Besluit van 18 april 2017, houdende regels betreffende de exploitatie van de luchthaven Schiphol (Besluit exploitatie luchthaven Schiphol 2017)

Besluit exploitatie luchthaven Schiphol 2017

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 13 december 2016, nr. IenM/BSK-2016/297713, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 24 februari 2017, nr. W14.16.0415/IV);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 12 april 2017, IenM/BSK-2017/78393, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk

1

Algemeen

Artikel

1

Begripsbepalingen

Artikel

2

Luchtvaartactiviteiten

Hoofdstuk

2

Tarieven en voorwaarden, investeringsprogramma en investeringsprojecten

§

1

Vaststelling van tarieven en voorwaarden, aangepaste tarieven, aangepaste operationele voorwaarden, nieuwe tarieven en voorwaarden en investeringsprogramma

Artikel

3

Wijze van de mededelingen van de vaststelling

Artikel

4

Tijdstip van de mededelingen van de vaststelling

Artikel

5

Samenvoeging van de mededelingen van de vaststelling

Artikel

6

Bijdrage uit niet-luchtvaartactiviteiten

De in artikel 8.25dd, eerste lid, van de wet bedoelde bijdrage wordt bepaald met inachtneming van:

  • a.

    het verwachte gemiddelde jaarlijkse rendement over het eigen vermogen van de onderneming waartoe de exploitant van de luchthaven behoort in de tariefperiode;

  • b.

    het voor de eerstvolgende tariefperiode vastgestelde normrendement over het eigen vermogen van de onderneming waartoe de exploitant van de luchthaven behoort.

§

2

Vaststelling van raming, begroting en realisering van investeringsprojecten

Artikel

7

Wijze en tijdstip van de mededelingen inzake investeringsprojecten

De exploitant van de luchthaven doet de mededelingen inzake een investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, bedoeld in artikel 8.25df, tweede, vierde en vijfde lid, van de wet schriftelijk aan de projectgroep overeenkomstig de in de projectgroep gemaakte afspraken over de wijze en het tijdstip van deze mededelingen.

Artikel

8

Inhoud van de mededeling van de vaststelling van de raming

De exploitant van de luchthaven vermeldt in de mededeling van de vaststelling van de raming van een investeringsproject, bedoeld in artikel 8.25df, tweede lid, in ieder geval de door de leden van de projectgroep ingediende zienswijzen over de voorgestelde raming en functionele specificaties.

§

3

Voorstel voor tarieven en voorwaarden, aangepaste tarieven, aangepaste operationele voorwaarden, nieuwe tarieven en voorwaarden en investeringsprogramma

Artikel

9

Wijze van de mededelingen van en zienswijze over het voorstel

Artikel

10

Samenvoeging van de mededelingen van een voorstel

Artikel

11

Inhoud van een voorstel voor tarieven en voorwaarden

Het voorstel voor tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet, dat wordt gedaan met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid, van de wet bedoelde tarieven en voorwaarden, bevat in ieder geval:

  • a.

    een onderbouwing van de tarieven en voorwaarden in elk jaar van de tariefperiode;

  • b.

    een specificatie van de geraamde opbrengsten uit de overige activiteiten, bedoeld in artikel 2, tweede lid, voor elk jaar van de tariefperiode;

  • c.

    een overzicht, waarin in overeenstemming met het toerekeningssysteem voor elk jaar van de eerstvolgende tariefperiode is aangegeven welke materiële vaste activa in welke mate voor luchtvaartactiviteiten worden aangewend, alsmede welke kosten in welke mate aan de luchtvaartactiviteiten worden toegerekend, waarbij de kosten worden uitgesplitst naar kostensoort en naar het geheel van beveiligingsactiviteiten en het geheel van overige luchtvaartactiviteiten;

  • d.

    voor zover het de materiële vaste activa, bedoeld in artikel 29, negende lid, betreft, de reëel constante bedragen van de afschrijvings- en vermogenskosten per gebruikseenheid als bedoeld in de bij dit besluit behorende bijlage;

  • e.

    voor de luchtvaartactiviteiten:

    • 1°.

      een prognose van het volume van het verkeer en het vervoer van passagiers en vracht in het lopende boekjaar en in de eerstvolgende vijf boekjaren;

    • 2°.

      een prognose van de wijziging van de aanwending van de materiële activa, bedoeld in artikel 29, zevende lid, in elk jaar van de eerstvolgende tariefperiode;

    • 3°.

      een prognose van de wijziging van de totale opbrengst, inclusief een specificatie van de opbrengsten uit de verschillende tarieven, alsmede van de totale kosten met een nadere specificatie in overeenstemming met de kostenbenchmark, voor elk boekjaar van de eerstkomende tariefperiode ten opzichte van het lopende boekjaar;

    • 4°.

      een prognose van de efficiëntiewinst die in elk boekjaar van de eerstkomende tariefperiode ten opzichte van het lopende boekjaar zal worden behaald;

    • 5°.

      een prognose van het in artikel 32 bedoelde rendement in elk boekjaar van de eerstkomende tariefperiode ten opzichte van het lopende boekjaar; en

  • f.

    de omvang van de bijdrage, bedoeld in artikel 8.25dd, eerste lid, van de wet en de verdeling daarvan over elk van de jaren in de eerstvolgende tariefperiode.

