Wet van 4 december 2013 tot wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van de kwaliteitswaarborgen voor het hoger onderwijs en wijziging van verschillende onderwijswetten in verband met de introductie onderscheidenlijk verbreding van een aanwijzingsbevoegdheid voor de minister en in verband met aanpassingen in de regelgeving betreffende het basisregister onderwijs en het persoonsgebonden nummer (Wet versterking kwaliteitswaarborgen hoger onderwijs)

Wet versterking kwaliteitswaarborgen hoger onderwijs

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat uit onderzoek is gebleken dat het noodzakelijk is de kwaliteit van het hoger onderwijs beter te waarborgen en dat er behoefte bestaat aan uitbreiding van de bestaande handhavingsinstrumenten in het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs met een aanwijzingsbevoegdheid voor Onze Minister;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Artikel

II

Wijzigt de Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel

III

Wijzigt de Wet op het onderwijstoezicht.

Artikel

IV

Overgangsbepaling WHW

Wijzigt de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Artikel

VA

Samenloopbepaling

Wijzigt de Wet op de expertisecentra.

Artikel

VI

Citeertitel

Deze wet wordt aangehaald als: Wet versterking kwaliteitswaarborgen hoger onderwijs.

Artikel

VII

Inwerkingtreding

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, met dien verstande dat artikel I, onderdelen A, Q1, Q2, en Y, en artikel III, onderdelen H tot en met J, geheel of gedeeltelijk kunnen terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

Wassenaar
Willem-Alexander
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M. Bussemaker
De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker
De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten