Artikel
1
Vrijstelling hercertificatie
1
Er wordt vrijstelling verleend aan de certificaathouder wiens certificaat verloopt in de periode van 1 maart tot en met 30 juni 2020, maar die de werkzaamheden waarvoor het certificaat is vereist, wil blijven verrichten, van de verplichting een verzoek te doen tot hercertificatie in de periode van 1 maart 2020 tot en met 31 augustus 2020 indien het gaat om een certificaat als bedoeld in:
-
a.
artikel 4.9, tweede lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit;
-
b.
de artikelen 4.54d, vijfde en zevende lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit;
-
c.
de artikelen 6.14a, derde lid, en 6.16, derde, zesde en zevende lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit; of
-
d.
paragraaf 6.2.1 van Bijlage XII bij de Arbeidsomstandighedenregeling.
2
De in het eerste lid bedoelde certificaathouder kan, nadat de geldigheidsduur van het certificaat is verlopen, de werkzaamheden waarvoor het certificaat was afgegeven, voortzetten tot en met 31 augustus 2020 met inachtneming van de overigens bij of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet ter zake van het certificaat of de werkzaamheden bestaande verplichtingen.