Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 29 augustus 2014, nr. WJZ/14141124, houdende tijdelijke vrijstelling van artikel 4, derde lid, van het Besluit gebruik meststoffen en artikel 28, eerste lid, onderdeel b, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet (Tijdelijke vrijstellingsregeling uitrijden dierlijke meststoffen 2014)
Het tweede lid, aanhef en onderdeel b, is alleen van toepassing indien uiterlijk op 16 september 2014 op de desbetreffende grond een gewas wordt geteeld dat behoort tot de gewasgroep ‘groenbemesters’ van Bijlage A, tabel 1, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet of indien in de desbetreffende grond in het daarop aansluitende najaar bloembollen worden geplant.
is ingezaaid vóór 16 september 2014 en is geploegd na 1 december 2014, voor zover de groenbemester is geteeld op zand-, löss- of veengrond;
b.
is ingezaaid vóór 16 september 2014 en aantoonbaar ten minste acht weken wordt geteeld alvorens te worden geploegd, voor zover de groenbemester wordt geteeld op kleigrond.
Artikel
4
1
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2014. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 september 2014, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 september 2014.
2
Deze regeling vervalt met ingang van 16 september 2014.
Artikel
5
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstellingsregeling uitrijden dierlijke meststoffen 2014.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
's-Gravenhage
De Staatssecretaris van Economische Zaken,S.A.M.Dijksma