-
1.
De aanvrager is een non-gouvernementele organisatie.
Onder non-gouvernementele organisatie wordt verstaan: een niet op winst gerichte en niet door een overheidsinstantie opgerichte of aan een overheidsinstantie statutair of feitelijk verbonden organisaties organisatie die beschikt over rechtspersoonlijkheid naar burgerlijk recht.
-
2.
De aanvrager heeft ervaring met het succesvol opzetten en uitvoeren van activiteiten gericht op voorlichtings- en bewustwordingscampagnes over risico’s die samenhangen met irreguliere immigratie voor potentiële irreguliere migranten naar Europa in hun herkomstlanden of transitlanden en kennis van het land of de landen waarin de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd worden uitgevoerd.
-
3.
De aanvrager is in staat tot een adequaat financieel beheer en kan door ervaringsdeskundigheid met betrekking tot activiteiten als waarvoor subsidie wordt gevraagd, een doelgerichte en doelmatige uitvoering van de activiteiten kunnen waarborgen.
-
4.
De aanvrager neemt aantoonbaar de meest recente inzichten5O.m. beschreven in WODC-rapport ‘Raising awareness, changing behaviour?’, cahier 2016-11. in acht over de effectiviteit van voorlichtings- en bewustwordingscampagnes over risico’s samenhangend met irreguliere migratie voor potentiële irreguliere migranten naar Europa in hun herkomstlanden of in transitlanden.
-
5.
De aanvraag is gericht op activiteiten gericht op voorlichtings- en bewustwordingscampagnes over risico’s die samenhangen met irreguliere immigratie voor potentiële irreguliere migranten naar Europa in hun herkomstlanden of transitlanden.
-
6.
De aanvraag is in voldoende mate gebaseerd op bij de aanvrager aanwezige kennis van, en door hem verricht onderzoek naar, de landen en de doelgroepen waarop de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd zijn gericht.
-
7.
De aanvraag voorziet in voldoende mate in monitoring en evaluatie van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, op basis van een methodologie voor waarvan de werkzaamheid in de praktijk is aangetoond.
-
8.
De aanvraag omvat in voldoende mate initiatieven die reële kans bieden op latere opschaling met behulp van EU-fondsen of andere middelen.
-
9.
De activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd zijn gericht op een of meer van de volgende herkomstlanden van irreguliere migratie naar Nederland en de EU: Afghanistan, Bangladesh, Gambia, Guinee, Irak, Iran, Ivoorkust, Mali, Niger, Pakistan, Senegal, Sudan.
-
10.
De gevraagde subsidie bedraagt ten minste € 1.000.000.
-
11.
Activiteiten waarin naar het oordeel van de Minister reeds in voldoende mate wordt voorzien door bestaande activiteiten komen niet in aanmerking voor subsidie.