Regeling van de Minister voor Medische Zorg van 24 september 2018, kenmerk 1418368-180788-Z, houdende bepalingen omtrent de in de Zorgverzekeringswet bedoelde vereveningsbijdrage voor het jaar 2019 (Regeling risicoverevening 2019)

Regeling risicoverevening 2019

Hoofdstuk

1

Definities en algemene bepalingen

Artikel

2

Artikel

3

Hoofdstuk

2

Regels ten behoeve van de toekenning van de vereveningsbijdrage (ex ante) aan een zorgverzekeraar

Artikel

5

Artikel

6

In afwijking van artikel 5 en bijlage 1, tabellen 1.2, 1.3, 1.4, 1.5 en 1.11, en bijlage 2, tabellen 2.2 en 2.3, wordt een verzekerde die in het buitenland woont ingedeeld in de klassen ‘Geen FKG’, ‘Geen primaire DKG’, ‘Geen secundaire DKG’, ‘Geen HKG’, ’Geen FDG’, ‘Geen FKG psychische aandoeningen’ en ‘Geen DKG psychische aandoeningen’, waarbij voor hem het gewicht van die klassen door het Zorginstituut wordt vastgesteld op een percentage van de gewichten van de desbetreffende klassen zoals deze op grond van de genoemde tabellen voor in Nederland wonende verzekerden gelden.

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Hoofdstuk

3

Regels ten behoeve van de vaststelling van de vereveningsbijdrage (ex post) ten behoeve van een zorgverzekeraar

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

Artikel

13

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

Artikel

17

De artikelen 5, tweede en derde lid, 6 en 9 zijn van overeenkomstige toepassing bij de vaststelling van de vereveningsbijdrage ten behoeve van een zorgverzekeraar.

Hoofdstuk

4

Aanvullingen op de vereveningsbijdrage aan een zorgverzekeraar

Hoofdstuk

5

Betaling van de vereveningsbijdrage aan zorgverzekeraar door het Zorginstituut

Artikel

19

De betaling van de bijdrage geschiedt overeenkomstig door het Zorginstituut te stellen beleidsregels, waarin een betaalschema is opgenomen dat rekening houdt met declaratiepatronen van zorgaanbieders.

Hoofdstuk

6

Slotbepalingen

Artikel

20

Deze regeling treedt in werking met ingang van 30 september 2018. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 29 september 2018, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 30 september 2018.

Artikel

21

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling risicoverevening 2019.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins

Bijlage

1

Normbedragen vereveningsmodel variabele zorgkosten

(behorende bij artikel 5 van de Regeling risicoverevening 2019)

De bijlage betreft kosten van zorg behorende tot het cluster ‘variabele zorgkosten’. De in deze bijlage genoemde gewichten zijn bedoeld voor de ex ante berekening van het normatieve bedrag ten behoeve van een zorgverzekeraar (artikel 5) en vormen de basis voor de ex post berekening van het normatieve bedrag ten behoeve van een zorgverzekeraar (artikel 11, tweede lid).

Tabel 1.1. Gewichten voor het vereveningscriterium leeftijd en geslacht (in euro’s per verzekerde)

Mannen

0 jaar, geboren in het vereveningsjaar

9.320.25

0 jaar, geboren in het voorafgaande jaar

2.814.85

1–4 jaar

2.181.48

5–9 jaar

2.001.07

10–14 jaar

2.001.70

15–17 jaar

2.084.57

18–24 jaar

1.858.44

25–29 jaar

1.859.81

30–34 jaar

1.859.44

35–39 jaar

1.938.25

40–44 jaar

2.007.80

45–49 jaar

2.142.81

50–54 jaar

2.302.10

55–59 jaar

2.586.41

60–64 jaar

2.876.98

65–69 jaar

3.275.53

70–74 jaar

3.728.88

75–79 jaar

4.112.85

80–84 jaar

4.474.99

85–89 jaar

5.091.72

90+ jaar

5.806.62

Vrouwen

0 jaar, geboren in het vereveningsjaar

8.081.17

0 jaar, geboren in het voorafgaande jaar

2.518.61

1–4 jaar

1.913.15

5–9 jaar

1.972.22

10–14 jaar

2.027.96

15–17 jaar

2.202.45

18–24 jaar

2.099.48

25–29 jaar

2.567.77

30–34 jaar

2.712.83

35–39 jaar

2.372.63

40–44 jaar

2.174.58

45–49 jaar

2.242.82

50–54 jaar

2.330.92

55–59 jaar

2.448.20

60–64 jaar

2.588.35

65–69 jaar

2.884.24

70–74 jaar

3.191.73

75–79 jaar

3.481.86

80–84 jaar

3.953.61

85–89 jaar

4.490.13

90+ jaar

5.122.20

Tabel 1.2. Gewichten voor het vereveningscriterium FKG’s (in euro’s per verzekerde)

