-
a)
Indien de schade is aangericht door een beschermde inheemse diersoort, welke krachtens artikel 65 van de wet bij algemene maatregel van bestuur is aangewezen als diersoort welke in het gehele land veelvuldig belangrijke schade aanricht.
-
b)
Indien de schade is aangericht door een beschermde inheemse diersoort, welke krachtens artikel 65 van de wet bij algemene maatregel van bestuur is aangewezen als diersoort welke in delen van het land veelvuldig belangrijke schade aanricht en voor het verjagen van die schadeveroorzakende diersoort een vrijstelling geldt, tenzij naar het oordeel van het bestuur op adequate wijze van de vrijstelling gebruik is gemaakt en er desondanks bedrijfsmatige schade is opgetreden.
-
c)
Voor schade veroorzaakt door wild waarop de jacht geopend is, tenzij naar het oordeel van het bestuur op adequate wijze van de jachtuitoefening gebruik is gemaakt en er desondanks bedrijfsmatige schade is opgetreden.
-
d)
Voor schade op percelen welke zijn gelegen binnen de bebouwde kom, binnen de afpalingskring van een geregistreerde eendenkooi – met uitzondering van schade door ganzen en smienten in de periode van 1 september tot en met 30 april – of binnen een straal van 500 meter van een vuilstortplaats.
-
e)
Voor schade welke is aangericht aan materialen welke worden aangewend voor het (tijdelijk) afdekken van gewassen.
-
f)
Indien het risico van schade door een beschermde inheemse diersoort verzekerbaar is bij ten minste twee in Nederland werkzame verzekeringsmaatschappijen.
-
g)
Indien schade is aangericht op gronden:
-
I.
waarvoor een pachtovereenkomst ingevolge artikel 70 van de Pachtwet (natuurpacht) is afgesloten,
-
II.
waarvoor met een natuurterreinbeherende instantie een pachtovereenkomst is gesloten en de pachtprijs lager is dan € 150,00 per ha,
-
III.
welke in het kader van de Natuurbeschermingswet zijn aangewezen als beschermd natuurmonument,
-
IV.
indien schade is aangericht op gronden welke feitelijk niet voor landbouwkundige doeleinden worden aangewend.
-
h)
Indien schade is aangericht op gronden waarvoor een vergoeding is verleend voor het opvangen van ganzen of knobbelzwanen en de schade is aangericht door overige ganzen, zwanen, meerkoeten of eendensoorten.
-
i)
Indien schade is aangericht aan gebouwen, installaties, bouwwerken, geoogste gewassen, opgeslagen of verpakte voedergewassen.
-
j)
Indien schade is aangericht aan voertuigen, (lucht)vaartuigen of overige vervoermiddelen.
-
k)
Indien, door handelingen of het nalaten daarvan door de aanvrager, de taxateur de schade niet meer kan taxeren.