Artikel

12

Inhoud van een voorstel voor aangepaste tarieven

Het voorstel voor aangepaste tarieven, bedoeld in artikel 8.25e, tweede lid, van de wet bevat in ieder geval:

  • a.

    een overzicht van elk van de door de gebruikers aan de exploitant van de luchthaven in artikel 8.25dg, eerste tot en met negende, elfde en twaalfde lid, bedoelde verschuldigde afzonderlijke verrekeningen, waarin de te verrekenen rentevergoedingen over de saldi van de te verrekenen bedragen, afzonderlijk zijn vermeld;

  • b.

    een voorstel tot het geheel of gedeeltelijk achterwege laten dan wel uitstellen tot uiterlijk het laatste van de drie aaneengesloten tariefjaren van een of meerdere van de in onderdeel a bedoelde verrekeningen, die in het eerstvolgende tariefjaar door de gebruikers zijn verschuldigd;

  • c.

    een voorstel tot het in mindering brengen of het achterwege laten van de in onderdeel a bedoelde rentevergoeding;

  • d.

    een overzicht van elk van de door de exploitant van de luchthaven aan de gebruikers in artikel 8.25dg, eerste tot en met negende, elfde en twaalfde lid, bedoelde verschuldigde afzonderlijke verrekeningen, waarin de te verrekenen rentevergoeding over de saldi van de te verrekenen bedragen afzonderlijk zijn vermeld;

  • e.

    de vermelding van de periode waarin de in onderdelen a en d bedoelde verrekeningen in de aangepaste tarieven worden verwerkt;

  • f.

    een overzicht van elk van de in artikel 8.25dg, tiende lid, van de wet bedoelde verschillen tussen de daadwerkelijke uitgaven en de begroting van elk investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, indien het verschil tussen de uitgaven en de begroting van een investeringsproject of afzonderlijk onderdeel daarvan gelijk is aan of groter is dan 5%. Het overzicht bevat tevens de vermelding van het resterende aantal jaren, waarin het verschil in afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten overeenkomstig artikel 8.25dg, tiende lid, van de wet, buiten de kosten en tarieven wordt gelaten; en

  • g.

    een overzicht van de mutaties van de onderscheiden in onderdeel a bedoelde verrekeningen en van elk van de in de in artikel 30 bedoelde financiële verantwoordingen over de aan het voorstel voorafgaande boekjaren nog resterende verrekeningen.

Artikel

13

Inhoud van een voorstel voor aangepaste operationele voorwaarden

Het voorstel voor aangepaste operationele voorwaarden bevat in ieder geval:

  • a.

    een omschrijving en onderbouwing van de voorgestelde aanpassing; en

  • b.

    de datum waarop de aangepaste operationele voorwaarden in werking treden.

Artikel

14

Inhoud van een voorstel voor nieuwe tarieven en voorwaarden

Het voorstel voor nieuwe tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet, dat wordt gedaan met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25db, eerste tot en met derde lid, van de wet bedoelde nieuwe tarieven en voorwaarden, bevat in ieder geval:

  • a.

    een onderbouwing van de nieuwe tarieven en voorwaarden in elk jaar van de resterende tariefperiode;

  • b.

    een overzicht en onderbouwing van de omvang van de verandering van de kosten van de exploitant van de luchthaven als gevolg van uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden als bedoeld in artikel 8.25db, tweede lid, van de wet, dan wel het besluit of de rechterlijke uitspraak, bedoeld in artikel 8.25db, derde lid, van de wet; en

  • c.

    voor zover de nieuwe tarieven en voorwaarden verband houden met onvoorziene en uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 8.25db, tweede lid, van de wet, een onderbouwing waarom deze omstandigheden, gelet op het bepaalde in artikel 22 als uitzonderlijk en onvoorzien worden aangemerkt.