Geen FKG

– 304.98

Schildklieraandoeningen

60.70

Glaucoom

253.50

Depressie

157.07

Psychose en verslaving

537.59

Epilepsie

562.65

Chronische antistolling

835.15

Transplantaties

1.280.02

Parkinson

2.346.19

Hartaandoeningen

1.803.11

Chronische pijn exclusief opioïden

932.64

Neuropatische pijn

1.733.88

Diabetes type II zonder hypertensie

387.58

Diabetes type II met hypertensie

827.11

Diabetes type I zonder hypertensie

1.833.68

Diabetes type I met hypertensie

2.088.89

Cystic fibrosis/pancreasenzymen

3.410.90

Groeistoornissen o.b.v. add-on

2.515.46

Aandoeningen van hersenen/ruggenmerg: overig

2.297.37

Aandoeningen van hersenen/ruggenmerg: multiple sclerose

5.433.38

HIV/AIDS

6.301.70

Psoriasis

707.63

Ziekte van Crohn/Colitis Ulcerosa

717.57

Reuma

670.40

Auto-immuunziekten o.b.v. add-on

5.602.18

Nieraandoeningen

7.788.79

Acromegalie

12.734.42

Immunoglobuline o.b.v. add-on

13.777.54

Astma

451.73

COPD/Zware astma

1.705.06

COPD/Zware astma o.b.v. add-on

12.671.23

Hormoongevoelige tumoren

919.57

Kanker

1.277.70

Kanker o.b.v. add-on

11.560.92

Pulmonale arteriële hypertensie

22.724.83

Extreem hoge kosten cluster 1

117.200.82

Extreem hoge kosten cluster 2

243.003.89

Extreem hoge kosten cluster 3

395.119.17

Tabel 1.3. Gewichten voor het vereveningscriterium primaire DKG’s (in euro’s per verzekerde)

Geen primaire DKG

– 222.95

1

655.60

2

1.409.39

3

1.358.90

4

1.586.29

5

2.778.97

6

2.484.10

7

4.478.37

8

6.225.54

9

7.415.23

10

7.161.87

11

11.859.12

12

15.192.18

13

12.727.44

14

67.546.91

15

49.059.05

Tabel 1.4. Gewichten voor het vereveningscriterium secundaire DKG’s (in euro’s per verzekerde)

Geen secundaire DKG

– 100.69

1

1.034.53

2

2.672.59

3

4.263.71

4

8.316.82

5

15.529.77

6

19.138.16

7

71.000.14

Tabel 1.5. Gewichten voor het vereveningscriterium HKG’s (in euro’s per verzekerde)

Geen HKG

– 52.92

CPAP apparatuur

219.18

Therapeutische elastische kousen

423.70

Voorzieningen voor stomapatiënten

1.171.92

Vernevelaar met toebehoren

1.936.39

Middelen voor urine-opvang

1.966.37

Injectiespuiten met toebehoren (excl. diabetes)

2.370.91

Zuurstofapparaten met toebehoren

4.181.33

Voedingshulpmiddelen (excl. zuigelingen)

8.169.70

Slijmuitzuigapparatuur

19.978.41

Draagbare infuuspompen

10.196.30

Tabel 1.6. Gewichten voor het vereveningscriterium AVI (in euro’s per verzekerde)

0-17 jaar

0.00

65+ jaar

0.00

Duurzaam en volledig arbeidsongeschikten (IVA)

