Aanwijzing van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 2 september 2016, 990524-153134-MC, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg, inzake experimenten persoonsvolgende inkoop

Besluit aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg (experimenten persoonsvolgende inkoop)

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Na op 10 juni 2016 schriftelijk mededeling te hebben gedaan aan de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II, 2015–2016, 34 104, 129) als bedoeld in artikel 8 van de Wet marktordening gezondheidszorg;
Gezien het verslag van de Tweede Kamer van een schriftelijk overleg met de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de Tweede Kamer der Staten-Generaal;

Besluit:

Artikel

3

Opdracht

Artikel

4

Administratieve lasten

Het experiment kan ook zien op de bekostigingsprestaties voor consumenten die zijn geïndiceerd met een zorgprofiel uit een andere sector dan genoemd in artikel 3, tweede lid, indien deze consumenten zorg geleverd krijgen van een zorgaanbieder die deelneemt aan een experiment zoals bedoeld in artikel 3, derde lid, voor zover dit met het oog op de beperking van de administratieve lasten wenselijk is. Voorgaande gaat ook op voor de niet-geïndiceerde partner en crisiszorg.

Artikel

5

Uitgangspunten experiment

De zorgautoriteit neemt bij de vaststelling van de regelgeving voor het experiment als bedoeld in artikel 3 de volgende uitgangspunten in acht:

  • 1.

    De consument kiest de zorgaanbieder, de Wlz-uitvoerders en de zorgaanbieders maken geen afspraken over de productie;

  • 2.

    Artikel 56b van de wet, dat ziet op het vaststellen van een vereffeningbedrag, is niet van toepassing.

Artikel

6

Looptijd

Het experiment heeft een looptijd van twee jaar, van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2018.

Artikel

7

Monitoring en evaluatie

Van deze aanwijzing wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M.J. vanRijn