Artikel

15

Informatie voorafgaand aan de mededeling van een voorstel voor tarieven en voorwaarden

Voorafgaand aan de mededeling van een voorstel voor de in artikel 8.25d, eerste lid, van de wet bedoelde tarieven en voorwaarden, verstrekken de gebruikers aan de exploitant van de luchthaven met betrekking tot elk van de eerstkomende vijf boekjaren informatie over:

  • a.

    de prognoses betreffende de omvang van hun verkeer en vervoer;

  • b.

    de prognoses betreffende de samenstelling en het geplande gebruik van hun vloot;

  • c.

    hun ontwikkelingsprojecten op de luchthaven; en

  • d.

    hun behoeften op de luchthaven.

Artikel

16

Informatie over het voorstel van het investeringsprogramma

§

4

Voorstellen voor raming investeringsprojecten

Artikel

17

Projectgroep

Artikel

18

Wijze en tijdstip mededeling voorstel raming

De exploitant van de luchthaven doet de mededeling van het voorstel met betrekking tot de raming van een investeringsproject, bedoeld in artikel 8.25e, zevende lid, van de wet, schriftelijk aan de projectgroep overeenkomstig de in de projectgroep gemaakte afspraken over het tijdstip en de wijze van die mededeling.

Artikel

19

Informatie over voorstel raming

§

5

Verrekeningen

Artikel

20

Tijdstip en wijze van verrekening

Artikel

21

Verschil investeringsuitgaven en investeringsbegroting

Het verschil tussen de daadwerkelijke investeringsuitgaven van een investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, en de investeringsbegroting, bedoeld in artikel 8.25dg, negende en tiende lid, van de wet, is 5%.

§

6

Uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden

Artikel

22

Uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden (tarieven en voorwaarden)

Uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden als bedoeld in artikel 8.25db, tweede lid, van de wet, zijn omstandigheden die:

  • a.

    de exploitant van de luchthaven niet kon voorzien op enig moment in de periode voorafgaand aan het tijdstip waarop hij de mededeling van de vaststelling van de tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.25db, eerste lid, van de wet, heeft gedaan;

  • b.

    die een buitenproportioneel groot effect en een ontwrichtende werking hebben op de omvang van de luchtvaartactiviteiten en het daarmee samenhangende gedeelte van de opbrengsten, kosten en resultaten van de exploitant van de luchthaven;

  • c.

    die niet dan wel in beperkte mate kunnen worden beïnvloed door de exploitant van de luchthaven;

  • d.

    waarvan de gevolgen niet, dan wel in beperkte mate kunnen worden verminderd door de exploitant van de luchthaven; en

  • e.

    waarin de ongewijzigde instandhouding van de bedoelde tarieven naar de in artikel 8.25dc, eerste, derde en vierde lid, van de wet bedoelde maatstaven niet mag worden verwacht.

Artikel

23

Uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden (investeringsproject)

Uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden als bedoeld in artikel 8.25dg, tiende lid, van de wet, zijn omstandigheden die:

  • a.

    optreden na vaststelling van de investeringsraming;

  • b.

    de exploitant van de luchthaven niet heeft kunnen voorzien op enig moment in de periode voorafgaand aan het tijdstip waarop hij de mededeling van de vaststelling van de raming en de daarbij behorende functionele specificaties, bedoeld in artikel 8.25df, tweede lid, van de wet heeft gedaan van elk investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan;

  • c.

    niet door de exploitant van de luchthaven zijn veroorzaakt;

  • d.

    buiten zijn invloed liggen en van niet-commerciële of niet financiële aard zijn; en

  • e.

    een buitenproportioneel groot effect hebben op de investeringsraming van het investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan.

§

7

Gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven

Artikel

24

Gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven

Bij de vaststelling van en het daaraan voorafgaand doen van een mededeling van een voorstel voor tarieven en voorwaarden ten behoeve van een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven als bedoeld in artikel 8.25dj, tweede en derde lid van de wet, is voor de exploitant van de luchthaven dit besluit in zijn geheel en voor de exploitant van de deelnemende overige burgerluchthavens, die een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven toepassen, de artikelen 2, eerste lid, 3, 4, 9, 11, onderdeel a, 15 en 27, eerste lid van overeenkomstige toepassing.