18–34 jaar

2.416.64

35–44 jaar

1.328.18

45–54 jaar

1.175.46

55–64 jaar

894.82

Arbeidsongeschikten excl. IVA

18–34 jaar

239.77

35–44 jaar

472.55

45–54 jaar

524.41

55–64 jaar

447.67

Bijstandsgerechtigden

18–34 jaar

282.82

35–44 jaar

265.59

45–54 jaar

380.79

55–64 jaar

373.20

Studenten

18–34 jaar

– 171.04

Zelfstandigen

18–34 jaar

– 91.24

35–44 jaar

– 130.89

45–54 jaar

– 183.92

55–64 jaar

– 256.52

Hoogopgeleiden

18–34 jaar

– 10.55

35–44 jaar

– 73.12

Referentiegroep

18–34 jaar

20.91

35–44 jaar

– 19.96

45–54 jaar

– 62.13

55–64 jaar

– 89.15

Tabel 1.7. Gewichten voor het vereveningscriterium regio (in euro’s per verzekerde)

1

61.52

2

38.45

3

28.56

4

8.97

5

– 6.19

6

– 17.21

7

– 19.02

8

– 29.20

9

– 37.43

10

– 29.03

Tabel 1.8. Gewichten voor het vereveningscriterium SES (in euro’s per verzekerde)

1 (zeer laag)

0–17 jaar

95.57

18–64 jaar

21.12

65+ jaar

423.46

2 (laag)

0–17 jaar

19.89

18–64 jaar

30.96

65+ jaar

5.06

3 (midden)

0–17 jaar

– 12.95

18–64 jaar

10.65

65+ jaar

– 97.32

4 (hoog)

0–17 jaar

– 64.52

18–64 jaar

– 45.85

65+ jaar

– 254.85

Tabel 1.9. Gewichten voor het vereveningscriterium PPA (in euro’s per verzekerde)

0–17 jaar

0.00

Wlz-instelling, blijvend

18–64 jaar

– 409.34

65–79 jaar

– 2.185.89

80+ jaar

– 3.635.99

Wlz-instelling, instromend

18–64 jaar

6.943.54

65–79 jaar

12.840.46

80+ jaar

10.240.00

Eenpersoonshuishouden

18–64 jaar

– 43.96

65–79 jaar

– 35.59

80+ jaar

– 1.76

Overig

18–64 jaar

5.91

65–79 jaar

– 17.69

80+ jaar

– 28.98

Tabel 1.10. Gewichten voor het vereveningscriterium MHK (in euro’s per verzekerde)

Geen MHK

– 614.28

Ten minste 1 van de 3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 30 procent

140.62

2 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 10 procent

2.644.31

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 15 procent

2.314.77

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 10 procent

3.680.45

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 7 procent

5.640.12

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 4 procent

8.814.22

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 1,5 procent

18.070.99

3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 0,5 procent

45.981.27

Tabel 1.11. Gewichten voor het vereveningscriterium FDG (in euro’s per verzekerde)

Geen FDG

– 23.99

1

688.20

2

2.074.29

3

1.487.76

4

12.338.97

Tabel 1.12. Gewichten voor het vereveningscriterium MVV (in euro’s per verzekerde)

Geen MVV

– 194.17

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 3,5 procent

1.084.88

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 3 procent

1.711.95

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 2,5 procent

3.156.44

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 2 procent

5.805.57

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 1,5 procent

8.742.75

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 1 procent

11.882.64

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 0,5 procent

16.837.19

Gesommeerde kosten V&V 3 voorafgaande jaren in top 0,25 procent

30.851.12

Kosten V&V voorafgaand jaar in top 0,25%; 0–17 jaar

62.692.04

Bijlage

2

Normbedragen vereveningsmodel GGZ

(behorende bij artikel 5 van de Regeling risicoverevening 2019)

De bijlage betreft de kosten van zorg behorende tot het cluster ‘kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg’. De in deze bijlage genoemde vereveningscriteria zijn van toepassing voor verzekerden van achttien jaar en ouder; de gewichten zijn bedoeld voor de ex ante berekening van het normatieve bedrag ten behoeve van een zorgverzekeraar (artikel 5) en vormen de basis voor de ex post berekening van het normatieve bedrag ten behoeve van een zorgverzekeraar (artikel 11, tweede lid).

