Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
-
buitenlandse opleiding: opleiding als bedoeld in artikel 2.14, tweede lid, onder a en b, van de wet;
-
Nederland: het Europese deel van Nederland;
-
ouder: natuurlijke ouder of adoptiefouder in de zin van de artikelen 197 tot en met 232 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek;
-
partner: familielid als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdelen a en b, en 3, tweede lid, onder b, van de Richtlijn nr. 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden, tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1612/68 en tot intrekking van de Richtlijnen 64/221/EEG, 68/360/EEG, 72/194/EEG, 73/148/EEG, 75/34/EEG, 75/35/EEG, 90/364/EEG, 90/365/EEG en 93/96/EEG (PbEU L 158);
-
primair onderwijs: onderwijs in de zin van de Wet op het primair onderwijs;
-
voortgezet onderwijs: onderwijs in de zin van de Wet op het voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in de zin van de Wet op de expertisecentra;