Artikel

25

Inhoud voorstel gemeenschappelijk transparant systeem van tarieven

Onverminderd het bepaalde in artikel 24 in samenhang met artikel 11, bevat het voorstel voor de tarieven en voorwaarden ten behoeve van een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven, bedoeld in artikel 8.25dj, vierde lid, van de wet, in ieder geval:

  • a.

    een lijst van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde faciliteiten en diensten die tegen betaling van de luchthavengelden ter beschikking worden gesteld;

  • b.

    de methodiek voor het vaststellen van de luchthavengelden;

  • c.

    de algemene kostenstructuur van de faciliteiten en diensten waarop de luchthavengelden betrekking hebben;

  • d.

    de opbrengsten uit de verschillende luchthavengelden en de totale kosten van de door de luchthavengelden gedekte faciliteiten en diensten;

  • e.

    eventuele overheidsfinanciering van de op de luchthavengelden betrekking hebbende faciliteiten en diensten;

  • f.

    prognoses betreffende de situatie van de luchthaven ten aanzien van de luchthavengelden, de ontwikkelingen van het verkeer en vervoer alsmede het investeringsprogramma;

  • g.

    het werkelijke gebruik van de luchthaveninfrastructuur en -apparatuur tijdens een bepaalde periode; en

  • h.

    de voorspelde resultaten van de in het investeringsprogramma opgenomen investeringen in termen van hun effect op de capaciteit van de luchthaven.

§

8

Beveiligingsactiviteiten ten behoeve van de burgerluchtvaart

Artikel

26

Afwijkende regels in geval van bijzondere aanwijzing

§

9

Klachtrecht en procestoets Autoriteit Consument en Markt

Artikel

27

Inhoud aanvraag bij de ACM

§

10

Benchmarks

Artikel

28

Totstandkoming benchmarks

§

11

Toerekeningsysteem en financiële verantwoording

Artikel

29

Toerekeningsysteem

Artikel

30

Financiële verantwoording

Artikel

31

Goedkeuring toerekeningsysteem

De Autoriteit Consument en Markt verleent goedkeuring aan het toerekeningssysteem voor ten hoogste zes jaar, waarbij deze zes jaar gekoppeld wordt aan maximaal twee tariefperioden.

Artikel

32

Geprognosticeerd rendement

Hoofdstuk

3

Verslaglegging

Artikel

33

Inhoud exploitatieverslag

Artikel

34

Oplevering en verstrekking verslag

Hoofdstuk

4

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

35

Overgangsbepalingen

Artikel

37

Inwerkingtreding

Indien de wet van 22 juni 2016 tot wijziging van de Wet luchtvaart inzake de exploitatie van de luchthaven Schiphol (Stb. 2016, 272) in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking.

Artikel

38

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit exploitatie luchthaven Schiphol 2017.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Wassenaar
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, S.A.M. Dijksma
De Minister van Veiligheid en Justitie, S.A. Blok

Bijlage

bij artikel 32

De berekening van het geprognosticeerde rendement

Het geprognosticeerde rendement (in procentpunten) in de drie boekjaren in de eerstvolgende tariefperiode is maximaal gelijk aan de gewogen gemiddelde vermogenskosten (Weighted Average Cost of Capital, WACC), zoals bepaald in deel C van deze bijlage, exclusief de in artikel 8.25dg, van de wet bedoelde verrekeningen.

De bepaling van het rendement van het totaal van de luchtvaartactiviteiten van de exploitant van de luchthaven heeft plaats overeenkomstig deel A van deze bijlage.

De bepaling van het afzonderlijk rendement van de beveiligingsactiviteiten van de exploitant van de luchthaven heeft plaats overeenkomstig deel B van deze bijlage.

De bepaling van de gewogen gemiddelde vermogenskosten (WACC) ter zake van de luchtvaartactiviteiten van de exploitant van de luchthaven heeft plaats overeenkomstig deel C van deze bijlage.

A

De berekening van het (toegestane) rendement

Het rendement op de Regulatory Asset Base («RAB») na belasting in boekjaar t wordt berekend door het aan de luchtvaartactiviteiten toe te rekenen resultaat in boekjaar t te delen door de waarde van de Regulatory Asset Base voor dat jaar. Om deze berekening te kunnen maken worden de onderstaande stappen beschreven.

Aan luchtvaartactiviteiten toerekenbare opbrengsten (AR)

Totale opbrengsten (AR) = totaal opbrengsten tarieven (a) + opbrengsten overige activiteiten die rechtstreeks verband houden met luchtvaartactiviteiten (b) + verplichte bijdrage niet-luchtvaartactiviteiten voor luchtvaartactiviteiten (c)

waarbij,

(a) totaal opbrengsten tarieven omvat de opbrengsten, zijnde de som van de producten van het aantal gebruikseenheden vermenigvuldigd met de vastgestelde tarieven voor landen, opstijgen, parkeren, afhandeling van passagiers alsmede beveiliging.

(b) opbrengsten overige activiteiten die rechtstreeks verband houden met luchtvaartactiviteiten omvat alle opbrengsten uit de in artikel 2, tweede lid, bedoelde activiteiten van de exploitant van de luchthaven.