Tabel 2.1. Gewichten voor het vereveningscriterium leeftijd en geslacht (in euro’s per verzekerde)

Mannen

18–24 jaar

337.53

25–29 jaar

332.84

30–34 jaar

322.79

35–39 jaar

307.24

40–44 jaar

291.77

45–49 jaar

266.17

50–54 jaar

263.11

55–59 jaar

248.97

60–64 jaar

248.97

65–69 jaar

242.96

70–74 jaar

242.96

75–79 jaar

242.96

80–84 jaar

241.78

85–89 jaar

241.78

90+ jaar

241.78

Vrouwen

18–24 jaar

381.63

25–29 jaar

354.58

30–34 jaar

324.29

35–39 jaar

319.99

40–44 jaar

291.77

45–49 jaar

285.86

50–54 jaar

263.11

55–59 jaar

248.97

60–64 jaar

248.97

65–69 jaar

242.96

70–74 jaar

245.34

75–79 jaar

242.96

80–84 jaar

241.78

85–89 jaar

241.78

90+ jaar

241.78

Tabel 2.2. Gewichten voor het vereveningscriterium FKG’s psychische aandoeningen (in euro’s per verzekerde)

Geen FKG psychische aandoeningen

– 24.94

ADHD

146.81

Verslaving

186.04

Angststoornissen

804.34

Chronische stemmingsstoornissen

221.20

Bipolaire stoornissen regulier

508.99

Bipolaire stoornissen complex

1.547.19

Psychose

1.186.54

Chronische stemmingsstoornissen complex

1.858.73

Psychose depot

3.955.15

Tabel 2.3. Gewichten voor het vereveningscriterium DKG’s psychische aandoeningen (in euro’s per verzekerde)

Geen DKG psychische aandoeningen

– 112.71

1

427.49

2

953.93

3

1.706.40

4

3.781.56

5

4.444.05

6

4.851.13

7

8.574.11

8

10.498.00

9

10.772.75

10

18.088.17

11

20.245.57

12

31.962.24

13

37.384.73

14

51.077.60

15

49.229.35

16

119.883.52

17

61.143.01

Tabel 2.4. Gewichten voor het vereveningscriterium AVI (in euro’s per verzekerde)

65+ jaar

0.00

Duurzaam en volledig arbeidsongeschikten (IVA)

18–34 jaar

– 18.27

35–44 jaar

– 49.54

45–54 jaar

– 20.87

55–64 jaar

– 6.73

Arbeidsongeschikten excl. IVA

18–34 jaar

451.38

35–44 jaar

394.27

45–54 jaar

150.26

55–64 jaar

36.17

Bijstandsgerechtigden

18–34 jaar

349.14

35–44 jaar

193.91

45–54 jaar

125.40

55–64 jaar

42.42

Studenten

18–34 jaar

– 65.81

Zelfstandigen

18–34 jaar

– 72.01

35–44 jaar

– 49.54

45–54 jaar

– 20.87

55–64 jaar

– 6.73

Hoogopgeleiden

18–34 jaar

– 71.39

35–44 jaar

– 49.54

Referentiegroep

18–34 jaar

– 8.77

35–44 jaar

– 20.28

45–54 jaar

– 17.88

55–64 jaar

– 6.73

Tabel 2.5. Gewichten voor het vereveningscriterium GGZ-regio (in euro’s per verzekerde)

1

101.44

2

2.35

3

– 0.63

4

– 13.82

5

– 14.94

6

– 14.94

7

– 14.94

8

– 14.94

9

– 14.94

10

– 14.94

Tabel 2.6. Gewichten voor het vereveningscriterium SES (in euro’s per verzekerde)

1 (zeer laag)

18–64 jaar

– 4.25

65+ jaar

15.48

2 (laag)

18–64 jaar

– 13.20

65+ jaar

– 3.38

3 (midden)

18–64 jaar

– 13.20

65+ jaar

– 7.75

4 (hoog)

18–64 jaar

24.93

65+ jaar

– 2.75

Tabel 2.7. Gewichten voor het vereveningscriterium PPA (in euro’s per verzekerde)

Wlz-instelling, blijvend

18–64 jaar

– 19.10

65–79 jaar

– 39.56

80+ jaar

– 38.38

Wlz-instelling, instromend

18–64 jaar

– 19.10

65–79 jaar

650.41

80+ jaar

145.12

Eenpersoonshuishouden

18–64 jaar

68.02

65–79 jaar

29.42

80+ jaar

– 1.40

Overig

18–64 jaar

– 10.16

65–79 jaar

– 11.58

80+ jaar

– 2.02

Tabel 2.8. Gewichten voor het vereveningscriterium GGZ-MHK (in euro’s per verzekerde)

