Algemeen Reglement Mondriaan Fonds 2017

Het bestuur van het Mondriaan Fonds,

Besluit:

Hoofdstuk

I

Definities

Artikel

1

In deze regeling en de hierop te baseren deelregelingen wordt verstaan onder:

  • a.

    het fonds: het Mondriaan Fonds,

  • b.

    het bestuur: de directeur-bestuurder van het fonds,

  • c.

    deelregeling: een op deze regeling gebaseerde regeling waarin nadere regels zijn opgenomen over de verstrekking van een subsidie,

  • d.

    beeldend kunstenaar: degene die op professionele wijze werk maakt binnen het kader van de beeldende kunsten,

  • e.

    bemiddelaar: degene die professioneel werkzaam is zoals een curator, criticus, theoreticus of beschouwer, op het gebied van de beeldende kunsten en/of cultureel erfgoed en die projecten wil uitvoeren die leiden tot kennisverdieping en/of zichtbaarheid en inzichtelijkheid van de hedendaagse beeldende kunst en cultureel erfgoed in Nederland,

  • f.

    beeldende kunst: hedendaagse en actuele vormen van verbeelding die door beeldend kunstenaars worden vervaardigd binnen één of meer van de volgende terreinen:

    • teken-, schilder- en grafische kunsten,

    • beeldhouwkunst, (sociale) sculptuur en installatiekunst,

    • conceptuele kunst, performancekunst, artistiek onderzoek,

    • niet-traditionele vormen van beeldende kunst,

    • fotografie,

    • audiovisuele, digitale, geluids -en (nieuwe) mediakunst,

    • beeldende kunsttoepassingen,

    • kunst in de openbare ruimte,

  • g.

    cultureel erfgoed: alles wat cultuurhistorische waarde heeft en gezamenlijk de materiële en immateriële erfenis vormt van de Nederlandse samenleving. Hiermee worden bijvoorbeeld bedoeld voorwerpen in musea, archeologische vondsten, archieven en/of de daarmee verbonden gebruiken, gewoonten en verhalen, waarbij het moet gaan om een object, traditie of ritueel.

  • h.

    Platform: een organisatie met een rechtspersoonlijkheid, die een publiekstoegankelijk podium biedt voor beeldende kunst, waarbij winst niet het primair oogmerk is,

  • i.

    instelling: een publiek- of privaatrechtelijke rechtspersoon of een platform,

  • j.

    opdrachtgever: een instelling of natuurlijk persoon,

  • k.

    galerie: een professionele economisch zelfstandig functionerende en voor publiek vrij toegankelijke ruimte waar permanent(wisselende) tentoonstellingen plaatsvinden, met als doel werk van levende beeldende kunstenaars te verkopen

  • l.

    aanvrager: degene die een aanvraag doet,

  • m.

    Nederland: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de bijzondere gemeentes Bonaire, Sint-Eustatius en Saba,

  • n.

    belastbaar inkomen: het belastbaar inkomen bedoeld in de Wet op de inkomstenbelasting 2001,

  • o.

    bevoegd adviesorgaan: een onder welke benaming dan ook door het bestuur aangewezen adviseur of adviescommissie aan wie is opgedragen aanvragen op grond van een of meer deelregelingen te beoordelen.

Hoofdstuk

II

Doel

Artikel

2

Hoofdstuk

III

Algemeen

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Hoofdstuk

IV

Aanvraagprocedure

Artikel

10

Hoofdstuk

V

Beslissing

Artikel

11

Hoofdstuk

VI

Aan de subsidie verbonden verplichtingen

Artikel

12

Artikel

13

Beslissing en vaststelling subsidies lager dan € 25.000

Artikel

14

Beslissing en vaststelling subsidies van € 25.000 tot € 125.000

Artikel

15

Beslissing en vaststelling subsidies hoger dan € 125.000

Hoofdstuk

VII

Bezwaarprocedure

Artikel

16

Hoofdstuk

VIII

Slotbepalingen

Artikel

17

Bescherming persoonsgegevens

Het bestuur verstrekt geen vertrouwelijke informatie over een aanvraag aan derden. Het gaat hier om bedrijfs- en fabricagegegevens die door een aanvrager vertrouwelijk aan het fonds zijn medegedeeld of om persoonsgegevens als bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 2 van de Wet bescherming persoonsgegevens, tenzij de verstrekking kennelijk geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer maakt.

Artikel

18

Discretionaire bevoegdheid

In gevallen waarin de wet, de statuten, dit reglement of de betreffende deelregelingen niet voorzien, beslist het bestuur.

Artikel

19

Overgangsbepaling

Het Algemeen Reglement wordt met ingang van 1 januari 2017 ingetrokken. Op aanvragen die op grond van de Deelregelingen Beurzen Praktijkverdieping, Deelregeling Collectiemobiliteit, Deelregeling Flexibele Bijdrage Projectinvestering, Deelregeling Flexibele Projectinvestering Presentatie en Erfgoed Instellingen, Deelregeling Incidentele Aankopen, Deelregeling Internationale Samenwerking Erfgoedinstellingen, Deelregeling Meerjarenprogramma’s Presentatie en Erfgoedinstellingen, Deelregeling Collectieprogramma’s, Deelregeling Opdrachtgeverschap, Deelregeling Presentaties Buitenland, Deelregeling Publicaties, Deelregeling Talentontwikkeling in Internationale Context, Deelregeling Veiligheidszorg, Deelregeling WBT, Deelregeling WBT+, Deelregeling Werkbijdrage Jong Talent, Deelregeling Werkbijdrage WJT+, Deelregeling Wet Behoud Cultuurbezit, Deelregeling gast- en buitenlandateliers, Deelregeling kunstbeurzen of de Deelregeling Samenwerking Musea voor 1 januari 2017 zijn ingediend blijft het Algemeen Reglement van overeenkomstige toepassing.

Artikel

20

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2017. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst wordt uitgegeven na 31 december 2016, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 1 januari 2017.

Artikel

21

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Algemeen Reglement Mondriaan Fonds 2017.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De stichting Mondriaan Fonds, B. Donker directeur-bestuurder