(c) de verplichte bijdrage niet-luchtvaartactiviteiten voor luchtvaartactiviteiten betreft de in artikel 8.25dd, eerste lid, van de wet, bedoelde bijdrage.

Aan luchtvaartactiviteiten toerekenbare kosten (AC)

Totale kosten luchtvaartactiviteiten, exclusief vermogenskosten en vennootschapsbelasting (AC) = kosten (1) + afschrijvingskosten over materiële vaste activa op basis van de unuïteitenmethode (2)

waarbij,

1. kosten = operationele kosten (d) en afschrijvingskosten (e)

(d) operationele kosten omvatten onder meer personeelskosten, kosten materiaal, externe leveringen en uitbestede diensten, onderhoud en schoonmaak, intercompany leveringen en overige kosten.

De operationele kosten worden bepaald en toegerekend aan de luchtvaartactiviteiten op basis van het toerekeningssysteem en overeenkomstig aanvaardbare bedrijfseconomische principes.

(e) afschrijvingskosten over materiële vaste activa, exclusief afschrijvingskosten over materiële vaste activa, waarbij de afschrijving plaats heeft op basis van de unuïteitenmethode.

De kosten worden bepaald en toegerekend aan de luchtvaartactiviteiten op basis van het in artikel 29 bedoelde toerekeningsysteem en overeenkomstig aanvaardbare bedrijfseconomische principes.

2. Afschrijvingskosten over materiële vaste activa, waarbij de afschrijving plaats heeft op basis van unuïteitenmethode (f) = het totale bedrag aan afschrijvingskosten over materiële vaste activa op basis van unuïteitenmethode (g)

(f) materiële vaste activa, waarbij afschrijvingskosten worden bepaald op basis van unuïteitenmethode en investeringen betreft, waarvan de som van de uitgaven en bouwrente hoger is dan honderd miljoen euro, waarvan de vervaardigingsperiode langer dan een jaar is en waarbij ten tijde van het investeringsbesluit is verwacht dat zich na de ingebruikneming een geprognosticeerde initiële overcapaciteit voordoet.

Bij de inwerkingtreding van dit Besluit blijft de unuïteitenmethode van toepassing op de reeds in gebruik genomen investeringen, waarvan de oorspronkelijke som van de uitgaven en bouwrente hoger is dan honderd miljoen euro en waarbij ten tijde van het investeringsbesluit een initiële overcapaciteit werd geprognosticeerd na de ingebruikneming.

(g) afschrijvingskosten over de onder f bedoelde materiële vaste activa worden berekend volgens de unuïteitenmethode. Deze methode houdt in dat de jaarlijkse afschrijvingskosten op basis van de historische investeringsuitgaven, inclusief bouwrente, plus vermogenskosten in elk jaar van de levensduur een constant reëel bedrag c per gebruikseenheid bedragen. Bij de bepaling van de jaarlijkse afschrijving wordt rekening gehouden met de initiële overcapaciteit, die gelijk is aan het verschil tussen de geprognosticeerde capaciteit en de voor de verwachte vraag van luchthavenluchtverkeer, vervoer van passagiers en vracht benodigde capaciteit, zoals voorzien ten tijde van het investeringsbesluit.

De afschrijvingen op de vijfde baan hebben conform artikel 29, negende lid, plaats volgens de unuïteitenmethode.

Afschrijvingen op basis van de unuïteitenmethode worden met behulp van de onderstaande formules vastgesteld:

Uitgangspunt zijn reële constante kosten (afschrijvings- en vermogenskosten) per eenheid (c)

ofwel w = c × CAP

waarbij het bedrag w wordt als volgt berekend:

waarbij:

c = reële constante kosten (afschrijvings- en vermogenskosten) per eenheid.

CAP = aantal te leveren vervoers-, respectievelijk verkeerseenheden per jaar bij maximale capaciteit.

I 0 = de contante waarde van de grote investering, inclusief bouwrente gedurende de vervaardigingsperiode.

w = reëel constant bedrag van afschrijvingskosten en vermogenskosten per jaar bij volledige benutting van de capaciteit.

1-x = geprognosticeerde benutting (in procentpunten) van de capaciteit in jaar t, waarbij de initiële overcapaciteit x = a, b, etcetera.

D = disconteringsvoet: nominale WACC (na belasting) zoals bepaald overeenkomstig deel C van deze bijlage.

t = economische levensduur vanaf het moment van ingebruikneming (jaren 1 tot n) ;

T = het vigerende wettelijke tarief voor vennootschapsbelasting (in procentpunten).

p = geprognosticeerde jaarlijkse inflatiepercentage gebaseerd op het door het Centraal Plan Bureau in de Macro Economische Verkenningen geraamde consumentenprijsindex.

