Artikel
1
Begripsbepaling
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
belangrijkste luchtverontreinigende stoffen: stikstofoxiden (NOx), fijn stof (PM10 en PM2,5), ammoniak (NH3) en zwaveldioxide (SO2);
-
decentrale uitvoeringsplannen: plannen, bedoeld in artikel 3, vierde lid, van het SLA;
-
emissieverlagend project: project waarbij minimaal 70% van de kosten worden gemaakt ten behoeve van technische, sociale of juridische maatregelen gericht op een directe, structurele verlaging van emissies naar de lucht van de belangrijkste luchtverontreinigende stoffen;
-
innovatieve maatregelen: ten behoeve van een betere luchtkwaliteit, voor Nederland nieuwe technieken of maatregelen, sociale innovatie of een niet gangbare combinatie van bestaande technieken of maatregelen, gericht op het oplossen van technische of niet-technische knelpunten, het beperken van risico’s of het verkrijgen van kennis door middel van onderzoek en testen;
-
kennis- of adviesproducten: eindresultaat van een onderzoek, verkenning, inventarisatie, toets of berekening, gericht op het inventariseren of evalueren van maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren;
-
minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
-
ontvanger: gemeente of provincie of samenwerkingsverband van een of meer gemeenten of provincies die partij zijn bij het SLA;
-
overig project: project gericht op:
-
a.
innovatieve maatregelen;
-
b.
het vergaren van kennis- of adviesproducten; of
-
c.
communicatie- of participatieactiviteiten.
-
a.
-
pilotproject: pilotproject, genoemd in de op de datum van aanvraag geldende uitvoeringsagenda van het SLA;
-
project: emissieverlagend project, overig project en pilotproject.
-
schadekosten: kosten van op geld waardeerbare maatschappelijke schade die een bepaalde hoeveelheid emissies van een luchtverontreinigende stof per tijdeenheid veroorzaakt;
-
SLA: Schone Lucht Akkoord;
-
uitvoeringsagenda: op de datum van aanvraag geldende uitvoeringsagenda, genoemd in artikel 2, achtste lid, van het SLA.