal assen aangedreven

6. Noodzaak

Motivering ten aanzien van de noodzaak van de overschrijding lengte dan wel breedte dan wel aslasten betreffende getrokken werktuig.

In te vullen door RDW

De aanvrager ontvangt hierbij een principeakkoord geldig tot 1 jaar na onderstaande datum:

Motivatie (handgeschreven):

De directie van de RDW,

namens deze,

Functie

Ondertekening

Naam ondertekenaar

A2

Model Ontheffingsattest

A3

Model SERT document

Bijlage

B

Draaiproefeisen bij de artikelen 13 tot en met 15 en artikel 20 en 24

A

Draaiproefeis

De draaiproefeisen zijn van toepassing op voertuigcombinaties bestemd voor het vervoer van ondeelbare lading en vallende in één van onderstaande categorieën.

1

≤ wettelijk maximum

> 22,00 m

2

> 22,00 m

B

Uitvoering draaiproef

De maten worden bepaald bij het in-, door- en uitrijden van de cirkels volgens nevenstaande figuur.

Bij het inrijden dient met het breedste voertuig (deel) langs de tangent te worden gereden en vervolgens met het voorste hoekpunt van het trekkende motorvoertuig de cirkelbaan en de uitrijtangent te worden gevolgd.

Bij uitschuifbare voertuigen moeten de proeven worden uitgevoerd met een combinatielengtemaat zo dicht mogelijk bij de bovenste grenswaarde van de betreffende proef, afhankelijk van de lengte en de instelmogelijkheid van het getrokken voertuig.

1

CL ≤ 17,00

12,50

≤ 7,20

≥ 5,30

≤ 0,80

270

2

17,00 < CL ≤ 20,00

12,50

≤ 7,20

≥ 5,30

≤ 1,20

120

3

20,00 < CL ≤ 23,00

14,50

≤ 8,00

≥ 6,50

≤ 1,40

120

4

23,00 < CL ≤ 27,00

16,50

≤ 9,00

≥ 7,50

≤ 1,70

120

C

Rekentrekker

Bij de uitvoering van de draaiproefeis bedoeld in bijlage B geldt voor een oplegger een vastgelegde trekker volgens onderstaand schema met een breedte van 2,55 m en een voorzijde voertuig tot hart eerste as van 1,40 m.

De maat aangegeven tussen de assen is de afstand van de gestuurde vooras tot het denkbeeldige draaipunt van de achteras(sen).

1

3,70

4,50

≤ 22.500

2

4,80

5,20

> 22.500 en ≤ 25.000

3

5,20

5,40

> 25.000