Bovenstaande berekening wordt uitgevoerd ten tijde van ingebruikname met betrekking tot materiële vaste activa, of voor bestaande, bij de inwerkingtreding van dit Besluit reeds in gebruik genomen materiële vaste activa, waarvan de oorspronkelijke som van de uitgaven en bouwrente hoger is dan honderd miljoen euro en waarbij ten tijde van het investeringsbesluit een initiële overcapaciteit werd geprognosticeerd na de ingebruikneming en vervolgens telkens na zes jaar. De resterende economische levensduur wordt daarbij afgeleid zoals voorzien ten tijde van het investeringsbesluit.

De berekening dient conform aanvaardbare bedrijfseconomische principes te worden uitgevoerd. De periode waarvoor de berekening wordt gemaakt is gekoppeld aan twee opeenvolgende tariefperioden.

Na de bepaling van w kunnen de jaarlijkse afschrijvingen (in nominale termen) door middel van de onderstaande formule worden berekend:

waarin:

AF = afschrijving op materiële vaste activa in nominale termen, waarbij AF het bedrag is dat ingevuld wordt in de formule inzake de aan luchtvaart toerekenbare kosten onder 2(g).

BW = boekwaarde van een materieel vast actief, dat op basis van de werkelijke investeringsuitgaven, vermeerderd met de bouwrente over deze uitgaven, in nominale termen in de Regulatory Asset Base (RAB) wordt opgenomen (vanaf het moment waarop de investering in gebruik wordt genomen).

Berekening van het rendement van de luchtvaartactiviteiten

Na bovenstaande stappen kan het rendement (r in procentpunten) na belasting over de Regulatory Asset Base («RAB») in boekjaar t worden berekend door het aan de luchtvaartactiviteiten toe te rekenen resultaat («R») in boekjaar t te delen door de waarde van de Regulatory Asset Base voor het boekjaar t:

waarbij R als volgt wordt berekend:

R = EBIT × (1–T) = (AR – AC) × (1 – T)

waarin:

Earnings Before Interest and Taxes (EBIT) = resultaat vóór interest en belastingen in jaar t.

Totale opbrengsten (AR) = totaal opbrengsten tarieven (a) + opbrengsten overige activiteiten die rechtstreeks verband houden met de luchtvaartactiviteiten (b) + verplichte bijdrage niet-luchtvaartactiviteiten voor luchtvaartactiviteiten (c).

Totale kosten luchtvaartactiviteiten, exclusief vermogenskosten en vennootschapsbelasting (AC) = kosten (1) + afschrijvingskosten over materiële vaste activa op basis van de unuïteitenmethode (2)

De in artikel 29, elfde lid, bedoelde Regulatory Asset Base (RAB) = de gemiddelde boekwaarde van de aan de luchtvaartactiviteiten toe te rekenen materiële vaste activa, berekend volgens de in artikel 29, achtste lid, bedoelde aanvaardbare bedrijfseconomische principes en de historische kostprijs.

Bij de bepaling van deze boekwaarde wordt het gemiddelde genomen van de verwachte dan wel gerealiseerde waarde van de RAB op 1 januari van jaar t en van de verwachte (voor prognose) dan wel gerealiseerde (voor verantwoording) waarde van de RAB op 31 december van jaar t.

Materiële vaste activa worden conform artikel 29, vijfde lid, eerst geactiveerd op het moment dat zij in gebruik worden genomen, vermeerderd met bouwrente over het te activeren bedrag van de investering in de periode vanaf de start van een investering tot het moment van oplevering.

RABtotaal = RABactiva + RABmateriële vaste activa op basis van unuïteitenmethode

waarbij:

RABactiva = de gemiddelde boekwaarde (geprognosticeerde waarde per 1 januari van jaar t, respectievelijk geprognosticeerde waarde 31 december van jaar t) van de aan de luchtvaartactiviteiten toe te rekenen materiële vaste activa (exclusief de boekwaarde van de materiële vaste activa op basis van unuïteitenmethode).

RABmateriële vaste activa op basis van unuïteitenmethode = de gemiddelde boekwaarde (geprognosticeerde waarde per 1 januari van jaar t, respectievelijk 31 december van jaar t) van de aan de luchtvaartactiviteiten toe te rekenen materiële vaste activa op basis van unuïteitenmethode.

Bouwrente = de weighted average cost of capital (WACC), zoals geldig gedurende de vervaardigingsperiode en bepaald overeenkomstig deel C van deze bijlage.

