Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 11 december 2014, houdende regels voor het verstrekken van subsidie ten behoeve van medisch noodzakelijk kortdurend verblijf in verband met geneeskundige zorg zoals huisartsen die plegen te bieden (Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2015)

Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2015

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1.1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel

1.2

Artikel

1.3

Het bedrag van de subsidie dat voor het jaar 2015 ten hoogste wordt verleend aan de Wlz-uitvoerder is gelijk aan de som van de volgende bedragen per regio waarvoor de Wlz-uitvoerder is aangewezen als zorgkantoor:

  • Amstelland en de Meerlanden € 1.365.503;

  • Amsterdam € 3.637.865;

  • Apeldoorn, Zutphen e.o. € 2.105.241;

  • Arnhem € 4.889.324;

  • Delft Westland Oostland € 1.386.997;

  • Drenthe € 2.795.281;

  • Flevoland € 652.828;

  • Friesland € 3.982.937;

  • 't Gooi € 2.085.548;

  • Groningen € 3.678.411;

  • Haaglanden € 4.491.223;

  • Kennemerland € 2.179.623;

  • Midden-Brabant € 2.162.173;

  • Midden-Holland € 1.182.928;

  • Midden IJssel € 1.193.941;

  • Nieuwe Waterweg Noord € 1.071.669;

  • Nijmegen € 2.477.565;

  • Noord- en Midden Limburg € 2.705.815;

  • Noord-Holland Noord € 2.689.966;

  • Noordoost Brabant € 2.923.106;

  • Rotterdam € 4.109.063;

  • Twente € 3.927.655;

  • Utrecht € 5.246.419;

  • Waardenland € 2.153.776;

  • West-Brabant € 3.382.656;

  • Zaanstreek/Waterland € 1.674.784;

  • Zeeland € 2.436.271;

  • Zuid-Holland Noord € 2.322.369;

  • Zuid-Hollandse eilanden € 1.971.695;

  • Zuid-Limburg € 4.028.324;

  • Zuidoost Brabant € 2.759.165;

  • Zwolle € 2.329.881.

Hoofdstuk

2

Aanvraag

Artikel

2.1

Artikel

2.2

Hoofdstuk

3

Verlening

Artikel

3.1

Het Zorginstituut besluit binnen acht weken na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, over de verlening van de subsidie.

Artikel

3.2

Het Zorginstituut vermeldt in het besluit tot verlening van de subsidie in ieder geval het maximumbedrag dat aan subsidie wordt verleend.

Hoofdstuk

4

Bevoorschotting en verplichtingen

Artikel

4.1

Artikel

4.3

De subsidieontvanger zorgt ervoor dat:

  • a.

    de doelstellingen van de gesubsidieerde activiteiten op doelmatige wijze worden nagestreefd,

  • b.

    de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten op verantwoorde wijze wordt bestuurd en

  • c.

    de voor de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten benodigde middelen op verantwoorde wijze worden beheerd.

Artikel

4.4

Artikel

4.5

Artikel

4.6

Hoofdstuk

5

Verhoging

Artikel

5.1

Artikel

5.2

Artikel

5.3

Artikel

5.4

De aanvraag tot verhoging van de verleende subsidie gaat vergezeld van een opgave van het bedrag dat de subsidieontvanger heeft betaald voor in de periode van 1 januari tot en met 30 april 2015 verrichte prestaties en de prognose, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onderdeel b.

Artikel

5.5

Artikel

5.6

De artikelen 2.2, 3.1 en 3.2 zijn van overeenkomstige toepassing op de aanvraag tot verhoging van de verleende subsidie.

Hoofdstuk

6

Vaststelling

Artikel

6.1

Artikel

6.2

Artikel

6.3

Artikel

6.4

De aanvraag tot vaststelling gaat vergezeld van:

  • a.

    een assurancerapport van een accountant dat is opgesteld overeenkomstig een door het Zorginstituut vastgesteld model met inachtneming van een door het Zorginstituut vastgesteld protocol;

  • b.

    een rapport van feitelijke bevindingen omtrent de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen door de subsidieontvanger, opgesteld door een accountant overeenkomstig een door het Zorginstituut vastgesteld model met inachtneming van een door het Zorginstituut vastgesteld protocol.

Artikel

6.5

Artikel

6.6

Binnen tweeëntwintig weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie neemt het Zorginstituut een besluit op de aanvraag.

Hoofdstuk

7

Slotbepalingen

Artikel

7.1

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2015 en vervalt met ingang van 2016, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling zijn verstrekt.

Artikel

7.2

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2015.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M.J. vanRijn