Artikel
1
1
Ten aanzien van de in het tweede lid genoemde artikelen van het Rijnvaartpolitiereglement 1995 wordt mandaat en machtiging verleend aan de volgende functionarissen werkzaam bij Rijkswaterstaat Oost-Nederland:
-
a.
de directeur Netwerkontwikkeling;
-
b.
het hoofd van de afdeling Vergunningen.
2
De in het eerste lid bedoelde artikelen van het Rijnvaartpolitiereglement 1995 zijn:
1.19;
1.20;
1.22, eerste lid, alleen voor wat betreft de in het tweede lid bedoelde aangelegenhedend;
1.23;
1.25;
3.17;
3.28;
3.29, tweede lid, onderdeel b;
6.23, tweede lid, onderdeel a;
7.02, eerste lid, onderdeel b;
9.12;
9.13;
12.01, eerste lid, onderdeel h, en tweede lid;
3
Het mandaat verleend aan de directeur Netwerkontwikkeling omvat mede de bevoegdheid tot het beslissen op bezwaar, mits het besluit waartegen bezwaar is gemaakt niet door hem in mandaat is genomen. Het mandaat verleend aan het hoofd van de afdeling Vergunningen heeft geen betrekking op de bevoegdheid tot het beslissen op bezwaar.