Bij de berekening van het maximaal toegestane geprognosticeerde rendement overeenkomstig artikel 32, worden de verrekeningen, bedoeld in artikel 8.25dg, van de wet niet meegenomen.

B

Berekening van het rendement over de beveiligingsactiviteiten

De berekening van het rendement over de beveiligingsacitiviteiten geschiedt op analoge wijze als de berekening van het rendement over de luchtvaartactiviteiten beschreven in deel A van deze bijlage met dien verstande dat:

  • de tariefopbrengsten bestaan uit de opbrengsten uit de tarieven met betrekking tot de beveiliging van de burgerluchtvaart en de overige aan de beveiliging van de burgerluchtvaart gerelateerde opbrengsten;

  • bij de bepaling van de kosten uitsluitend de door de exploitant van de luchthaven gemaakte kosten van de activiteiten met betrekking tot de beveiliging van de burgerluchtvaart, inclusief de kosten voor criminaliteitsbestrijding en openbare orde, worden toegerekend; en

  • de berekening uitsluitend plaats heeft over de Regulatory Asset Base voor de beveiliging van de burgerluchtvaart.

C

De gewogen gemiddelde vermogenskosten (wacc)

De WACC berekening na belastingen

De WACC na belastingen is gebaseerd op het zogenoemde Capital Asset Pricing Model (CAPM). De WACC wordt, rekening houdend met belastingen, berekend met behulp van de formule:

WACC = g × Kd × (1–T) + (1–g) × (Rf + (EMRP × Equity Bèta))

De parameters in de formule zijn de volgende:

  • WACC: Weighted Average Cost of Capital, de gewogen gemiddelde vermogenskosten (uitgedrukt in een percentage).

  • g: gearing; de forfaitaire waarde van de rentedragende schulden die aan de financiering van de Regulatory Asset Base worden toegerekend, gedeeld door de waarde van de Regulatory Asset Base; g bedraagt 0,4.

  • Rf = risicovrij rendement (uitgedrukt in een percentage); het gemiddelde effectieve rendement («yield to maturity») op een Nederlandse staatsobligatie met een resterende looptijd van 10 jaar over de 24 maanden voorafgaand aan 1 maart in het jaar waarin de exploitant van de luchthaven een in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet bedoeld voorstel voor tarieven en voorwaarden doet.

  • Kd = kostenvoet van rentedragende schulden (uitgedrukt in een percentage); de kredietopslag Kd-Rf bestaat deels uit een vergoeding voor het systematische risico en deels uit een liquiditeitspremie en een opslag voor faillissementsgerelateerde verliezen. De kredietopslag is gelijk aan het gemiddelde van het verschil tussen enerzijds de IBoxx Euro Non-Financials A Rated portefeuille, die obligaties bevat met een resterende looptijd van circa 10 jaar en anderzijds de 10-jaars rente op een staatsobligatie van een lidstaat van de eurozone met het laagste rentepercentage over de 24 maanden voorafgaand aan 1 maart in het jaar waarin de exploitant van de luchthaven een in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet bedoeld voorstel doet.

    Indien de IBoxx Euro Non-Financials A Rated portefeuille niet meer beschikbaar is, wordt door de exploitant van de luchthaven een daarmee vergelijkbare portefeuille van obligaties met een resterende looptijd van circa 10 jaar gebruikt. In dat geval bevat het voorstel voor tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet, dat wordt gedaan met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid, van de wet bedoelde tarieven, in aanvulling op de in artikel 11 genoemde informatie, een vergelijkbare portefeuille van obligaties met een resterende looptijd van circa 10 jaar.

  • T = het vigerende wettelijke tarief voor vennootschapsbelasting (uitgedrukt in een percentage) op het tijdstip waarop de exploitant van de luchthaven een in artikel 8.25e, eerste lid, van de wet bedoeld voorstel voor tarieven en voorwaarden doet. Indien ten tijde van het voorstel vaststaat dat per 1 januari van het boekjaar volgend op het boekjaar waarin het voorstel wordt gedaan, een gewijzigd wettelijk tarief voor vennootschapsbelasting geldt, wordt dit laatste percentage toegepast.

  • EMRP = Equity Market Risk Premium, de marktrisicopremie voor het eigen vermogen (uitgedrukt in een percentage); het rendement dat beleggers eisen voor het extra risico, dat beleggen in de marktportefeuille oplevert ten opzichte van beleggen in een risicovrije investering; EMRP is vastgesteld op 5,0%.

    Equity Bèta = de maatstaf voor het marktrisico (systematisch risico) van het eigen vermogen dat aan de financiering van de Regulatory Asset Base kan worden toegerekend.