Geen GGZ-MHK

– 66.29

Ten minste 1 van de 3 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 98,5 procent met kosten GGZ >10 euro

234.61

Ten minste 2 van de 5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 10 promille1

1.324.18

Ten minste 2 van de 5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 5 promille1

2.844.28

Ten minste 2 van de 5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 2,5 promille1

4.962.25

Ten minste 2 van de 5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 1 promille1

11.724.57

5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 5 promille

13.683.23

5 voorafgaande jaren kosten GGZ in top 2,5 promille

28.724.45

1 Voor verzekerden jonger dan 24 jaar: ten minste 1 van de 5 voorafgaande jaren.

Bijlage

3

Normbedragen vereveningsmodel voor de eigen betalingen onder het verplicht eigen risico

Alleen volwassenen zonder FKG/primaire DKG/secundaire DKG/ HKG/FDG/MVV en niet ingedeeld bij MHK-klasse “2 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 10 procent” of hoger

(behorende bij artikel 8, tweede lid van de Regeling risicoverevening 2019)

De bijlage betreft het eigen risico.

De in deze bijlage genoemde gewichten zijn bedoeld voor de berekening van de specifiek voor een zorgverzekeraar geraamde opbrengst van het verplicht eigen risico (artikel 8, tweede lid) en vormen de basis voor de herberekening van de opbrengst van het verplicht eigen risico ten behoeve van de vaststelling van de vereveningsbijdrage van een zorgverzekeraar (artikel 16, tweede lid).

Tabel 3.1. Gewichten voor het vereveningscriterium leeftijd en geslacht (in euro’s per verzekerde)

Mannen

18–24 jaar

128.72

25–29 jaar

126.59

30–34 jaar

128.80

35–39 jaar

133.73

40–44 jaar

138.65

45–49 jaar

147.50

50–54 jaar

159.69

55–59 jaar

181.36

60–64 jaar

200.42

65–69 jaar

218.44

70–74 jaar

239.66

75–79 jaar

256.15

80–84 jaar

259.31

85–89 jaar

263.66

90+ jaar

251.04

Vrouwen

18–24 jaar

176.61

25–29 jaar

174.21

30–34 jaar

170.68

35–39 jaar

168.58

40–44 jaar

175.45

45–49 jaar

183.43

50–54 jaar

191.94

55–59 jaar

201.20

60–64 jaar

210.53

65–69 jaar

225.30

70–74 jaar

243.90

75–79 jaar

258.35

80–84 jaar

258.62

85–89 jaar

249.92

90+ jaar

220.79

Tabel 3.2. Gewichten voor het vereveningscriterium AVI (in euro’s per verzekerde)

65+ jaar

0.00

Duurzaam en volledig arbeidsongeschikten (IVA)

18–34 jaar

78.90

35–44 jaar

68.89

45–54 jaar

60.85

55–64 jaar

44.13

Arbeidsongeschikten excl. IVA

18–34 jaar

56.19

35–44 jaar

64.70

45–54 jaar

51.71

55–64 jaar

33.73

Bijstandsgerechtigden

18–34 jaar

44.19

35–44 jaar

46.40

45–54 jaar

37.27

55–64 jaar

16.98

Studenten

18–34 jaar

– 8.85

Zelfstandigen

18–34 jaar

– 5.34

35–44 jaar

– 8.01

45–54 jaar

– 10.25

55–64 jaar

– 13.59

Hoogopgeleiden

18–34 jaar

– 10.10

35–44 jaar

– 12.58

Referentiegroep

18–34 jaar

0.44

35–44 jaar

– 0.55

45–54 jaar

– 3.08

55–64 jaar

– 2.26

Tabel 3.3. Gewichten voor het vereveningscriterium regio (in euro’s per verzekerde)

1

6.00

2

3.06

3

2.23

4

0.20

5

0.22

6

– 1.65

7

– 2.17

8

– 2.60

9

– 2.49

10

– 3.05

Tabel 3.4. Gewichten voor het vereveningscriterium MHK (in euro’s per verzekerde)

Geen MHK

– 31.53

Ten minste 1 van de 3 voorafgaande jaren variabele zorgkosten in top 30 procent

58.11