Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
ambtenaar:
-
1°
de ambtenaar in de zin van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
-
2°
de ambtenaar in de zin van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal;
-
3°
de ambtenaar in de zin van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken;
-
4°
de ambtenaar in de zin van het Besluit algemene rechtspositie politie of het Besluit rechtspositie vrijwillige politie;
-
5°
de ambtenaar in de zin van het Algemeen militair ambtenarenreglement of het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie;
-
6°
gewezen ambtenaren;
-
7°
degenen die anderszins arbeid verrichten of hebben verricht bij een ambtelijke organisatie.
-
1°
-
b.
ambtelijke organisatie: de ambtelijke dienst van:
-
1°
elk ministerie;
-
2°
de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal;
-
3°
de Raad van State;
-
4°
de Algemene Rekenkamer;
-
5°
de Nationale ombudsman;
-
6°
de Hoge Raad van Adel;
-
7°
het Kabinet van de Koning;
-
8°
de Kanselarij der Nederlandse Orden;
-
9°
het secretariaat van de commissie van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten;
-
10°
de Raad voor de rechtspraak, de rechtbanken, de gerechtshoven, de Centrale Raad van Beroep, het College van beroep voor het bedrijfsleven, de niet rechterlijke leden van de Raad voor de rechtspraak en van de besturen van voornoemde gerechten daaronder begrepen, en de gemeenschappelijke diensten die twee of meer van de in dit onderdeel genoemde organisaties in stand houden;
-
11°
de Hoge Raad;
-
12°
de politie, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Politiewet 2012;
-
13°
de Politieacademie, bedoeld in artikel 73, eerste lid, van de Politiewet 2012;
-
14°
het secretariaat van de toetsingscommissie inzet bevoegdheden;
-
1°
-
c.
bevoegd gezag: het tot aanstelling bevoegde gezag in de zin van:
- 1°
- 2°
- 3°
- 4°
- 5°
- 6°
- 7°
-
d.
hoogste leidinggevende: de ambtenaar die de hoogste zeggenschap uitoefent bij de leiding van de arbeid in de ambtelijke organisatie;
-
e.
melder: de ambtenaar, de gewezen ambtenaar en degene die anderszins arbeid verricht of heeft verricht bij een ambtelijke organisatie die een vermoeden van een misstand meldt overeenkomstig hoofdstuk 2 van dit besluit;
-
f.
melding: de melding van een vermoeden van een misstand door een melder.