  • De in de WACC-formule te gebruiken Equity Bèta wordt bepaald aan de hand van de navolgende formule, nadat de Asset Bèta, de Debt Bèta en g zijn bepaald:

    Asset Bèta + (Asset Bèta – Debt Bèta) × (g/(1–g)) × (1 – T),

    waarbij de parameters in de formule de volgende zijn:

  • Debt Bèta = de maatstaf voor het marktrisico (systematisch risico) van rentedragende schulden die aan de financiering van de Regulatory Asset Base kunnen worden toegerekend. De Debt Bèta heeft een vaste forfaitaire waarde van 0,08125.

  • Asset Bèta = de maatstaf voor het marktrisico (systematisch risico) dat verbonden is aan de activiteiten waarvoor de Regulatory Asset Base van de exploitant van de luchthaven ten dienste staat.

De Asset Bèta wordt als volgt bepaald:

  • 1.

    De exploitant van de luchthaven doet een voorstel voor de selectie van een zo groot mogelijk aantal (en te allen tijde ten minste vier) zo veel mogelijk representatieve beursgenoteerde luchthavens binnen de gebieden waar de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (EER) van toepassing is en Zwitserland op basis van hun vergelijkbaarheid met de luchthavenactiviteiten van de exploitant van de luchthaven op de luchthaven (zogenoemde peergroup) en raadpleegt de gebruikers en representatieve organisaties over dat voorstel.

    Evident niet vergelijkbare luchthavens maken geen deel uit van deze groep. Bij een beursnotering van de luchthaven Schiphol maakt deze te allen tijde deel uit van de geselecteerde luchthavens.

    Indien de exploitant van de luchthaven afdoende heeft aangetoond dat het aantal binnen de gebieden waar de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van toepassing is en Zwitserland, uit een oogpunt van vergelijkbaarheid met de luchthaven, representatieve, beursgenoteerde luchthavens minder dan vier bedraagt, worden uit een oogpunt van vergelijkbaarheid, representatieve, beursgenoteerde luchthavens buiten de EER en Zwitserland in vergelijkbare economische stelsels geselecteerd tot het genoemde aantal van vier uit een oogpunt van vergelijkbaarheid representatieve, beursgenoteerde luchthavens is bereikt.

  • 2.

    De Equity Bèta van elk van de geselecteerde luchthavens wordt herleid uit de koersrendementen van deze luchthavens gemeten over een periode van twee en vijf recente jaren. De koersrendementen worden berekend op basis van het gemiddelde van twee gangbare databronnen.

    Indien slechts gegevens over een kortere periode beschikbaar zijn, is het gebruik daarvan toegestaan, mits de gegevens een betrouwbare schatting van de Equity Bèta mogelijk maken.

  • 3.

    De Asset Bèta voor elk van deze luchthavens wordt vastgesteld door toepassing van de bovenvermelde Equity Bèta-formule. Daarbij wordt voor elk van deze berekeningen uitgegaan van de werkelijke vermogensverhoudingen van de desbetreffende luchthaven (g), waarbij de boekwaarde van rentedragende schulden van de onderneming wordt gedeeld op het totaal van de boekwaarde van rentedragende schulden plus marktwaarde van het eigen vermogen.

  • 4.

    Voorts wordt uitgegaan van het toepasselijke wettelijke belastingtarief van het land van vestiging van de desbetreffende luchthaven (T) en de geschatte kostenvoet en het marktrisico (systematisch risico) van het vreemd vermogen van de luchthaven (Kd, Debt Bèta).

  • 5.

    Voor de vaststelling van de Asset Bèta worden de twee- en vijfjaars mediaan Asset Bèta van de luchthavens in de gehele peergroup bepaald en wordt vervolgens de laagste van deze twee medianen gekozen.

De WACC berekening voor belastingen

Voor de berekening van de aan luchtvaartactiviteiten toe te rekenen kosten is het toegestaan om de WACC voor belastingen in de kosten door te berekenen. Bij de berekening van de aan de in artikel 2, eerste lid, bedoelde luchtvaartactiviteiten toe te rekenen kosten, wordt de WACC voor belastingen gehanteerd.

Het maximaal toegestane rendement voor belastingen wordt berekend met behulp van de onderstaande formule:

RABtotaalx WACC (na belastingen) / (1-T)

RABtotaal= overeenkomstig de berekening zoals opgenomen in deel A van deze bijlage.

WACC (na belastingen) = overeenkomstig de berekening zoals opgenomen in deel C van deze bijlage onder het kopje «WACC na belastingen».

T = het vigerende wettelijke tarief voor vennootschapsbelasting (in procentpunten).