Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 3 maart 2014, nr. 2014-0000107508, houdende tijdelijke regels voor experimenten met een centrale stemopneming (Tijdelijke experimentenregeling centrale stemopneming)

Tijdelijke experimentenregeling centrale stemopneming

§

1

Algemene bepalingen

§

2

Het vervoer van de transportbox en het proces-verbaal van het stembureau

Artikel

3

§

3

De werkwijze van het gemeentelijk stembureau

Artikel

4

Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat:

  • a.

    het gemeentelijk stembureau beschikt over voldoende faciliteiten om de stemopneming ordelijk en overzichtelijk uit te voeren;

  • b.

    op een locatie voor de stemopneming duidelijk is aangegeven welke ruimtes voor het publiek toegankelijk zijn en welke ruimtes uitsluitend voor de werkzaamheden van het gemeentelijk stembureau zijn bestemd.

Artikel

5

Indien de stemopneming op een centrale locatie in twee of meer gescheiden ruimtes plaatsvindt, is tijdens de gehele stemopneming in iedere ruimte ten minste één lid van het gemeentelijk stembureau aanwezig.

Artikel

6

Indien een persoon die bijstand verleent aan het gemeentelijk stembureau als bedoeld in artikel 27 van het Experimentenbesluit twijfelt over de geldigheid van een stem of van oordeel is dat een stem ongeldig is, wordt deze stem ter beoordeling voorgelegd aan een of meer leden van het gemeentelijk stembureau.

Artikel

6a

§

4

De schorsing van de zitting van het gemeentelijk stembureau

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Van de geschorste zitting wordt proces-verbaal opgemaakt door het gemeentelijk stembureau.

Artikel

10

Onmiddellijk na de ondertekening van het proces-verbaal wordt dit met de verzegelde transportboxen en de verzegelde enveloppen door de voorzitter bij de burgemeester in bewaring gegeven.

Artikel

11

De burgemeester stelt tijdig voor de aanvang van de hervatte zitting de hem overgegeven verzegelde transportboxen en verzegelde enveloppen ter beschikking van het gemeentelijk stembureau.

§

5

Overige bepalingen

Artikel

13

Artikel

14

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van de dag dat de Experimentenwet vervalt.

Artikel

15

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke experimentenregeling centrale stemopneming.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesR.H.A.Plasterk

Bijlage

Model

I

Model

II

Proces-verbaal van het gemeentelijk stembureau bij het experiment met een centrale stemopneming